21-08-13

Di 6 aug 2013 - Woestijnbeelden in de Provence

reisverslagen

Ik neem me voor te voet naar de bakker te gaan. Naadloos volg ik de instructies die Thea me zondag heeft gegeven om er vlot te geraken, maar ergens loopt het toch mis. Ik doe er drie keer langer over dan voorzien en kom op plaatsen die niet in de routebeschrijving voorkomen. Tot overmaat van ramp blijkt de bakker dicht te zijn.

Omdat we vandaag toch redelijk wat kilometers te verteren hebben, ga ik niet te voet verder zoeken naar een boulanger, maar neem ik de auto.

Even later rijden we naar het zuiden, richting Roussilon. Het lijkt alsof net werd aangekondigd dat er in het rode dorpje niet langer water uit de kraan komt, maar stromend goud. Een zondvloed aan vakantiegangers wil net nu Roussilon bezoeken. De 5 dorpsparkings zitten propvol en voor elke plaats die vrijkomt, wordt gevochten zoals de Meden en de Perzen dat nooit hebben gedaan. Na een klein uur slalommen door de veel te smalle steegjes van het dorp hebben we er genoeg van. We rijden naar de voet van het dorp en hangen de Audi er in een boom.

Rousillon is bekend van de okerontginning. 'Le sentier des ocres' trekt in het hoogseizoen massa's toeristen die zich komen vergapen aan de okerkleurige rotsformaties en eindeloze vergezichten. Wij doen vandaag gewillig mee ook al leent de buitentemperatuur zich niet meteen voor lange wandelingen, steile afdalingen of stevige klimmen. Het fonteintje met drinkbaar water net buiten het domein is by far de grootste attractie; in rijen staan ze er bij aan te schuiven.

Met een wrap achter de kiezen, rijden we via Gordes naar de abdij van Sénanque. Gelegen in een diepe vallei en omgeven door een hectare lavendelvelden is het de ideale fotostop voor elke zichzelf respecterende Japanner.

Sénanque is opgericht in de twaalfde eeuw en blinkt uit in soberheid. Geen franjes of overdadige tierlantijntjes in de kapitelen van de zuilen, geen kleurrijke fresco's op de muren, geen beelden of andere religieuze taferelen die de monniken zouden kunnen afleiden. Hun leven bestond uit ora en labora. Vanuit de slaapzaal stonden ze zo in de kerk om op de meest onchristelijke uren te gaan bidden. De enige plek waar een beetje warmte te vinden was (letterlijk dan), het scriptorium, was voorzien van een open haard.

Onze jonge gids is begeesterd door Sénanque. Ze begeleidt de groep alsof het voor haar de eerste keer is dat ze de uitleg doet. Geen eindeloos opsommen van namen en data, wel een correcte en tot de fantasie sprekende beschrijving van het leven in de abdij.

Ze doet de rondleiding uniquement en français en dat is dan ook het enige punt van kritiek dat we haar kunnen geven. Niet dat ze Frans spreekt, wel dat ze zo snel praat en een zodanig gespecialiseerd vocabulaire hanteert dat de dikke Duitsers of enerverende Engelsen er geen woord van overhouden.

Het zwarte leder van de Audi is gloeiend heet als we terug in de auto kruipen. 'Zetelverkouding', bestaat dat eigenlijk? Anders neem ik er ineens 4.

's Avonds is het postkaartjestijd op het terras. Rune en Finn schrijven vlijtig het merendeel van de kaartjes. Ik hou het beperkt tot 4. Het is zowat het enige moment in het jaar dat we actief gebruik maken van de post. Waar is de tijd van de gele briefkaart die we richting de BRT moesten sturen om kans te maken op een mooie prijs bij de gebroeders Verreth of een bouwplan wilden aanvragen bij Danny Verbiest (toen nog zonder hond) ten tijden van Kameleon? Honderden gele kaarten zijn er vertrokken vanuit mijn ouderlijk huis, meer dan Finn en zijn peter in hun leven ooit bij elkaar zullen krijgen als ze weer eens buiten de lijntjes kleuren op het voetbalveld.

Bij een lekkere rosé uit de Bourgogne begin ik aan de 'Nieuwe wijnsurvivalgids' om goed gewapend te zijn wanneer ik de komende dagen ga proeven.

22:22 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

De commentaren zijn gesloten.