19-05-17

Nieuwe reisblog - Sur ma route

De Skynetblogs hebben nu echt wel hun beste tijd gehad, daarom heb ik alle reisverslagen overgezet naar een nieuwe site: Sur ma route.

Je vindt hem hier: https://t.co/92cdStHNrd

DCJtPzpXsAAfj8X.jpg

 

08:05 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

15-08-15

Vr 7 aug 2015 - Weinig app-laus in Poitiers

De drukkende warmte en het oncomfortabele bed zorgen ervoor dat ik vannacht geen oog dicht doe, letterlijk dan. Hoe ik me ook draai, ik geraak niet in slaap. In de overtuiging dat soezen beter is dan opstaan, blijf ik liggen. Als de wereld rondom je stil is, hoor je alles: de krekels die blijven tsjirpen tot een stuk in de nacht, de vogels die wakker worden en dit onmiddellijk met hun soortgenoten willen delen, een warmteonweer dat opkomt, verschillende keren luid uithaalt om dan met uitdovend gegrommel in het niets te verdwijnen.

Het onweer brengt een koelte in de ochtend, maar ook dan vind ik geen moment m'n slaap.

Met kleine oogjes neem ik een douche. De kinderen zijn allemaal op en hebben goed geslapen. Ook Belinda heeft eindelijk nog eens een goede nacht gehad.

Het is de eerste dag met doenbare temperaturen, ook in de zon. Bij momenten oogt het wolkendek dreigend, maar het lost alleen een beetje gemiezer.

De kinderen hebben de Joepie ontdekt die bij in het zomertijdschriftenpakket zit dat Belinda heeft gekocht voor naast het zwembad.

De rubriek met vragen en antwoorden over seks en relaties is gefundenes fressen voor de oudste kinderen van het gezelschap die op de vooravond van hun puberteit staan. Wanneer is het tijd voor je eerste keer? Doet het pijn? Welk voorbehoedsmiddel gebruik ik best? Finn en Lars horen het Rune allemaal enthousiast voorlezen in de auto op weg naar Poitiers en kunnen niet anders besluiten dan 'Bah, vies!' Lune blijft zedelijk stil bij deze expressieve voorleessessie.

Ons eerste bezoek aan Poitiers was met de geflopte lichtshow niet echt een hoogvlieger. De fraai uitgegeven toeristische brochure van Poitiers belooft ons echter een magistraal bezoek door de 'hoofdstad van de romaanse kunst'. Vooraf heb ik twee apps geïnstalleerd: een gratis audiogids en een speurtocht door de stad op maat van kinderen begeleid door een digitale privédetective.

Ook al ligt de duur van elke uitleg binnen de grenzen van het aanvaardbare, ik laat de audiogids voor wat hij is. Een eerste luistermoment is saai, terwijl er met de voorgevel van de Notre-Dame meer te doen valt volgens mij.

Het interieur van de kerk is heel druk door de vele polychrome patronen die op de zuilen zijn aangebracht. Nog nooit zag ik een romaanse kerk zo uitbundig versierd. Ook het invallende licht door het glasraam achteraan in de kerk werpt kleur op de zwart-witte tegels van het koor. 

Het contrast met de gotische cathédrale Saint-Pierre kan niet groter zijn. De kerk straalt niets uit, heeft geen ziel. Ze is bombastisch maar saai, qua constructie en inkleding. We zijn er buiten nog voor we goed en wel binnen zijn.

Tot nu toe hebben we weinig aan de apps gehad die ik vooraf heb gedownload. Ook de tweede app, 'Portée Disparue', bleek bij de start niet bruikbaar omdat het stadsplannetje dat we moesten volgen geen enkele straatnaam bevatte en veel te schematisch was getekend om effectief te kunnen volgen. Tijdens onze lunch in bistrot Le Gil leg ik het plannetje van de app naast het echte stratenplan om een en ander op elkaar af te stemmen. Ik vind zelfs het startpunt van de tweede zoektocht niet eens. De idee om met een app de stad te verkennen aan de hand van audiovisueel materiaal op verschillende locaties is zeer origineel, alleen is het wel balen dat je niet eens weet hoe je moet wandelen. Gelukkig is het eten wel dik in orde en origineel gebracht tegen een zeer schappelijke prijs.

Poitiers weet zich goed te verkopen aan de toeristen met fraai uitgegeven brochures, apps en twee (?) toeristische diensten op het plein voor de Notre Dame, maar voor zover wij de stad hebben leren kennen, is de enige echte trekpleister de Notre-Dame zelf. Buiten dit historische stuk is er bijzonder weinig ambiance in de straten.

Na een fabrieksijsje en een bezoek aan een replica van het Vrijheidsbeeld dat een even grote invloed op ons nalaat als het kleine pissende ventje in Brussel op een bus selfiestick-Japanners, trekken we terug naar Breuil Mingot met opnieuw de Joepie als bezighouder. 

De Joepie bevat dezer dagen meer dan alleen gossip over tieneridolen en als stijladvies gecamoufleerde reclame voor kleding- en prulariawinkels. De kids laten hun creativiteit volop gaan bij het moderne sprookje met invullijntjes dat een pagina in het jongerenmagazine inneemt. Bij elk invullijntje staat wat ze op de lijntjes moeten invullen. Zo ontstaat voor iedereen een eigen maf verhaal over zijn of haar BFF, met Robbe als voorlezer van dienst.

Dat ze het echt leuk vinden, blijkt wanneer we nog een korte stop maken bij de supermarkt voor een paar inkopen voor vanavond en morgen: iedereen wil in de auto blijven zitten om te luisteren naar de sprookjes van de anderen. 

De pastasalades voor morgen worden klaar gemaakt, de auto ingeladen. Voor de laatste keer wordt de barbecue gloeiend heet gezet en duiken de kinderen in het koele water. 

De vakantie zit erop. Een week complete 'zen' en dat met vijf kinderen, ik had het enkele jaren geleden nooit kunnen denken. Plannen worden gesmeed voor komende vakanties en de rest van de toekomst. Positieve vibes die energie geven.

16:44 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

13-08-15

Do 6 aug 2015 - Bijtgrage handtassen in Civaux

reisverslagen

 

De hemel lijkt op een kudde schapen die ergens in een Iers heuvelland staan te grazen. Toch is het ook vanochtend drukkend warm. 

Initieel zou vanaf donderdag het weer keren en daarom staat het bezoek aan de Planète des Crocodiles pas ten vroegste vandaag geprogrammeerd. Niemand gaat immers vrijwillig wanneer het buiten meer dan 35 graden is de hitte van een serre met reptielen opzoeken. Als het frisser is buiten, met zelfs kans op regen, zal de glazen koepel best aangenaam zijn. Dat was althans het plan wanneer we het weekprogramma opstelden.

Ook vandaag schuifelt de thermometer echter gestaag richting 35 graden. De Planète des Crocodiles staat reeds van in het begin van de vakantie op het verlanglijstje van de kinderen en omdat we Poitiers niet willen bezoeken als het zo warm is, zetten we toch koers richting Civaux.

De koeltorens van de kerncentrale van Civaux suggereren hun aanwezigheid al van op tientallen kilometers afstand. Het is de enige plek aan de horizon waar nieuwe schapen aan de kudde worden toegevoegd. 

Van dichtbij lijken de wolkenmakers tot aan de hemel te reiken. De gigantische koepels van glas waarin meer dan 200 krokodillen en alligators verblijven, valt erbij in het niets. Net als het nabijgelegen tropisch zwembad en het duikbassin, profiteert ook de Planète des Crocodiles van het warme water dat de kerncentrale voortbrengt, zelfs nadat het via de koeltorens is gepasseerd. 

Onze vrees wordt bewaarheid: het is beklemmend warm binnen, zeker op plaatsen waar de zon vrij spel heeft. We zijn niet de enigen die het warm hebben. Iedereen blijft hangen in de schaduw van bananenbomen en cacaoplanten die een tropisch biotoop moeten creëren voor de reptielen die er levenloos bijliggen met hun bek wijd open, wachtend om gevoederd te worden.

Na een korte intro door een van de dierenverzorgers trekken de kinderen allemaal een plastic doktershandschoen aan. Ze mogen de nijlkrokodillen voederen. De beesten hebben een all inclusive Civaux geboekt, dat is duidelijk: ze krijgen de kipfilets zo in hun spitse bek gegooid. Finn gooit iets te enthousiast en zijn kipje belandt op de rug van de krokodil. De lichaamsbouw van het beestje laat het niet toe om er zelf naar te happen, maar ook de andere dieren zijn niet direct geneigd tot veel activiteit vanmiddag. 

Even later zijn de alligators aan de beurt. Zij worden door de verzorger zelf uit hun kot gelokt en moeten al meer moeite doen. Aan een flexibele haak hangt hij kippenbouten die hij met een stok en een lange kabel in de alligatorput laat zakken. Eerst moet hij de bouten nog laten dansen voor de stompe bek van de beesten, maar even later is hun instinct toch uit zijn winterslaap gekomen en beginnen de kaken naar het kant-en-klare vlees te happen. 

Het leidt tot redelijk indrukwekkend uithalen van de alligators. Deze Australische beestjes staan bekend als menseneters. Elk jaar sterven er meer dan 100 mensen door aanvallen van bijtgrage Australische handtassen. Door de stok omhoog te trekken, verplicht de verzorger de dieren om soms tot een meter boven het water uit te komen. De eerste keer dat dat gebeurt schrik je je een ongeluk, want ze vallen razendsnel aan zoals de raptors in Jurassic World.

Na een verplicht bezoek aan de souvenir-shop waar bergen plastic en pluchen prullaria staan uitgestald en waar Lune en Finn hun elfendertigste knuffelbeestje kopen van hun zakgeld, snakken de kinderen naar de koelte van het zwembad. 

Ook al is het de voorlaatste dag van de vakantie, de kinderen zijn elkaar nog lang niet beu. Ze bedenken telkens nieuwe spelletjes of varianten op spelletjes die ze eerder al speelden. Ze spelen alleen of in teams, bedenken verschillende rollen per spel en ook de kreten die ze hierbij maken, zijn op z'n minst origineel te noemen. 

Van aan de waterkant stijgt plotseling het geluid van een sirene op. Finn is gestoken door een wesp. Rune ontfermt zich direct over zijn broer, alle dagdagelijkse strubbelingen vergetend. Het is ernstig, geen krokodillentranen (sorry voor de flauwe woordspeling, nvdr), maar tranen van pijn en angst. Tussen de uithalen van Finn door, wordt mijn aandacht afgeleid door een luid gebons. De zebra staat met z'n vuist op het raam van de keuken van het kasteel te kloppen. That does it. Ze mogen een gepeperde recensie verwachten op Tripadvisor en 'kindvriendelijk' zal er niet echt in voorkomen.

Het ijsblokje dat Belinda op de plaats van de steek legt, mist zijn verdovende werking niet. Even later is Finn opnieuw in z'n plooi en duikt hij terug het water in zoals het een waterkieken betaamt.

10:15 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

12-08-15

Wo 5 aug 2015 - Halle Proeft op verplaatsing

reisverslagen

Onbeperkt tabletten. Dat moet zowat de ultieme vakantiedroom van onze kids zijn. Het digitale snijplankje is niet meer weg te denken uit hun leven. Ze staan ermee op en gaan ermee slapen, als ze niet af en toe op onze timings zouden stoten. 

GameMeneer is een van hun helden. De Nederlandse jongen heeft ondertussen 350.000 volgers op zijn youtube-kanaal en belooft elke dag om 20 uur een nieuw filmpje over Minecraft en andere games die hot zijn bij kinderen. Als je kinderen een T-shirt willen van een of andere Nederlandse knul met jeugdpuisten, dan is de wereld er redelijk verknipt aan toe.

We willen dat de kinderen aan voldoende slaap toe komen. Vandaar de regel dat er pas vanaf half 9 gegamed mag worden, vandaag zelfs pas vanaf 9 uur gezien het late aankomstuur gisteren. Anders zouden sommigen er zeker hun wekker voor zetten om vroeger te kunnen starten.

Iedereen valt vanochtend laat uit z'n bed. Een dagje Futuroscope is blijkbaar erg vermoeiend. 

De siëstamodus waarin iedereen gedijt, is die van een relaxte zondagochtend die langzaam voorbij glijdt en moeiteloos overgaat in de namiddag. 

Deze namiddag staan er geen activiteiten op het programma waardoor de kids hun zwemtijd optimaal kunnen benutten. Onder de naaldbomen zitten twee ouders te lezen met een half oog op het opspattende water. Het zwembad ligt er verleidelijk bij gezien de bloedhete temperaturen. Deze namiddag geeft de thermometer 43 graden in de zon aan. De wind is volledig gaan liggen en de wereld lijkt te smelten op z'n Dali's. Toch blijft het water fris aanvoelen en verkiezen we de klammigheid boven het koude chloorwater.

In Vivonne, een dorpje op zo'n half uurtje cruisen van de gite, vindt vanavond een marché des producteurs plaats. Lokale telers, kwekers en bouwers bieden er hun producten aan tegen een schappelijke prijs, meestal tegen de prijs van op het domein. De gemeente zorgt voor tafels en stoelen en de schepen van feestelijkheden wordt daar gedurende de hele avond via de micro uitgebreid voor bedankt, een mooie precampagne voor de volgende lokale verkiezingen. 

We arriveren min of meer op het geafficheerde startuur en er heerst al een gezellige drukte aan de kraampjes. De eerste drie rijen tafels zitten vol, maar het is duidelijk dat ze in de loop van de avond nog een half dorp verwachten. Ik tel nog zo'n 15 min of meer lege rijen.

Samen met de kinderen wandelen we eerst langs de kraampjes om een idee te krijgen van het aanbod. Er heerst bij het merendeel weinig enthousiasme over het aanbod op de marché. Ik kan begrijpen dat geitenkaas, escargots en vreemd ogende stukken vlees niet direct appetizers zijn voor de jonge soort, maar er zit zeker voor ieder wat wils tussen. 

Lars en Rune zijn de fijnproevers van de bende. Ze willen alles proeven en kunnen ook echt genieten van een lekker gerecht. Finn zegt standaard dat hij iets niet lekker vindt als het niet in zijn shortlist van lasagne, friet of mosselen staat, maar draait iedere keer bij wanneer hij effectief aan het eten is en breidt hierdoor systematisch zijn smaakuniversum uit. Lune is een van de grootste afnemers van Boursin-kaas ter wereld, toch per kop gerekend, en is gek van Italiaans eten, vooral spaghetti alla carbonara, maar past net als Finn voor alles wat onbekend is of ooit eens onbemind was. Ze maakt echter veel meer bombarie van iets dat haar niet zint van eten dan wie ook van de kinderen. Robbe is mister fastfood en eet met lange tanden. Hij lust weinig tot niets en kan ook helemaal niet genieten van eten dat niet vooraf gefrituurd werd. Toch maakt hij er geen circus van; eten is voor hem een taakje net als de tafel dekken en afruimen op maandag.

We kopen bewust geen frietjes omdat ze pas nog friet hebben gegeten en ook zaterdag staan er goudgele stokjes op het programma als beloning voor een rustige terugrit. We halen enkele bordjes met rauwe groentjes, een braadkip en een volledig brood om te starten. Niet direct een binnenkopper bij de kids op het eerste zicht, maar iedereen eet ervan, al dan niet na wat tegenpruttelen. Bij een wijnboer koop ik een flesje druivensap voor de kinderen. Even later volgen escargots, oesters en mosselen voor de liefhebbers. Ze krijgen geld mee om zelf een dessert te kopen en komen even later terug met flan en appelcake. 

Ondertussen is het park volledig dichtgeslibd; er is geen zitplaats meer vrij en ook aan de kraampjes is het drummen. 

Al gauw staan er enkele lokale Fransozen aan onze tafel met de vraag of ze mee mogen aanschuiven. De kinderen zijn ondertussen gaan spelen en we zien hier dus ook geen graten in. De oudere man van het gezelschap zit nog maar net op de bank of hij offreert ons elk al een glas rode wijn. De sfeer is direct gemoedelijk, al drinken we toch eerst onze witte wijn op die we in een kraampje vonden voor 5,4 euro. Niet slecht voor een wijn met twee sterren in de Guide Hachette en een coup de coeur van de jury. 

Samen komen met vrienden, maar ook nieuwe contacten maken, daar gaan de Franse marktjes over. Eten en drinken is hiervoor een ideaal kader. 

Dat was ook de reden waarom we samen met Fries en Leentje dit jaar voor de eerste keer Halle Proeft hebben georganiseerd. Halle is van de drie Zoerselse deelgemeenten sowieso de meest bruisende met de avonden Parkplezier in de zomer, de stratenloop, de volksspelen, de 6 uren van Halle mountainbike, enz. Maar er was nog niet echt een evenement waarbij niet de sport of de muziek centraal staat, maar wel het genieten van lokale proevertjes en gerechten. 

De opkomst overtrof onze verwachtingen en die van de meer dan 20 standhouders. Op een bepaald moment hebben we 1500 aanwezigen geschat. Over heel de namiddag en avond geteld moeten er meer dan 2000 proeflustigen op afgekomen zijn.

Een van de fijnste commentaren achteraf was dat er ook heel veel mensen aanwezig waren die anders zelden naar evenementen in onze deelgemeente komen omdat sport of muziek hen weinig zegt. 

We hebben met Halle Proeft een eigen invulling gegeven aan het concept van de Franse avondmarktjes. Niet alleen producenten, maar ook de lokale horeca en verenigingen stonden met een stand rond de kiosk op ons dorpsplein. We hebben geprobeerd om het aanbod op de verschillende stands min of meer op elkaar af te stemmen en de prijzen zo democratisch mogelijk te houden zodat er aan zoveel mogelijk stands geproefd kon worden. Op de Franse marktjes zie je dat de prijzen elk jaar stijgen waardoor een stukje vlees eten met het gezin voor sommigen ongetwijfeld niet meer mogelijk is en dat is jammer. De dranken zijn nog wel steeds goedkoop, zowel aan de algemene drankstand als bij de wijnboertjes die consequent de prijs van op hun domein blijven vragen.

Iets voor negen gaan we de kinderen zoeken die ondertussen op het nabijgelegen speelpleintje aan het socializen zijn met Franse leeftijdgenootjes. En dat lukt blijkbaar zeer goed, zelfs voor Lune die amper drie woorden Frans spreekt. Ze wist vanavond zelfs een pakje friet af te troggelen bij enkele jongens uit de Vienne.

We rijden naar Poitiers en parkeren in de ondergrondse aan de Notre-Dame-la-Grande, een romaanse kerk uit de elfde eeuw. Volgens de toeristische brochure van Poitiers is er elke avond in de zomer een lichtspektakel op de voorgevel van de Notre-Dame, 'een magische polychrome lichtshow opgebouwd rond zeven thema's: mineraal, planten, huwelijk, Radegund, byzantijns, lapis lazuli en puur pigment'.

Eerder zag ik dit soort projecties al in Gent en Reims. In combinatie met aangepaste muziek wisselen de taferelen zich af; je kijkt je de ogen uit. 

Ook al zijn we er op het uur dat in de brochure vermeld staat, er is weinig animo op het pleintje voor de kerk. Heb ik me vergist van kerk? Ik spreek een lokale hangmijnheer aan en die bevestigt dat we op de juiste plek zijn. Wanneer het precies begint, weet hij niet. 

De toeristische dienst blijkt gelukkig nog open. De dame met op haar badge de vlag van het Verenigd Koninkrijk spreekt me in haar beste schoolengels aan, ook al begin ik netjes in het Frans en weet ik me redelijk verstaanbaar uit te drukken. Jammer toch dat ik direct herleid word tot Amerikaan omdat mijn tongval niet dezelfde is als die van de Poitierse aan de balie. We zijn blijkbaar een uur te vroeg. Ik wijs haar op de brochures die ook in haar boetiekje staan en ze zegt prompt dat het fout in de brochure staat. Case closed, denkt ze bij zichzelf. Next!

Er zit niets anders op dan ergens een terrasje te doen. Elk nadeel heeft zo z'n voordeel.

Iets voor half elf zoeken we een goed plekje uit op het pleintje voor de kerk dat ondertussen al goed volgelopen is. De voorgevel van de kerk is ondertussen verlicht. Het spektakel kan elk moment beginnen. 

Na 10 minuten kijken de kinderen ongeduldig mijn richting uit. Wanneer begint het nu?

Ik steek het op Franse stiptheid en zeg dat ze nog even geduld moeten hebben. Inwendig grommel ik en maak ik snode plannen om de jongemeid van de toeristische dienst over haar toonbank te trekken en ze origami-gewijs haar foldertjes te laten plooien tot allerhande boerderijdieren.

Vijf minuten later valt het licht uit en begint iedereen te applaudisseren. 

(...)

Dat was het? Zijn we daarvoor vroeger terug gekomen van de marché des producteurs? Hebben we hiervoor zo lang gewacht?

Even later zit ik op ons terras de foto's van de kerk te bekijken en merk ik dat er verschillen zijn in de belichting op gedeelten van de voorgevel. Blijkbaar zaten de 7 thema's in een stilstaande projectie die op zich niet veel voorstelt. 

Ik zet mijn hoop op ons bezoek van vrijdag om de Notre-Dame in al haar glorie te bewonderen.

15:33 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

11-08-15

Di 4 aug 2015 - Bwaaaaaaaaah!

v5rlcs9a7lrcq4v7nd67uqvue2jvdbug3rkj7orfah65ndtvf.jpeg

Futuroscope werd opgericht in de buurt van Poitiers. Het pretpark ligt op een twintig minuten van ons kasteeltje en staat op de shortlist van de kinderen.

Al van op grote afstand vallen de imposante gebouwen en constructies op die het park typeren. Het gegil dat je doorgaans op achtbanen hoort, heb je hier niet.

Futuroscope is dan ook een ander soort pretpark. Elke attractie, met uitzondering van de kinderwereld, is indoor, wat het pretpark veel minder afhankelijk maakt van het weer. De meeste attracties zijn 3D- of 4D-avonturen die je in een fantasiewereld werpen, zoals de wereld van Le petit prince of een wilde achtervolging in een stad in de toekomst. Op andere momenten koers je op een racecircuit of door smalle straatjes in een Frans dorpje. Ook al weet je dat je naar een scherm zit te kijken, je plakt geregeld tegen de rugleuning van je stoel en Lars wordt er zelfs misselijk van. 

Het is het best georganiseerde park dat ik al bezocht heb. Zitplaatsen in attracties worden zo optimaal mogelijk benut, dankzij de medewerkers die bezoekers erop aanspreken en goed weten waar ze mee bezig zijn. Bij het begin van elke attractie staat de wachttijd digitaal aangegeven en op verschillende plaatsen staan er overzichtsborden van het park met de wachttijden, zodat je de snelste keuze kunt maken. Via een app hou je alle wachttijden in de gaten en zie je ook hoelang je in elke attractie bezig bent en bij de meeste attracties is er een free WiFi-zone.

In de wachtrij van de attracties zijn er meestal ook zoethoudertjes voorzien om het wachten zo aangenaam mogelijk te houden, van projecties op een bewegende waterwand, en bewegende constructies aan het plafond, over een hink-stap-spel, tot zelfs een volledig konijnenmuseum bij de Lapins Cretins

Wachten wordt op die manier een belevenis. Het mag wel, want wachttijden van 30 minuten en meer zijn meer regel dan uitzondering. 

Om de kosten een beetje te drukken heeft Belinda sandwiches gemaakt. Die verorberen we in de wachtrijen om zo weinig mogelijk tijd te verliezen. Ook al is het park open tot middernacht, het zal niet mogelijk zijn om alle attracties te bezoeken. 

Het is weer gruwelijk warm vandaag. De waterkraantjes die her en der verspreid staan in het park zijn meer dan welkom om de nodige verfrissing te brengen. Ook dat heb ik nog in geen enkel park meegemaakt. 

Pas tijdens de show van illusionist Bertran Lotth valt het me op hoe groot de gebouwen van de attracties zijn. Het aantal zitjes in iMagic moet niet onderdoen voor de Warande in Turnhout. En toch zijn ook hier alle zitjes in geen tijd optimaal bezet. 

Maar goed ook dat Bertran wat ruimte heeft voor zijn show, want de illusies die hij uit zijn mouw schudt zijn redelijk straf, hij aarzelt ook niet om net iets spectaculairder dan zijn collega's uit de hoek te komen. Samen met zijn assistente kleedt hij een grote kooi aan met een ondoorzichtig doek. De kooi wordt rond gedraaid door de assistente en even later trekt hij samen met zijn assistente de doeken open zodat de volledige scène door het doek wordt ingenomen. Wanneer het doek naar beneden valt, staat er een helikopter in de kooi, de wieken tot in de côté cour en de côté jardin. En dat in slechts enkele seconden. Onwaarschijnlijk. Later in de show doet hij de truc min of meer opnieuw maar dan zonder doek. Geen twee tellen later staat er een sportvliegtuigje op de scène. 

The Raving Rabbits, een animatiereeks op Nickelodeon, is tot vandaag voor mij onbekend terrein. Destructieve ADHD-konijnen die de wereld danig op z'n kop zetten en ergerlijk veel lawaai maken, is niet direct my cup of tea. Een constante eigenlijk bij al die Nickelodeon-figuurtjes: ze zijn luid, hyperkinetisch en slecht gedubd.

Nu, veel gedub hebben die lapins cretins niet nodig. Verbaal komen ze niet verder dan 'Bwaaaaaaaaaaa!' Een universele kreet blijkbaar om de totale ondergang aan te kondigen.

Hoe dwaas ook, de kinderen willen ondanks de wachttijd van meer dan een uur toch de konijnen zien. Ook Robbe, bijna klaar voor het secundair onderwijs, is fan, waarschijnlijk zelfs de grootste van de vijf.

Na een dikke 50 minuten mogen we binnen ... verder aanschuiven. We schuifelen verder door een konijnenmuseum met parodieën op grote kunstwerken met de Rabbits in de hoofdrol. Even later staan we met z'n zevenen voor een camera te roepen, wat best een leuke foto oplevert van ons gezinnetje. 

Eindelijk is het aan ons. We gaan klaar staan voor een wc-deur en stappen binnen in de wereld van de konijnen. Drie wagentjes staan klaar, en zoals bij ongeveer elke attractie zetten we ook hier onze 3D-bril op. De Rabbits laten een wasmachine ontploffen en schieten hierdoor terug in de tijd. De wagentjes schuiven langs verschillende taferelen uit de geschiedenis en ver daarvoor. De wasmachine ploft neer in de ijstijd, bij de Grieken, bij de indianen en zelfs bij Beethoven op z'n piano. De scènes zijn hectisch maar verschrikkelijk grappig. 

Na de tweede scène loopt het mis: de wagentjes blijven staan. In Jurassic Park zou een mens hier zenuwachtig van worden, voor hetzelfde geld zit er even later een T-rex op het dak van je Land Rover te beuken. Hier is het gewoon wachten op de technieker van dienst. Eerder vandaag was La machine à voyager dans le temps ook al een tijdje buiten gebruik door technische problemen. De attractie is een van de nieuwste van het park en heeft blijkbaar last van kinderziekten.

Het licht in de tunnel gaat aan. De magie lost op. De sensoren worden zichtbaar. De bordkartonnen enscenering ook. 

Het valt me op dat het laatste wagentje waar Rune en Finn inzitten nog deels in de tunnel staat waardoor ze de laatste scène maar gedeeltelijk konden zien. Wanneer de technieker komt vertellen dat het nog een kwartier zal duren, wijs ik hem op de situatie en vraag ik hem of we de attractie opnieuw kunnen doen na afloop.

Hij ziet hier geen graten in en zal zijn collega verwittigen. Bij aankomst is echter niemand op de hoogte. Toch maakt ook de eerste de beste collega die ik hierover aanspreek er geen probleem van om ons nog een keer de rit te laten maken. Omdat de Rabbits zo druk door de scènes schieten, zie je een tweede keer heel wat dingen die je tijdens een eerste rit niet zijn opgevallen. Geluk bij een ongeluk dus dat we met een technische panne zaten.

Ons laatste wapenfeit is de klank- en lichtshow op het water. In een grote arena, gebouwd rond een enorme waterpartij, zitten we ons met duizenden te vergapen op het spektakel. 

Grote muren van water worden uit het wateroppervlakte gespuwd. Hierop komen metershoge grote projecties tot leven die een verhaal van goed en kwaad vertellen. Dansende en musicerende kikkers, redelijk fout uitgedoste mannelijke vlinderfiguren en militaristisch ogende slechteriken die begeleid worden door vuurkolommen die hoog boven het water een zuilengalerij van vuur vormen.

Zeer indrukwekkend allemaal. Als kers op de taart volgt er nog een vuurwerk van een tweetal minuten dat volledig synchroon loopt met de muziek. Prachtig gewoon. En om 23 uur begint gewoon nog eens dezelfde show voor de nachtmensen en voor iedereen die er niet genoeg van kon krijgen.  

Futuroscope is niet goedkoop. 42 euro voor een volwassene en 35 euro per kind. Tel daarbij nog eens 7 euro voor de parking en je bent een kleine citytrip kwijt op een dag. Het park is anderzijds een absolute must om te doen als je in de buurt bent. Trek er een volledige dag, inclusief de avond voor uit. Het is een totaalervaring die je minstens een keer in je leven moet beleven. 

00:34 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

10-08-15

Ma 3 aug 2015 - De kwaliteit van wc-papier zegt veel ...

De nacht was een aaneenrijging van power naps, met dat verschil dat we helemaal niet uitgeslapen zijn. Het veel te harde minibed, het ochtendlicht dat te vroeg binnen schijnt en de warmte van de kamer maakt doorslapen godsonmogelijk. 

Thuis genieten we al een tijd van airco op de kamers. Soms is het voldoende om de airco even op te zetten tijdens het tandenpoetsen voor je gaat slapen en na vijf minuten is de kamer lekker fris, op andere momenten laten we de koeling de hele nacht door blazen. Het verschil met deze equivalent van een serre zijn we niet meer gewoon.

De jongens zijn al betrekkelijk vroeg wakker vanmorgen, Lune houdt nog haar schoonheidsslaapje. 

Met Rune, Finn en Lars ga ik het proviand voor de dag inslaan. Een belangrijke aankoop want vanmiddag staat de langverwachte hotdog-wedstrijd op het programma. Door de luidsprekers klinkt Johnny Cash. We besluiten om iedere keer we een bocht tegen komen of ergens moeten afslaan keihard 'Jihaaa!' te roepen en ondertussen een lassobeweging te maken. Met alle rondepunten die we tegen komen is het een ge-Jihaaa dat het een lieve lust is. Al snel blijkt dat we onze ambitie moeten bijstellen. We spreken af dat we het nog één keer gaan doen, straks als we met iedereen in de auto zitten op het moment dat we de oprijlaan van het domein afrijden. 

Ondertussen gaan de conversaties in de Dacia over het al dan niet mogen plaatsen van windmolens in je tuin tot de prijs van bouwgronden in België. Tja, de kinderen worden duidelijk een jaartje ouder. 

Wanneer we de grote metalen poort van het kasteel voorbijrijden, zien we een man druk gesticuleren achter de poort met de bedoeling dat we vaart zouden minderen. De man in de zwart-witte polo ziet er chique uit, dat moet de man des huizes zijn. Enigszins verwonderd door zijn drukke armbewegingen - we reden amper 40 en er was niet het begin van een stofwolk te zien - nemen we de zakken sandwiches en de extra Weense worsten mee naar onze vleugel.

Na het ontbijt rijden we richting Cave du Haut-Poitou in Neuville-de-Poitou om onze wijndegustatie van gisteren in te halen en een consumptievoorraadje in te slaan voor de week. De cave is een immens complex, een ordegrootte die anders de voorselectie van de wijntrip niet zou overleven. Maar de poorten zijn gesloten, ook al gaf de app van de guide Hachette aan dat de cave op maandag te bezoeken is. Steeds vaker blijken de openingsdagen en -uren van de wijndomeinen niet meer kloppen met de realiteit. Dan proberen we deze namiddag maar een ander domein in de buurt, maar ik ga zeker vooraf even bellen of ze effectief open zijn.

Voor de kinderen is er geen probleem, zij duiken onmiddellijk terug het water in, terwijl ik een ander wijndomein zoek in de gite. 

Na een kwartier wordt er op de deur geklopt. Vreemd ... de deur is los, de kinderen kunnen binnen. 

Isabelle staat aan de deur. Ze heeft een blad in de hand waarop ik mijn handtekening herken. 

Ze toont me schuchter het blad dat onwennig trilt. Met haar rechterwijsvinger schuift ze over het blad tot ze bij een rode tekst in een kader komt. Isabelle duidt de eerste regel aan. 

"Zwemmen kan van 8.30 tot 12.30 en van 15 tot 18 uur"

Ze hort er allerlei redenen uit waarom dit zo is bepaald, maar geeft zelf al onmiddellijk de nodige soepelheid aan. "Als het een keer 18.15 uur is, is dat uiteraard ook geen probleem."

Een ander verhaal dan wat ik te horen krijg aan het zwembad. De man met de zwart-witte polo was blijkbaar al komen briesen tegen de kinderen dat ze te luidruchtig waren. Ook al verstaan de oudste kinderen nog maar een mondje Frans, de boodschap was hen duidelijk geworden. 

Inderdaad, ik heb de basisvoorwaarden van de gite ondertekend bij de boeking, maar dat is een half jaar geleden. Is het zoveel moeite om dit soort zaken even te herhalen bij de rondleiding in de gite of, nog beter, om een soort van welkomstmap te voorzien met alle do's en don'ts, als dit effectief zo belangrijk is?

In de gite is er geen welkomstmap te bespeuren, alleen een stapeltje folders van mogelijke attracties in de buurt. Toch zou een map wel welkom zijn, alleen al maar om te begrijpen hoe de jetdouche werkt, waar je met je afval naartoe moet, enz. 

Soit, we maken er ons niet druk in. We vinden het zelf wel uit. Trouwens, nu staan er belangrijker zaken op het programma, zoals de hotdog-wedstrijd.

Deelnemers: Finn, Lars, Rune en Robbe

Reporters van dienst: Belinda (video) en Tom (foto)

Supporter van achter een Jommekes-strip: Lune

Iedere deelnemer krijgt zes hotdogs met ketchup. Wie alle hotdogs binnen speelt in twee minuten wint. Lukt het niemand om ze allemaal op te eten, dan wint de deelnemer die het meeste heeft gegeten. 

De jongens starten fluks aan de wedstrijd en beginnen al vanaf seconde één te proppen. Een kapitale fout, zo blijkt, want het kauwen verloopt hierdoor even moeizaam als joggen door een drassige polder in het Verdronken land van Saeftinghe. Robbe heeft een extra handicap met de beugel die op zich al heel wat van zijn speelveld in beslag neemt. 

Naarmate de seconden verder tikken, daalt het aantal broodjes per minuut. De deelnemers die eerder hadden gepleit voor een hotdogwedstrijd van een uur zijn blij dat we enige nuchterheid hebben toegepast op het wedstrijdreglement en kijken uit naar de iPad die na de twee minuten met passend geblaf een halt zal toeroepen aan deze vreetwedstrijd.

Lars wint met enkele centimeter hotdoglengte van Rune. Brons is voor Finn. Robbe eindigt laatst maar met complimenten van de jury omwille van zijn eethandicap.

Na een telefoontje met een tweede wijndomein weet ik dat we er terecht kunnen vanaf 14.30 uur. Het domein La Tour Beaumont ligt in Beaumont, op zo'n 20 minuten rijden van onze gite. We worden hartelijk verwelkomd door de gastvrouw die ons doorheen de degustatie leidt. In de koele degustatieruimte is er een kinderhoekje voorzien, alleen is dat niet voorzien op vijf kinderen. Zonder morren zoeken Finn en Lune een ander plekje in de ruimte op. 

De dame neemt haar tijd en laat haar volledige assortiment aan rosé, wit en rood proeven. De Sauvignon coeur de tuffeau 2014 en de Gamay rouge 2014 vallen het meest in de smaak. De laatste is een eenvoudige rode wijn die slechts 4,4 euro per fles kost. Hij kleurt zeer licht en lijkt meer op een hele donkere rosé dan op een rode wijn. Fris gekoeld moet hij zalig zijn. We leggen hem bij thuiskomst dan ook direct in de ijskast.

Voor we doorgaan offreert de dame ons nog om even in de cave te gaan kijken waar de inoxen tonnen staan waarin de wijn ligt te rijpen, de wijn gebotteld wordt en de flessen geëtiketteerd. Op zich geen moeite om het even aan te bieden, maar het gebeurt wel. Net als de toeristische foldertjes die ze verzamelt en uitdeelt aan de bezoekers van de degustatieruimte. 

De dame heeft meer commerciële feeling en klantgerichtheid in haar kleine teen dan het koppel dat de gites van het kasteel runt. 

Een belangrijke indicator of een eigenaar van een verblijf het zuiver voor het geld doet of de gasten zich van bij het begin welkom wil laten voelen, is het toiletpapier dat je op de wc vindt. Heb je lekker zacht toiletpapier van eenzelfde soort in het kleinste kamertje, dan getuigt dat van een basisbezorgdheid voor je bips en een respect voor je als gast. Vind je een mandje met vier verschillende soorten wc-papier dat gewrongen zit tussen de waterbak van de wc en de muur en dat gevuld is meer vier verschillende soorten en kleuren wc-papier, gaande van schuurpapier nummer 360 tot zacht fluweel, dan proberen de uitbaters zo veel mogelijk geld uit te sparen om er zoveel mogelijk aan over te houden en zijn de gasten hiervoor een noodzakelijke bijkomstigheid. Zeker als van de vier rollen er al twee rollen door vorige bezoekers gebruikt werden. 

Uitbaters van gites of chambres d'hotes doen er goed aan zelf gedurende enkele dagen of weken de ruimte te betrekken om te zien of het plaatje klopt: werkt alles, is alles wat je nodig hebt voorradig, zijn er zaken die beter kunnen? Je vrienden vooraf uitnodigen met de vraag om superkritisch te zijn, is ook een goede graadmeter.

Mochten Isabelle en de zebra dit vooraf gedaan hebben, dan hadden ze gemerkt dat er lichtknoppen los hangen, dat het echt wel onhandig is om in de hobbit-badkamer binnen te geraken zonder je hoofd te stoten, dat de ventilatie in de wc van het hobbit-huisje evenveel lawaai maakt als een opstijgende Airbus op London Heathrow, maar dat de ventilatie van de badkamer dan weer stuk blijkt, dat de helft van de stopcontacten in de hobbit-slaapkamer niet werkt, dat een douchegordijn wel handig zou zijn om een zondvloed te vermijden in de hobbit-badkamer, dat een halogeenstraler aan de tafel buiten niet echt gezellig is en dat ze beter werk zouden maken van de sfeerverlichting op het terras waarvoor de kabels bloot liggen maar al een hele tijd niets mee gebeurd is getuige de spinnenwebben, dat kussens het zitten in de lounge en op de strandstoelen een stuk comfortabeler zouden maken, en ga zo maar door.

Enfin, je kunt je eraan ergeren tot je een halve kilo weegt, of je trekt je terug onder de naaldbomen naast het zwembad met een boek, of in Belinda haar geval een e-book. 'De grenzeloze', een thriller van Jussi Adler-Olsen, is het eerste e-book dat ze leest. De leeservaring blijkt optimaal, alleen de drukkende hitte is er te veel aan. Maar dat kunnen we Steve Jobs natuurlijk moeilijk verwijten. De temperatuur klimt deze namiddag tot bijna 40 graden en het is bij momenten zo goed als windstil. 

Het is zo warm dat de kinderen liever een slaatje eten dan barbecue. Need I say more?

Kaartjes schrijven is een ritueel dat ondertussen ook aan een upgrade toe is. Sinds kort gebruiken we de postcard-app van De Post. Je selecteert een foto, voegt tekst toe en je kunt de foto als postkaart versturen naar het thuisfront. 

We selecteren een foto van de vijf waterkiekens en laten hen de tekst verzinnen. Wat volgt is een stroom aan 'rijmen en dichten om je ... te lichten'. 

"Het is hier superheet,
dus hebben we al veel gezweet.
Gelukkig is er heel wat fris water
en ondanks de buurman z'n gesnater,
hebben we het record bommetjes springen gebroken.
Daarom gaan we nu lekker koken."

Lars is redelijk enthousiast over het resultaat.

Lars: "Oh, ik ga dat tekstje direct op mijn blog zetten!"

Ik: "Heb jij dan een blog?"

Lars: "Nee ... Wat is dat eigenlijk een blog?"

Het zijn van die Monty Python-achtige gesprekken die Lars typeren in hart en nieren. 

Even later horen we getik op de dakpannen. De eerste regendruppels van een brede regen- en onweerszone die eindelijk verkoeling brengt. 

11:33 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

09-08-15

Zo 2 aug 2015 - Bommetje!

blog.jpg

De zondagochtend helt al bijna over naar zondagmiddag wanneer we wakker worden. 

We hadden geen wekker gezet. Het kindergestommel beneden, het binnenvallende zonlicht door de dakraampjes of iets anders zou ons wel wekken, dachten we. Niets van dat.

Toch heb ik vannacht niet goed geslapen. Het hobbit-huisje blijkt ook over een hobbit-bed te beschikken, ons bed. Heel smal, maar vooral heel kort, met een hoog voeteneinde waar ik net tegen zit met mijn voeten als ik in een iet of wat comfortabele houding wil slapen. Verschillende keren ben ik wakker geworden vannacht. Om 7.45 uur kijk ik op het schermpje van de iPhone. Het kalf is verdronken, denk ik. Van slapen zal niets meer in huis komen. Belinda slaapt nog als een roos. Om haar niet te wekken, ga ik in soes-modus over. En plots zijn er dik twee uren verstreken.

Voor de kids hadden we zoals steeds cornflakes ingeslagen, voor een eerste hongertje voor de echt vroege vogels of als volwaardig ontbijt, maar niemand bleek na de barbecue van gisteren nog honger te hebben de dag nadien. Een dag die ook voor hen pas begint omstreeks 8.45 uur. Finn die anders al om 7 uur rondspringt in huis bleek zelfs niet als eerste wakker. De plons van gisteravond heeft hen duidelijk deugd gedaan, 

Van het geplande ontbijt en het bezoek aan een wijndomein om een weekvoorraad in te slaan, zal dus niets meer in huis komen. Een brunch dan maar. 

Het is warm op het terras. De zon brandt al enkele uren enthousiast boven het landgoed. 

Gedurende het jaar zijn de kinderen in dezelfde weken bij ons. Van 0 naar 5 kids in huis en omgekeerd, in enkele minuten. Zowel voor de kinderen als voor ons is het in het begin altijd even wennen, maar al heel snel vallen de dingen opnieuw in hun plooi.

In de zomervakantie zijn de kinderen door omstandigheden slechts een dikke twee weken samen bij ons.  In de andere weken zijn ofwel Rune en Finn bij ons, ofwel Robbe, Lars en Lune, ofwel zijn we met z'n tweetjes.

Vanmiddag aan tafel zien we weer hoe goed de kinderen het met elkaar kunnen vinden en hoe ze op elkaar zijn ingesteld. Rune is de levensgenieter, de bedenker en de knutselaar die in Lars zijn metgezel heeft gevonden. Robbe is, zonder er zich bewust van te zijn, the leader of the gang die zich eigenlijk niets aantrekt van wat anderen over hem denken, maar toch een groot gevolg heeft, thuis en op school. Lars leeft geregeld in een parallel universum waar roze eenhoorns de macarena dansen op een regenboog, en de anderen vinden dat meer dan ok en fantaseren rijkelijk met hem mee. Lune en Finn zijn onafscheidelijk, al zullen ze dat zelf nooit toegeven, en leven voortdurend in een dynamiek van aantrekken en afstoten. Beiden zijn ze de jongsten en waarschijnlijk daardoor proberen ze voortdurend de aandacht van de anderen te krijgen, wat hen meestal ook lukt ... op welke manier dan ook. 

Het gras rond het zwembad is ginger van kleur door de wekenlange hitte in de regio en de niets ontziende zon die haar stralen etmalenlang op de arme grassprietjes heeft gebeukt. Zelfs de grote naaldboom waar we verkoeling onder zoeken verliest sneller dan anders zijn naalden. 

De kinderen kiezen heel de namiddag voor het diepe sop dat zeer koud aanvoelt. De voorbije week was het veel kouder en dat heeft de temperatuur van het water serieus naar beneden getrokken. Toch trekken de kids er zich weinig van aan. Het aantal 'bommetjes' (of 'boemeltjes') dat deze namiddag in het water terecht komt, moet niet onderdoen aan het luchtbombardement op Dresden dat de stad toentertijd volledig heeft vernield. 

Wij houden ons intussen in stilte bezig onder de grote naaldboom met het doorklieven van de betere lectuur: een pretpakket aan tijdschriften voor (en door) vrouwen. Treffende bijblijvers als 'Onze redactrice ging naar de parenclub', '1 pina colada = 6 gin tonics', 'Ganz geil. Zo versier je een Duitser' en de test 'Heb jij een gezonde geest in een gezond lichaam?' zorgen ervoor dat we na de vakantie weer een stevig mondje kunnen meepraten.

Een zwoel briesje maakt de tropische temperaturen draaglijk. De zwaluwen trekken scherpe kringen in de azuurblauwe lucht en scheren rakelings over het zwembad waar de kids ondertussen tikkertje in het water spelen.

Na een apero aan het zwembad en een bord pasta is het spelletjestijd. Onder het motto 'we spelen een spel vanavond' is het vandaag tijd om Boonanza te leren kennen.

17:57 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

08-08-15

Za 1 aug 2015 - De truc met de Dacia

reisverslagen

De paasvakantie was droogzwemmen, de komende week wacht het diepe sop: kun je met vijf kinderen en twee volwassenen een week op reis met één auto? Dat is de hamvraag die ons bezighoudt momenteel.

De dakkoffer lijkt minder vol dan bij onze trip naar Dinant en dat baart me zorgen. Ook de kleine koffer van de Dacia zit nog niet overvol. Twee opties dus: ofwel zijn we binnen ergens een plooibox of twee vergeten zodat we de komende dagen voortdurend naar de winkel moeten, ofwel zijn we ondertussen zo goed geworden in inpakken dat ons stilaan een plekje op het olympische podium toekomt.

De tweede optie lijkt de meest waarschijnlijke. 

Toen ik in het vijfde leerjaar met de CM naar Wodecq trok, had mijn moeder al dagen vooraf stress om mijn kartonnen koffer in te laden. Het ding was veel te klein en ook zeer onhandig. Ik zat toen meer in met de beschildering van de doos. In die tijd moest iedere prille tiener eenzelfde kartonnen koffer meenemen op dit soort ziekenkas-reizen, ongetwijfeld vanuit een of ander gelijkheidsprincipe. Om de pil een beetje te verzachten mocht iedere jongere zijn doos beschilderen, zodat je je eigen koffer betrekkelijk snel zou kunnen terug vinden in de berg kartonnen dozen. 

Hoe vaak mijn moeder ook probeerde, ze kreeg mijn spullen niet in de zwarte doos met de rode streep. Eerst de grote spullen, dan de kleine. Dan eerst de kleine. Dan in verschillende lagen. Het paste nooit allemaal tussen de zes kartonnen wanden. 

Toen ik thuiskwam van de ziekenkas-reis had ik niet alleen alle spullen terug mee, maar ook een sprei van het kampement waar we logeerden.

Alle speelgoed van de kids zit in een plooibox, basic keukengerei neemt niet eens een box in beslag en omdat Belinda ook de garderobe van iedereen heeft beperkt tot het hoogst noodzakelijke past alle schoeisel van een gezin van 7 in minder dan een halve Ikea-zak. Opnieuw een record, denk ik.

Het inladen van de auto was gisteren in geen tijd gepiept. 

In een dik uur zijn we vanmorgen vertrekkensklaar. De kinderen springen nog wat op de trampoline, terwijl de laatste spulletjes en de frigozak worden ingeladen. We vertrekken iets later dan gepland, maar compleet zonder stress. 

Het voorbije jaar is er bijzonder veel veranderd. Na het gewoel van de eerste maanden blijft nu vooral rust over. Ik heb het gevoel dat de puzzel nu compleet is, al hadden we zelf nooit kunnen denken dat het dekseltje zo goed op het potje zou passen. Ook het samenwonen met z'n zevenen een week op twee, is iets dat ik nooit meer kwijt wil. Iets wat mensen in onze omgeving hoe langer hoe meer beginnen te zien. Dat ik er zo ontspannen en gelukkig bij loop, hoor ik vaak. Dat het zo goed matcht tussen de kinderen. En ik kan ze geen ongelijk geven.

Het is onze eerste grote vakantie samen, in het buitenland. We zetten koers naar een kasteeltje in de buurt van Poitiers in de Loirestreek. Een locatie niet te ver weg, maar ook niet vlakbij.

Geen tv-schermpjes meer in de auto om de lange reistijd te verzachten voor de kids, maar een pak Urbanus-strips, enkele verzamelboeken van de Delhaize, 5 tablets en een klein beetje slaaptekort na een vermoeiende week zorgen ervoor dat we zonder veel vragen en klagen de eerste 400 kilometer kunnen afleggen. De obligate boterhammen met ei worden tijdens de lunchstop afgewisseld met twee soorten pastasalades die nog lekker fris zijn gebleven in de Iglo-koeltas.

We rijden niet de kortste route vandaag, maar wel de route met de laagste kans op file. Parijs laten we met een wijde boog naast ons liggen. We golven in het heuvelrijke landschap via Amiens en Rouen over Le Mans naar Poitiers. Zo'n 100 kilometer meer, maar behalve een wachtrij voor een péage in heropbouw, kunnen we steeds blijven rijden.

De Dacia Lodgy is een vinnig autootje ondanks de draak van een dakkoffer die erop gemonteerd is. Iedereen heeft meer dan voldoende ruimte en ook het mediacenter ziet er prima uit. De offline Spotify-lijst wordt gewoon via Bluetooth door de boxen van de Lodgy gejaagd. De tijd van de kabeltjes is duidelijk voorbij.

En de kids, die kunnen zich ondertussen al niets anders meer inbeelden. Ze zetten de Bluetooth van hun tablets aan, connecteren en spelen samen in een 'wereld'. Waar is de tijd van de Bumba-filmpjes die tot vervelens toe gespeeld werden op de tv'tjes van tante Nadine

Iets voor vijf rijden we via een oprijlaan het kasteeldomein op in Breuil Mingot, een gehucht van Poitiers. Le chateau du Vaumoret is een zeventiende-eeuws kasteel dat de huidige eigenaars sinds 1988 aan het renoveren zijn. Het heeft een centrale binnenplaats: het oudste deel van het kasteel wordt bewoond door de eigenaars, de rechtervleugel is nu ingericht met chambres d'hôtes en de linkervleugel bestaat uit twee gites die voor de komende week de onze zijn.

Een betaalbare gite vinden voor 7 personen bleek niet zo evident. We kozen daarom voor twee aaneengeschakelde kleinere gites met in totaal voldoende ruimte voor iedereen. Belinda en ik nemen de kleinste gite, het hobbit-huisje. Naast een kleine keuken en een kleine badkamer is er ook een kleine slaapkamer, bedoeld voor kleine mensjes blijkbaar, want de oude draagbalken hangen op de eerste verdieping op twee doorgangen onhandig laag, zodat je steeds serieus moet bukken om je hoofd niet te stoten. De gite van de kinderen is een stuk groter, met naast de slaapkamers ook twee eigen salons, een badkamer met jet-douche en een aparte wc.

Isabelle, de eigenares, gidst ons kort maar krachtig van kamer naar kamer en toont ons ook de grote tuin waar een uitgestrekt zwembad fraai afsteekt tegen de oude kasteelmuren. Uiteraard ligt er ook een petanquebaan op het domein, net als een voetbalveld en een basketplek. 

Terwijl Rune, Lars, Finn en ik op zoek gaan naar proviand richten Belinda, Robbe en Lune de kamers in. 

De supermarkt waar we ons eerste vakantiegeld achterlaten, blijkt achteraf gezien een joekel te zijn, met een eigen winkelcentrum en restaurants erbij. Hoe gigantisch het ding ook is, niets staat er logisch bijeen. Rijen kuisproducten staan tussen de rayons met voedingsmiddelen. Producten die je niet nodig hebt, staan op wel drie plaatsen verspreid over de winkel, terwijl wat je zoekt niet te vinden is. De kids gaan mee op queeste en vinden uiteindelijk bijna altijd wat ze zoeken. Al bij al lopen we meer dan een uur rond om een basic boodschappenlijstje af te werken. Ondertussen bereiken elektronische noodkreten me van het thuisfront: "de barbecue wil niet aan". Ook dat nog.

We harken de laatste spulletjes bijeen en rijden terug richting château. De oude, wankele barbecue blaast ondertussen een flauwe rookpluim de Franse lucht in. Belinda heeft de oldtimer dan toch in gang gekregen.

Na de barbecue duiken de kids nog even in het zwembad. Het water is koud, maar dat kan de jonge soort niet deren. 'Bommetje!'

De vakantie is begonnen.

23:00 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

12-06-14

Zo 1 juni 2014 - Een ongeluk komt nooit alleen

dag 7.JPG 

Reconstructie van de feiten

Za 23.07   Na het diner nog even autoinspectie. 

Toch een beetje schrik gekregen door de straffe verhalen van de jongedame van Champagnehuis Dhondt-Grellot. De kans dat er ingebroken wordt, is echter klein. De auto staat vlakbij het hotel op de hoofdweg van het dorp, recht over het gemeentehuis en de straat lijkt ook 's nachts wel op een zonovergoten strand door de vele, felle straatverlichting.

0.36   Nog even het rolluik van de hotelkamer open trekken, just to be sure. De auto staat vredevol onder een van de felle gloeilampen in de straat. 

Tussen 0.36 en 6.00   De achterruit en de linkerzijruit van de Audi worden stukgeslagen. Meer dan 30 kartons wijn worden uit de auto geroofd. 

6.00   Een oudere dame die naast het hotel woont, merkt dat de ruiten zijn ingeslagen van de auto die voor haar deur geparkeerd staat, en belt de flikken.

8.05   Ik trek het rolluik open en zie op het eerste zicht niets aan de auto, omdat de ingeslagen ruiten niet zichtbaar zijn van in het hotel. Toch ga ik even dubbel checken, want er lijkt iets achter de auto te liggen. Wanneer ik even later vlak voor de auto sta, kan ik er volledig door kijken wat normaal niet kan met de geblindeerde ruiten. 

De ruiten liggen in duizenden brokjes in en naast de auto. De zwarte dekens die over de witte wijndozen lagen om alles af te dekken, liggen bezaaid met glas. 

Alles waar ze aan konden door de deuren, hebben ze meegepikt. Naast de rechterzijruit die niet werd ingeslagen, staan nog een tiental dozen die ze waarschijnlijk ook nog hadden meegenomen als ze ook die ruit hadden stuk geslagen. Mogelijk werden ze door iets afgeschrikt.

8.12   Swa, de enige resterende reispartner in de Champagnestreek, wordt op de hoogte gebracht.

8.15   De buurvrouw vertelt haar verhaal, maar heeft niets gezien. Ook de kleinkinderen die aan de straatkant sliepen, zijn niet wakker geworden vannacht. Ik bel naar de politie met de vraag om iemand langs te sturen. De ongeïnteresseerde flik aan de andere kant van de lijn, verwijst me door naar het commissariaat in Reims om aangifte te doen.

Het is zondag, hè mijnheer. We zijn onderbemand om langs te komen.

8.24   Het antwoordapparaat van de verzekering wordt gebeld. Want ook bij de Belgische verzekeringen is het zondag, hè mijnheer. Het toestel verwijst me door naar een nummer voor pechverhelping. Bij Touring krijg ik gelukkig wel een stem aan de lijn die geen elektrische stroom nodig heeft op deze vroege zondagochtend. 

De stem geeft echter geen blijk van out of the box-denken en volgt de standaardprocedure die op het blad "Dit moet je antwoorden als er autoruiten zijn uitgemept op een zondag in de Champagnestreek" staat. De auto zal getakeld moeten worden. Ik kan best een kamer boeken voor een extra nacht want op zondag wordt niet getakeld. Exact dezelfde procedure die mijn zus moest ondergaan vorig jaar bij een autopanne in de Champagnestreek. (Wat is dat toch, daar ten zuiden van Reims?) Ze heeft dagen moeten wachten op haar auto en verloor hopen tijd. Van deze boer geen eieren, dus wordt de stem feestelijk bedankt voor dit non-advies. Ik los het zelf wel op. 

8.30  Een gezellige drukte manifesteert zich aan de auto. Mensen op weg naar de bakker, blijven rond de auto staan en becommentariëren de toestand in ware Stattler en Waldorf-stijl, inclusief alle foute, grappig bedoelde opmerkingen.

'Zet die dozen die ze niet meegepikt hebben maar bij ons in de gang (vette knipoog).'

'Ha, die gasten zullen wel zat ergens in de gracht liggen. Was het goede wijn?'

Na de grollen, volgt de ernst: de buurtbewoners klagen over de stijgende criminaliteit in de regio. Autoinbraken gebeuren steeds meer. Men viseert vooral Belgische nummerplaten en slaat ruiten in, ook al is er van buitenaf niets bijzonders te zien aan de auto. Bourgondiër zijn, is gevaarlijk. Hollanders zullen dit niet al te gauw voor hebben.

8.37   Een kleine politiecombi komt voorbij gereden. 

Is dat de versterking die de buurvrouw heeft opgeroepen om 6 uur? Nee, ze komen gewoon op dit moment voorbij gereden met twee agentes vooraan en een reserveflik op de achterbank. 

Of ze even de vaststelling kunnen doen van de feiten om een rit naar Reims uit te sparen?

Nee, ze kunnen niets doen, want ze hebben geen tijd. De diepdroevige reserveflik op de achterbank knikt schaapachtig om de excuses van haar collega te ondersteunen. Ze doen zelfs niet de moeite om even uit te stappen of te bellen naar het commissariaat. 

8.45   Swa en ik laden de resterende kartons over in zijn auto. De Volvo wordt vlak voor de glaspartij van de ontbijtzaal gezet. De auto houden we vanaf nu permanent in de gaten.  

8.55   Even snel ontbijten, nu ja ontbijten. Boter smeren op een stuk baguette en een kop veel te flauwe koffie binnen spelen. 

Vanochtend om 11 uur heb ik een bezoek aan een Champagneboer geregeld inclusief een rondleiding in de kelders. Omdat we de wijntrip niet willen afsluiten met een domper, beslissen we eerst aangifte te doen en daarna alsnog naar de Champagneboer te rijden. 

9.05   In welgeteld 1 minuut ruimen we de kamers op. We geven de sleutel aan de man die de ontbijtzaal open houdt en waarschijnlijk uitgeput is van het prepareren van het copieuze ontbijt.

9.09   Net voor we naar Reims vertrekken, merk ik sigarettenpeuken op die bovenop de glasscherven liggen. Ik pluk ze voorzichtig uit het glas en deponeer ze in een lege verpakking van plastic flesjes.

9.27   Aankomst in het politiekantoor van Reims. Een politieklerk ontvangt ons even geïnteresseerd als een verdorde olijfboom. Rijbewijs overschrijven. Verder geen vragen stellen. Slachtoffers naar wachtruimte wijzen. 

De punten voor sfeer en gezelligheid zullen we maar niet geven, zeker?

Wachten, wachten en nog eens wachten, is het enige dat ons rest. Ondertussen zitten zes agenten achter een glazen wand druk te gesticuleren terwijl ze ongetwijfeld over wereldproblemen aan het discussiëren zijn. Inderdaad, de Franse politie kampt met een bestaffingsprobleem op zondag. Als ze nu twee man extra hadden gehad, hadden ze twee kaartploegjes kunnen vormen en af en toe de bezetting laten variëren. 

Ergelijk moet het zijn voor de mannen om hun twee collega's voortdurend 'aan het werk' te zien: de olijfboom en een van de hulpjes van Louis de Funès die vanmorgen het kortste rietje trok en nu alle verklaringen moet noteren, terwijl de anderen de wereld verbeteren.

Echt vrolijk word je niet in de wachtruimte. De zaal wordt bevolkt door junks, vrouwelijke clochards en jongeren die klop hebben gehad en nu met heel hun peer group aanwezig zijn om klacht in te dienen.

9.50   Even de Champagneboer verwittigen dat we later zullen zijn en aan de olijfboom met voldoende ongenoegen vragen hoe lang dit feest nog gaat duren. 

10.05   De politieklerk doet teken dat we eindelijk onze verklaring kunnen laten intikken in een van een bedrijf gerecycleerde computer uit de jaren 90.

Een verklaring doen in een Frans politiekantoor is een belevenis op zich. Ook al spel je je naam perfect zoals je dat in het Frans geleerd hebt op school, ze verstaan er geen bal van. Gezien de belangrijke afspraak achteraf en de tijd die genadeloos verkwist wordt, neem ik het klavier van de klerk over om de basis persoonsgegevens in te tikken. Geen geduld.

Om het precieze adres van de plaats van de misdaad op te sporen, heeft de klerk niets aan zijn computer. Die heeft geen internetverbinding. Ik vraag me zelfs af of het internet al bestond, toen dat type pc van de fabricageband rolde. Gelukkig heeft de man wel een smartphone ter grootte van een kleine flatscreen-tv in zijn broekzak zitten.

Waar we geweest zijn tijdens de wijntrip? 
...
Niet in de Bourgogne, of wat? Ik kom uit de Bourgogne. Dáár hebben ze pas echt goede wijn. 

Ja, vent, wrijf het er nog eens in, ja.

Terug naar de orde van de dag.

- Heb je iets aan de sigarettenpeuken die ik van tussen de glasscherven heb gehaald? Ze zitten in de auto. Wil ik ze gauw even gaan halen?

- Hoe heb je ze meegebracht?

- In een plastic verpakking van waterflesjes. Ik ben er niet met mijn handen aan geweest.

- Daar kunnen we niets mee doen. Plastic is nefast voor vingerafdrukken. Je moet dat in papier bewaren.

(Bericht aan mezelf: CSI programmeren op digicorder)

10.38   Einde van het verhoor. Opnieuw wachten in de wachtzaal, deze keer op de lokale Peter Sellers om op zoek te gaan naar vingerafdrukken. 

10.45   Inspecteur Clouseau maakt zijn opwachting en kucht zich te pletter met al het poeder dat hij kwistig uitborstelt over de autolak. Hij vindt tussen de kruitdampen door geen sporen en geeft ons de raad om volgende keer best eerst de auto schoon te maken. Voor de volgende inbraak, bedoelt hij dus effectief, hè! 

Waar hangt die verborgen camera ergens?

11.10   Lichtelijk gefrustreerd rijden we de parking van het commissariaat af op weg naar Cuis. 

11.51   We arriveren een uur te laat bij Champagnehuis Camille Grellet

"Maar wat is er gebeurd?!" 

Het medeleven en de amicaliteit van de vrouw des huizes doet alle stress van ons afvallen en vult de gelaten leemte onmiddellijk. Ook de Champagneboer komt poolshoogte nemen. 

"Die kapotte ramen lossen we zo meteen wel op. We gaan eerst even naar de wijnkelder", spoort hij ons aan.

12.03   De man start de rondleiding die initieel voor vier personen was gereserveerd, maar nu door omstandigheden aan de helft gegeven wordt. 

Hij laat het niet aan zijn hart komen en lijkt zich persoonlijk tot doel te stellen om onze gedachten volledig terug bij de zaak te krijgen in plaats van bij de fantoomwijn-pijn.

Het volledige productieproces doet de man uit de voeten. Met demonstratiewijnranken, kleine wagentjes, kleine en grote manden en allerlei kleine accessoires legt hij uit hoe het snoeien en plukken gebeurt. In de kelder legt hij uit hoe de wijn evolueert in de vaten, hoe de bubbels erbij komen, hoe het zaksel verwijderd wordt en uiteindelijk de flessen gekurkt en geëtiketteerd geraken.

13.08   De vrouw des huizes komt ons na een uurtje opzoeken in de kelder en nodigt ons uit voor een Champagnedegustatie. 

Domein Camille Grellet heeft een brut réserve, een blanc de blancs en een rosé. Allemaal toppers die je voor de helft of zelfs een derde van een Coca Cola-Champagne kunt inbunkeren. Ze hanteren er nog steeds de prijzen die hun ouders destijds hebben bepaald.

Op het domein zijn ook vier gites die reeds volzet waren toen ik de wijntrip vastlegde. Dat zal me bij de volgende wijntrip niet meer gebeuren. Dit najaar mag Camille een reservatie verwachten. Zo staan de auto's 's nachts in elk geval veilig achter de grote poorten van het domein.

13.42   De wijnboer haalt enkele lege Champagnedozen boven en een grote rol Scotch-tape en begint ijverig de kapotte ruiten af te plakken. De man blijkt een talent te hebben voor dit soort herstellingen. Hij laat niets aan het toeval over en zorgt ervoor dat er nergens wind tussen kan. 

14.11   Na meer dan 2 uur vertrekken we terug naar Zoersel. De wegen liggen er verlaten bij en dankzij het betere plakwerk van Camille hoeft de voet niet minder hard op het gaspedaal dan bij het heenrijden.

16.50   De Belgische grens komt in zicht. De remlichten van de auto's voor me kleuren felrood. Het wachten kan beginnen, want we gaan weer voor een recordtijd nodeloos aanschuiven op Belgisch grondgebied.

18.20   Aankomst in Halle.  

18.30   Verrassingsfeestje bij Swa met aangepaste wijnen van een vorige wijntrip. 

23.00   Gezellig bubbelen met Els met een flesje Camille Grellet, de man die ondanks alle ellende van de voormiddag onze dag heeft goedgemaakt.

02:26 Gepost in Algemeen | Commentaren (1) | Tags: reisverslagen |  Facebook

09-06-14

Za 31 mei 2014 - Over Coca Cola-Champagnes en het betere spul

reisverslagenhttp://www.amuz.be/

Terwijl de anderen aan hun ontbijt beginnen, blijf ik nog even in mijn kamer. Om stipt 9 uur gaan immers voor het eerst de webdeuren open van Amuz, het muziekcentrum in de Augustinuskerk in Antwerpen waar we al jarenlang kind aan huis zijn voor de betere oude muziek. 

Tot vorig jaar moest je bij de start van de abonnementenverkoop midden in de nacht opstaan, wilde je goede plaatsen bemachtigen. Toch hield dat de echte muziekfans niet tegen, want al om 4 uur 's ochtends stonden de die hards al enkele uren aan te schuiven en kreeg je een voorlopig wachtnummertje in handen van de eerste die was aangekomen, omdat vanuit de Amuz-organisatie pas om 6 uur officiële wachtnummertjes werden uitgedeeld, zodat je om 9 uur in de juiste volgorde binnen kon gaan en je abonnementen kon vastleggen. Hierdoor bleven rellen meestal uit, maar jaar na jaar groeide wel de frustratie bij de trouwe bezoekers voor dit soort prehistorische toestanden. Zeker toen vorig jaar ook nog eens geflaterd werd in de berekening van de kortingen en de deuren pas open gingen om 12 uur in plaats van om 9 uur, zijn veel ouwe getrouwen hun ongenoegen gaan ventileren bij Amuz. Ook ik heb me hier in de zomermaanden kostelijk mee 'geamuzeerd'. Uiteindelijk is het zelfs tot een overleg met de raadsman van Amuz gekomen. De kortingen werden gecompenseerd en er werd beloofd dat men rekening zou houden met de feedback van de klanten.

Een van de grote aanpassingen is dat er voor het eerst ook online besteld kan worden, inclusief de keuze van de stoel waar je op wil zitten. Het aanschuiven van voor zonsopgang kan trouwens ook nog steeds voor zij die al deze digitale nieuwlichterij niet vertrouwen.

De veiligheidsexcuses bij het online bestellen die de organisatie vooraf had verkondigd om frustratie te vermijden mocht het mislopen, bleken ongegrond. Er kunnen wél voldoende mensen tegelijk bestellen zonder dat het systeem onderuit gaat, de webshop is zelfs redelijk intuïtief te noemen. Op een kleine vijf minuten heb ik alle abonnementen besteld en krijg ik een bevestigingsmail van de bestelde concerten. Mooi zo. Tot ik merk dat er geen enkele korting is doorgerekend. Twee telefoontjes naar Amuz geven me echter voldoende garanties dat de organisatie dit nog zal rechtzetten.

Tijd voor ontbijt. 

Swa en Jef zitten nog aan tafel in de voor de rest verlaten ontbijtzaal. Omdat op tafel geen brood of beleg te vinden is, zelfs geen bord, ga ik instinctief naar het tafeltje voor de toog waar naast een koffiekan en een broodmandje met croissants en een baguette alleen een potje confituur staat, that's it. Geen vlees, geen kaas, geen eitje, geen yoghurt, geen fruit. Niks. Akkoord, voor 5 euro mag je niet veel verwachten, maar na de ontbijtpleziertjes van de twee vorige locaties is dit toch wel een koude douche. 

Toch laten we het niet aan ons hart komen. De ochtend is nog maar net begonnen en we hebben al front row-abonnementen voor het komende seizoen en de rest van de dag zal volledig opgaan aan het degusteren van de betere godendrank bij kleine champagneboeren. Een vooruitzicht dat milderend werkt, toch voor de geest. Wims rug zit vanmorgen compleet geblokkeerd. Zelfs gewoon in de auto zitten, blijkt een pijnlijke affaire. Het valt hem zwaar, maar hij besluit de proeverijen aan zich voorbij te laten gaan vandaag in de hoop er morgen terug te staan.

We doen zoals gebruikelijk geen grote domeinen aan. Zeker in de Champagne kom je dan bedrogen uit. Je betaalt veel en krijgt er relatief weinig kwaliteit voor in de plaats. De grote huizen hebben naast machinisten, die de toeristen met een fout treintje door de kelders rijden, ook chemisten in dienst die ervoor moeten zorgen dat de smaak elk jaar hetzelfde is. Coca Cola-champagnes zijn het. Waarom niet gewoon de natuur en het weer hun ding laten doen, zodat je elk jaar verrast kunt worden in positieve en soms ook in negatieve zin. Dát maakt wijn proeven nu net zo interessant. Je moet proeven en blijven proeven.

De sterk gecommercialiseerde magnums vind je overal, zelfs in tankstations waar ze meestal in de buurt van de andere magnums liggen, de chocoladevariant in de vrieskist bedoel ik dan. Hierdoor krijgt Champagne onterecht de status van een veel te duur geprijsd stationsromannetje, terwijl het ėcht godendrank is, als je tenminste de juiste adresjes kent. 

De adressen die we vandaag op ons lijstje hebben staan, kregen we van mijn achterbuur. André is een groot Champagneliefhebber en organiseert zelf jaarlijks een Champagnereis met een uitgekiend degustatieprogramma. Een selectie van enkele toppers uit vorige programma's zit nu prominent in mijn Guide Hachette die sommige van deze boertjes nog niet eens ontdekt heeft.

Champagne proeven bij de kleine boertjes is een belevenis op zich. Je weet waar en wanneer je binnenkomt, maar waar je uiteindelijk zult proeven en hoe (laat) je terug buiten komt, valt in de verste verte niet te voorspellen. Een regel lijkt er wel te zijn: Champagne degusteer je al zittend. Zelfs wanneer er een degustatieruimte is voorzien in het magazijn, zul je steeds zeteltjes of stoelen aangeboden krijgen zodat je comfortabel kunt genieten van al dat moois. Soms beland je in het salon of de eetkamer van de Champagneboer zelf.

Bij Champagneboer Pascal Henin in Ay-Champagne zit de sfeer er al goed in om half 11 's ochtends. We zijn nog maar net de poort binnen of we horen luid gekakel en gegiechel van een kwartet vrouwen dat blijkbaar al even aan de gang is. Vier vrouwen op wijntrip? Het is eens iets anders. De vrouw van Pascal laat zich niet uit haar lood slaan, zelfs niet wanneer een minder stabiele dame uit het gezelschap een glas laat vallen in de degustatieruimte.

Zelf is ze heel goedlachs en ze maakt ons met de glimlach wegwijs in het aanbod van het domein, terwijl ze ondertussen de bestelling van de dames afhandelt. De brut traditionel is prima spul, maar ook de rosé en de millésime vallen serieus in de smaak. 

Even later sluit Pascal aan. Hij neemt er prompt een proefglas bij en proeft alles enthousiast mee. Pascal is een geweldige verteller die niet vies is van een overdrijvinkje meer of minder. Zo vertelt hij honderduit over de relatie tussen de kleine boertjes en de grote huizen. 

Toen in de vorige eeuw insectenlarven de Champagneregio teisterden, kochten grote wijnhuizen daarop gronden aan die grensden aan de regio die toentertijd formeel was vastgelegd, met de bedoeling om het verlies te compenseren, maar ook om meer te kunnen produceren. De Champagneregio uitbreiden kan echter niet zomaar en daarom kwamen de kleine boeren in opstand. Op een bepaald moment werd het leger zelfs ingeschakeld om ze de kop in te drukken. Pascal vertelt er met graagte enkele geestige anekdotes bij. Zo hebben boeren die op hoger gelegen percelen stonden de militairen bekogeld met volle Champagneflessen. 

Nu is de relatie met de grote huizen puur zakelijk. Wat kleine boeren niet verwerkt krijgen, verkopen ze door aan de grote. Zij mengen alles tot een veel te dure Coca Cola. Doorgaans sluiten de boertjes contracten van 5 jaar met de grote huizen om toch een keer om de 5 jaar onderhandelingsruimte te creëren, maar tegelijk ook ondertussen de zekerheid te hebben dat er extra opbrengsten komen van de niet verwerkte druiven. Pascal Henin heeft bovendien het geluk dat zijn oudste zoon geïnteresseerd is om de boel over te nemen. Anders zou zijn domein op termijn ongetwijfeld ten prooi vallen aan de grote huizen.

Na meer dan een uur genieten van Pascals petite histoire, begeleid door de betere Champagne, rekenen we af en laden we de koffer van de Mercedes vol met een eerste laag kartons. Ondertussen is het bijna middag. Nu nog een domein bezoeken, zou niet netjes zijn omdat we weten dat de wijnboeren houden aan hun middagpauze tussen 12 en 2. 

Op weg naar het tweede domein belanden we in Mareuil-sur-Ay, een onooglijk dorpje langs een kanaal. Ook de Marne stroomt door het boerengat. We kuieren langs het groene water en de vele woonboten die er permanent aangemeerd liggen voor we een bruine kroeg binnen duiken waar blijkbaar ook gegeten kan worden. 

Op een tafel na is er niemand in de zaak. Het is ondertussen nochtans voorbij half een. Toch wint ons hongergevoel het van ons wantrouwen dat steeds groter wordt als we het interieur en de bediening beginnen te observeren.

De dienster die wat weg heeft van Suske uit de Suske en Wiske-strips, maar dan zonder het geluk van nooit te verouderen, komt de kaart brengen en pruttelt binnensmonds enkele klanken die we proberen te analyseren. Omdat ook elke vorm van gestiek ontbreekt, slagen we hier maar beperkt in. Ook omgekeerd blijkt er ruis op de communicatie te zitten.

Of ze wat meer kan zeggen over de roséwijnen op de kaart?

Prompt duikt ze achter de barkast weg en even later staat ze aan tafel met alle rosés die ze kan schenken. Ze neemt de kaart en begint ze licht reutelend voor te lezen. Gelukkig dat we de tekst kunnen volgen, anders zouden we evengoed een recept voor ossentong in madeirasaus gehoord kunnen hebben. Niet veel wijzer geworden, kiezen we voor de Tavel. Doorgaans een zeer goede keuze als het op rosé aankomt. Toch neemt ze de Tavel weer weg, net als de andere flessen trouwens. Even later komt ze met een wijnkoeler af met daarin een ontkurkte fles rosé, maar niet de Tavel die we gekozen hebben. Uit vrees de rest van de namiddag kwijt te spelen aan het met handen en voeten uitleggen dat we een andere fles hadden gekozen en hierdoor proeverijen mis te lopen, zeggen we niks en maken we de Languedoc-wijn soldaat.

Wonderwel verloopt de bestelling van het eten een stuk vlotter. Ik ga voor de salade met warme geitenkaas die reeds na een tiental minuten op tafel wordt gezet. Culinair is het zeker geen hoogvlieger, maar het vult, zeker met de extra ingrediënten die helemaal niet thuis horen op een dergelijke salade. Geitenkaas in combinatie met surimi, zalm en hesp. Surf en turf voor hobbyisten. 

Ondertussen is ook de zoon des huizes present in de zaak. Hij parkeert zich achter de toog en staat voortdurend in de weg voor Suske die ondertussen haar zaak ziet vollopen en alles alleen recht houdt terwijl zoonlief zichzelf een tweede pastis inschenkt. De dorpelingen aan de toog lijken weggelopen uit een Asterix-strip. Abraracourcix, het dorpshoofd met de grote snor, neemt als snel de volledige bistro in en trekt alle aandacht naar zich toe zoals dat een dorpshoofd betaamt.

Omdat de aanwezige hoeveelheid zuurstof in verdrukking komt door het groter wordende ego van de man, zoek ik een veilige haven en beland ik uiteindelijk in het toilet. Een reis terug in de tijd, de tijd van de roze wc's, foute voetmatjes, gekrulde spiegels en andere jaren 60-overblijfselen. 

Gelukkig voldoet de dubbele espresso wel aan alle verwachtingen, zodat we vol maar niet voldaan de namiddag kunnen aftrappen.

Het tweede domein, Dhondt-Grellot, ligt in Avize. We staan nog maar net met onze voeten op de hete binnenplaats of een hartelijke jongedame komt naar ons toegestapt. Ze leidt ons binnen in een grote degustatieruimte waar geregeld feestjes gehouden worden aan de extra plooistoelen en -tafels te merken.

Ook zij neemt vier glaasjes en proeft met volle goesting mee. "Dat is trouwens de enige manier om ook zelf te genieten van de Champagne", zegt ze. Het werk van een Champagneboer wordt volgens haar schromelijk onderschat. Ze zijn quasi een volledig jaar bezig in weer en wind. Het feit dat ze amper werklui vinden om in drukke periodes te komen helpen op de wijngaard zegt genoeg. Lokale jongelui of werkzoekenden zijn niet meer te motiveren, maar het werk moet natuurlijk wel gebeuren. Door nooit na te denken over wat er vooraf ging aan het degusteren van de Champagne kunnen ook de wijnboeren er zelf enorm van genieten.

Het gebrek aan visie van de Franse overheid, de opkomst van extreem rechts dat geen oplossingen biedt, de nood aan een nieuwe lichting jonge politici met frisse ideeën, de overwinning van de N-VA in België met Bart de Wever als spelbepaler, de zes regeringen die België telt ... over alles weet de dame een vurig discours te houden waar we met graagte op inpikken. Opnieuw wordt er na het degusteren meer Champagne geschonken dan gepland, maar ja, we zijn ook bijna aan het einde van de wijntrip.

Het concept van onze wijntrip kan haar trouwens aardig bekoren. Niet alleen om vinologische redenen, ook omdat een mens niet moet wachten met genieten tot hij met pensioen gaat. Tiens, waar heb ik dat nog gehoord?

Ze waarschuwt wel voor inbraken. Blijkbaar worden vooral Belgen geviseerd door dievenbendes. We kunnen best de auto's op een privé parking zetten of de kartons uitladen en stockeren in de hotelkamers. Strak plan, alleen is het nogal omslachtig om 40 kartons de trap op en af te dragen, just in case. En dan heb ik het alleen nog maar over mijn auto.

We slaan enkele kartons brut traditionel in en ook de millésime krijgt een plek in de koffer. Hier komen we zeker terug.

Als laatste domein doen we Bardy-Chauffert aan in Le Mesnil sur Oger. Naast het bord van het Champagnehuis hangt ook reclame van een massagesalon. De vrouw des huizes zweeft blijkbaar in bijberoep Ingeborg-gewijs geregeld een halve meter boven een meditatiemat om vervolgens de aanwezige zweefteven stressvrij te kneden. Omdat ze zich momenteel op grondniveau bevindt, beperkt ze haar rol tot het geleiden van wijnliefhebbers naar de degustatieruimte.

Daar wacht de wijnboer ons op. Aan tafel zitten nog drie Belgen. Een vader, zoon en schoonzoon komen er al enkele jaren, terwijl hun vrouwen in de gite iets verderop relaxen. 

De Champagneboer heeft het hart op de tong, schenkt zijn bubbels uit niet geëtiketteerde flessen en weet de aanwezigen zonder moeite in te pakken. De jeugd weet volgens hem niet meer waar het echt over gaat. Ze wil graag snel en veel verkopen, maar de bezieling ontbreekt. Ze is niet geïnteresseerd in de Champagne zelf en kijkt alleen naar de cijfertjes. Daarom krijg je volgens hem ook zo weinig te proeven in dat soort huizen. Bij Bardy-Chauffert is de hoeveelheid niet echt een probleem. De man schenkt volle glazen uit en kan het niet hebben dat een fles op tafel blijft staan zonder dat de bodem in zicht is.

Ook de grote Champagnehuizen moeten het ontgelden. Je betaalt er 15 euro om met een treintje te rijden en nadien een glas ordinaire Champagne te drinken. De Champagne die je er geserveerd krijgt, zeker de Champagnes die rond de feestdagen tegen dumpingprijzen in de Colruyt staan, zijn het resultaat van een tweede of zelfs derde persing van kleine boeren die door grote huizen wordt opgekocht. Je betaalt de marketing errond, niet meer, niet minder.

De Champagnes die hij zelf maakt, zijn inderdaad van de betere soort. En zelfs voor zijn eigen Champagnes is hij kritisch. Zo maakt hij dik tegen zijn zin ook rosé Champagne. Het was zijn vrouw die het hem enkele jaren geleden tussen twee wierooksessies door heeft ingefluisterd dat rosé Champagne echt wel tegemoet komt aan een vraag uit de markt. De Champagneboer die lak had aan wat de markt verwacht, maar anderzijds ook graag 's avonds een bord warm eten voorgeschoteld kreeg, ging overstag en produceert sindsdien ook roze bubbels die op zich zeker niet verkeerd zijn.

De man is op zich niet tegen rosé wijn. Om dat te bewijzen glipt hij even weg om een fles rosé te halen uit zijn privékelder, een rosé uit de Bordeaux waar hij geen slecht woord over kan vertellen. Ik trek snel een fotootje van het etiket want de smaak van wijnboeren is meestal een goede richtlijn om volgende wijntrips te plannen. 

Wanneer we even later de brut traditionel en de millésime afrekenen bij zijn vrouw komt hij de fles rosé brengen.

Die zijn jullie nog vergeten. 

Straf dat we zelfs wijn cadeau krijgen die niet eens op het domein zelf wordt gemaakt.

Tijdens het inladen, laat Wim weten dat hij te veel pijn heeft om te blijven. Jef en Wim besluiten vanavond al terug naar huis te rijden. 

Ons gezelschap wordt plotsklaps gedecimeerd. Zeer jammer dat de vakantie zo moet eindigen. En wat we dan nog niet weten, maakt de pil nog bitterder om slikken.

21:57 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

08-06-14

Vr 30 mei 2014 - Pizza in het hol van Pluto

IMG_3168.JPG

Als we om 9 uur het terras opzoeken, staat de tafel amper gedekt. Borden en bestek liggen er wel, maar op de rest is het nog wachten. Zodra we er alle vier zijn, komt Joanna buiten met een enorme plateau met daarop een volledig ontbijtbuffet. Het is duidelijk: vanmorgen heeft ze geen zin om de kat ter wille te zijn. Geen kaas vanochtend, wel zacht gekookte eitjes, zelfgemaakte confituur, knapperige broodjes en meer eenvoudige, maar lekker lichte kost.

Voor we afscheid nemen, vertelt Joanna nog honderduit over de inwoners en het bestuur van de gemeente. La Roque-Alric telt 90 levende zielen tijdens de zomer en 10 in de winterperiode. Niet dat er een of andere Spaanse griep jaarlijks overheen gaat, maar 's winters keren de overwegend vrouwelijke bewoners vaak terug naar hun geboortestreek.

Het dorpje is, je zou het niet zeggen, een soort van Verenigde Naties van de Ventoux-regio. Vijftien nationaliteiten zijn er vertegenwoordigd, gaande van New Yorkers tot Amsterdammers zoals Joanna.

Ondanks de beperkte grootte van het dorpje is er een eigen gemeenteraad die maar liefst 9 mensen groot is en er is ook een burgemeester met een eigen secretaresse. Niet dat deze functies zwaar bezoldigd worden, maar zeker de burgemeester oogst heel wat prestige in de regio omwille van zijn functie en krijgt, mits de juiste beslissingen, dan ook heel wat gedaan van onder andere de lokale producenten, al dan niet in natura.

Maffiapraktijken in het dorp van Jean de Florette, wie had dat kunnen denken?

Omdat we gisteren bot vingen bij Clos de Trias, doen we vandaag een tweede poging.

De eigenaar van het wijndomein is een Noor die 14 jaar in Californië is gaan wijnbouwen en sinds 2006 in Frankrijk woont. Hij kocht het domein en zijn uitgestrekte wijngaarden en experimenteert sindsdien op een maniakale wijze om aparte wijnen te creëren. 90% van zijn wijnen exporteert hij wereldwijd, maar België doet hij nog niet aan. Zijn rosé-experiment kan ons niet bekoren, maar eens hij zijn rode wijnen open trekt, zijn we verkocht. Bij Trias kopen we naast een lekkere doordeweekse wijn ook de duurste wijn van de reis, eentje van 30 euro per fles die ongetwijfeld bij een mooie gelegenheid open getrokken zal worden.

Voor we naar Chante-Perdrix afreizen, bellen we even voor de veiligheid. Anders staan we mogelijk weer voor een gesloten poort. Na vier keer proberen, krijgen we eindelijk de wijnboer aan de lijn. Ook vandaag is het niet mogelijk om te proeven, want hij geniet met zijn gezin van een lang weekend. Het weze hem gegund. We kunnen wel gaan proeven in het Maison des Vins, zegt hij, niet wetend dat we ons gisteren reeds tot in Vinadea hebben gewrongen met de Mercedes. 

Dan maar vervroegd richting Champagne. Net zoals in de heenreis is er weinig verkeer op de baan. Zelfs in Lyon moet de cruise control niet een keer uit. 

Omdat de tocht toch al gauw 700 kilometer is (twee decennia uitgedrukt in liedjes van De Strangers) en de auto's met een uur verschil aankomen in de buurt van 18 uur, rijden we ineens naar Le Refuge, een heel goedkope maar nette verblijfplaats, waar een eigen douche op de kamer een niet te verkrijgen optie is. Er is een douche op elke verdieping en ook een gezamenlijk toilet. Gelukkig is er wel een lavabo zodat je 's ochtends niet met je tandpasta in de aanslag een nummertje moet trekken om een beetje fris voor de dag te komen.

In Cormontreuil is er 's avonds niets te beleven. Op het eerste zicht is er zelfs geen mogelijkheid om iets te eten. In een café worden we doorverwezen naar de commerciële zone van de bidonville waar er naast warenhuizen blijkbaar ook restaurants zijn. Fastfood-restaurants. Een Quick en een KFC. Nee, toch liever niet, na alles waar we de voorbije dagen van hebben mogen genieten. 

Het enige aanvaardbare dat we vinden is de Pizza Paï. We gaan binnen met niet al te hoge verwachtingen. Compleet onterecht zo blijkt. De bediening is er top en het eten is kwalitatief uitstekend: een kraakvers buffet dat niet naar zout smaakt zoals meestal in dit soort tenten, de beste pizza die ik in jaren heb gegeten en tot slot een café gourmand met een lekkere espresso. En dat allemaal voor 21 euro. Ik ben fan. 

10:45 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

06-06-14

Do 29 mei 2014 - Als de kat van huis is

reisverslagen

Het zou een decor kunnen zijn uit een Franse film uit de jaren 60. Het terras waar ons ontbijt ons staat op te wachten, ligt onder een grote boom die voldoende schaduw biedt terwijl hij voor een licht ruisende soundtrack zorgt samen met enkele ijverige vogels. De wolken zijn ze vanmorgen vergeten op te hangen tegen de felblauwe lucht en de ruw bezette oranjegeel gekleurde muur past wonderwel bij de oude blauwe plooistoelen en de ruwe tafel die vroeger nog dienst gedaan heeft als deur. Het tafellaken met kleine witte en blauwe blokjes zet de decoratieve kers op de croissant.

Elk moment verwacht je Jean de Florette die de hoek voorbij komt of Louis de Funes in een oude Citroën, al zou die laatste het knap moeilijk hebben in de smalle straatjes van het dorpje.

De kat des huizes geraakt net voor we aan tafel gaan in extase wanneer ze haar baasje de verschillende soorten beleg ziet aanrukken en springt op een onbewaakt moment op tafel om alvast de kaas grondig voor te proeven. 

Na het ontbijt wisselen we wijnadresjes uit met Joanna. Ze tipt ons Clos de Trias op enkele kilometers van de b&b. 

Omdat het domein op de weg naar Vaison-la-Romaine ligt, maken we er onze eerste stop van. Het terrein ligt er verlaten bij. De zon brandt fel en de hitte komt je tegemoet vanuit de okerkleurige rotsen. Het enige wat ontbreekt, is een voorbij stuiterende hooibal om er een westernsetting van te maken. Maar zoals gezegd: geen Clint Eastwood of gewone stervelingen te zien op het domein.

Aan een grote poort hangt een papiertje met een telefoonnummer in geval Eastwood en de zijnen er niet zouden zijn. De voicemail van de cowboy is minder avontuurlijk. Ze zijn er niet, maar we kunnen een telefoonnummer achterlaten. Plots beseffen we dat het vandaag Hemelvaart is, een feestdag dus. Hopelijk hebben de andere domeinen niet hetzelfde idee om vandaag de keet te sluiten en de wijnliefhebbers te laten uitdrogen op de stoep.

Vaison-la-Romaine heeft een geschiedenis die ver teruggaat. Voor de Romeinen was Vaison een belangrijk kruispunt en ook in de middeleeuwen was Vaison een aantrekkingspunt voor de regio, vooral omwille van haar gunstige ligging bovenop een hoge rotsformatie. Vanaf het dorp, en zeker vanaf de burcht heb je een enorm uitzicht op de omgeving. Je vindt er heel wat pittoreske plekjes waar de tijd stil is blijven staan.

In tegenstelling tot Les-Baux-de-Provence is het middeleeuwse dorpje van Vaison niet gezwicht voor de commerciële druk van handelaars in lokale producten en rommel voor toeristen. Die werd bewust buiten de oude stad gehouden en geconcentreerd in een winkelstraatje voor toeristen waar er voortdurend krekels met sensoren tjirpen, je mottig wordt van de straffe lavendelgeuren en na een tijd geen blok marseillezeep meer kunt zien. Je moet er echter door om tot bij de Romeinse site te geraken. 

Bij een vorig bezoek aan de Romeinse ruïnes, zo'n kleine 20 jaar geleden, smolten we bijna compleet weg met de volledige lerarenopleiding. Het zou de bevoorrading van jong bloed in de Kempense scholen zwaar onder druk gezet hebben de jaren erna. 

Bloedheet was het. De oude straten en de halve meter hoge muurtjes in natuursteen weerkaatsten het zonlicht oogverblindend. Dat in combinatie met een overdosis te goedkope rode wijn de dag ervoor in een of ander goedkoop grillrestaurant, zorgen er nu voor dat de Romeinse restanten van Vaison me als nieuw overkomen.

Nu ja ... nieuw? Je moet een pak verbeeldingsvermogen hebben om je gebouwen voor te stellen op de plek waar nu alleen nog lage muurtjes staan. In Knossos hebben ze het in het begin van de vorige eeuw anders gedaan. Daar reconstrueerde Evans het paleis opnieuw zoals hij dacht dat het eruit gezien moet hebben met de nieuwste bouwtechnieken. Er werd vlijtig beton gestort en hij gebruikte ook stalen constructies om de boel recht te houden. Of de Minoïsche beschaving zo effectief paleizen optrok, is weinig waarschijnlijk en ook de stijl van wat je nu in Knossos vindt, oogt eerder art deco dan duizenden jaren oud.

Ondertussen gaan archeologen veel oordeelkundiger te werk en hebben ze respect voor het verleden. Anderzijds is de gemiddelde bezoeker, en ik reken me daar voor alle duidelijkheid ook bij, niet in staat om zo veel historisch correcte fantasie op te roepen om er ook effectief iets in te zien. 

Geef het nog een jaar of 5 en in plaats van een vervelende audiogids die meestal te veel nutteloze feitjes bevat, krijg je een bril mee die de oude stad tot leven brengt, terwijl je door de ruïnes loopt. Vergelijk het met de 'Toen en nu'-boekenreeks van Könemann waar telkens voor een foto van een ruïne een transparante tekening zit die een beeld geeft van hoe het vroeger was. Wat gaan al de gidsen dan doen? Zeker op druk bezochte locaties zal de huidige generatie gidsen waarschijnlijk de laatste zijn, net zoals de ticketscheursters aan de inkom van een ruïnecomplex al een tijdje vervangen zijn door poortjes met een scanner.

We zoeken verkoeling in het nabijgelegen Romaanse kerkje met een gerestaureerde kloostergang en gaan daarna eenvoudig maar copieus lunchen op het terras van een sportcafé voor we ons laten gaan in dit schitterende wijngebied.

Het eerste huis dat we aandoen is Gabriel Meffre in Gigondas, een gigantisch grote wijnproducent. Hoe die in mijn selectie terecht is gekomen, weet ik nog steeds niet, maar nu we er toch zijn, proeven we wat de jongens in de aanbieding hebben. De man die ons met een keurig Nederlands accent laat proeven, komt uit Vosselaar en woont sinds 7 jaar in de regio. We kopen elk een kartonnetje Vacqueras, eerder uit beleefdheid omdat je van dit soort huizen in België meer dan voldoende verdelers vindt.

Het tweede domein is EARL Faravel. Volgens de Guide Hachette ligt het in de Rue du Portail in Gigondas, maar de straat staat niet in de gps. In Gigondas is er ook een soort van Maison des Vins waar je alle Gigondas kunt proeven en kopen tegen de prijs van het domein. Dan zullen we hem daar wel vinden.

Net voor we de zaak binnenstappen, zien we echter een handgeschilderd straatnaambordje hangen: Rue du Portail. We lopen de straat in en komen onderweg een oud vrouwtje tegen dat in haar ligstoel geniet van de zon en zo haar ribfluwelen huid nog meer op de proef stelt. 

Iets verder ligt de proefruimte van het domein. Wanneer we aankloppen, hijst het dametje zich uit haar ligstoel en komt ze enthousiast (sommigen zouden het 'labiel' noemen) op ons af.

Omdat ze direct ziet dat we geen landgenoten zijn, zet ze zich in kleutermodus. Ze legt alles uit alsof we net zindelijk zijn, met druk gegesticuleer, met tekeningetjes, geschreven getallen, veelvuldige herhalingen en alles wat ze uit haar oude kleerkast kan halen om ons mee te krijgen in haar verhaal. De oude schuur schiet haast vanzelf in brandt wanneer ze de stijgende alcoholgraad richting 15 graden onder onze aandacht brengt. Extatisch is ze. Volgens haar past een Gigondas en een Vacqueras bij alles. Als je dus ooit een etentje organiseert met aangepaste wijnen, kies dan voor Gigondas en Vacqueras, dan zit je altijd goed volgens het oude Duracell-konijn op speed. 

Even later komt een Duits koppel de zaak binnen. De man bestelt onmiddellijk 60 flessen van de vin de table. Ze komen al jaar en dag naar het dorpje en kopen er altijd dezelfde wijn, en ook al zegt de man in zijn beste Frans dat hij niet komt om te proeven maar ineens wil bunkeren, het dametje zet in een instinctieve reflex twee proefglazen klaar die ze ruim vult. Met een hunkerende blik kijkt ze naar de man alsof ze hem voor het eerst ziet. 'Dat gebeurt nu werkelijk elk jaar', zegt de Duitser met een monkellachje tegen ons. De tafelwijn laten we liggen. We gaan voor de Vacqueras. 'Een heerlijke wijn tegen een zeer scherpe prijs', horen we het dametje nog zeggen. Waar hebben we dat nog gehoord?

Nadat we de kartons in de auto hebben gelegd, stappen we nog even binnen in het Maison des Vins, het zenuwcentrum van de Gigondas. Alle domeinen waar er te proeven valt, zijn er vertegenwoordigd met kleine proefflesjes. Op de rekken staan alle wijnen die je kunt proeven, gesorteerd per jaar. 

Gigondas is geen goedkope wijn en ook de zaak zelf ziet er alles behalve onderkomen uit.  Een watergespoelde crachoir, glazen die eerst worden uitgesproeid voor ze in een aangepaste vaatwasser voor wijnglazen gaan en een zeer professionele dame achter een balie die volstaat met perfect gekoelde babyflesjes godendrank.

De dame achter de balie mag geen oordeel vellen of voorkeur opdringen aan de bezoekers. Ze vraagt je wat je zoekt in een wijn en begint dan vlot kruisjes te zetten op een blad waarop alle wijnen staan die je kunt proeven. Ze duidt er meer dan tien aan. Om een dergelijke selectie te maken, heb je serieus wat kennis nodig van je aanbod. De een vraagt naar een bepaalde smaak, de andere naar een rijpingsproces en wij willen uiteraard de kleine wijnboeren leren kennen. We proeven uiteindelijk twee wijnen, waarvan we een karton meenemen.

Onze laatste halte is domein Chante-Perdrix, dė ontdekking van de eerste wijntrip: een zeer lekkere en relatief betaalbare Châteauneuf-du-Pape. Vorige keer kochten we hem in aan 15 euro per fles. Enige kennis van indexering leert dat hij waarschijnlijk nu rond de 17 euro zal kosten, maar dat hebben we er graag voor over.

De rit ernaartoe eindigt echter met een anticlimax: we staan voor een gesloten poort. Ze zijn gesloten met Hemelvaart. Nadat we de halve hemel hebben volgescholden, zien we een bordje hangen aan de poort. In geval van afwezigheid kun je de wijn proeven en aankopen in Châteauneuf zelf. We bellen naar Vinadea en hoera, het Maison des Vins blijkt wel open vandaag.

De gps van de Mercedes herkent de straat, dat is alvast een goed begin. Alleen blijkt de auto redelijk groot om door de smalle straatjes van Châteauneuf te kronkelen. We vrezen geregeld voor de zijspiegels en al zeker voor de bloembakjes die als extra hindernissen werden opgehangen. 

We passeren uiteindelijk de wijnzaak, maar er is geen plek om te parkeren, toch niet zonder alles wat achter ons komt te blokkeren. Een probleem in heel het dorp eigenlijk: nergens ter wereld zie je zo veel mensen met flessen en kartons wijn op straat rondlopen als in Châteauneuf. We houden onze adem in en proppen de Mercedes verder door de eenrichtingssteegjes tot we buiten het dorpje zijn. Even verder parkeren we de auto en gaan net als iedereen te voet naar het centrum.

In Vinadea vind je het betere werk. Strak in het gelid op dikke legplanken, maar ook licht ingedommeld in open wijnkisten alsof je op de babyslaapzaal in een of andere materniteit rondloopt. Ook onze geliefde Chante-Perdrix is aan een late siësta bezig.

De dame aan de balie is een pak minder vlot en beslagen dan die van de Gigondas. Toch trekt ze gewillig een flesje Chante-Perdrix open van 2010. Andere jaren heeft ze niet. We besluiten morgen opnieuw onze kans te wagen op het domein zelf voor een grondige proeverij om vervolgens de grenzen van de VISA-kaart op te zoeken.

Omdat het veel te lekker weer is om terug in de auto te kruipen, sluiten we de proefnamiddag af op een terrasje met een lekker rosétje en een plankje charcuterie als eerste apéro. De tweede volgt iets later bij Joanna op het terras terwijl ze weer ijverig staat te kokkerellen. Opnieuw zijn de bordjes die ze inzet visuele pareltjes. De pure keuken van de Provence op mooie borden en dat voor geen geld. 

17:07 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

05-06-14

Wo 28 mei 2014 - Wijndomeinen zoeken voor gevorderden

reisverslagen

Op het zonneterras wordt vanmorgen druk gespeculeerd over de mogelijke coalitievormingen op Vlaams en federaal vlak. In het druilerige België liggen de kaarten evident voor wie durft, maar moeilijk voor wie plat politiek de strategie de bovenhand laat halen.

Op een kleine tien minuten zijn wij er alvast uit. Wat die Zuid-Franse sfeer, die azuurblauwe achtergrond en die nieuwe hoed, die echt wel nodig is vanmorgen ter bescherming tegen de brandende zonnestralen, al niet kunnen doen.

We staan op het punt De Wever en Co. te bellen met de suggestie hier ook een huisje te huren, ver weg van de pers en midden in de juiste atmosfeer. We zijn bereid enkele kartons Val de Gilly te sponsoren, op voorwaarde dat ze er uit komen op een week tijd. Lukt het niet dan kopen we het domein over op kosten van de Belgische staat. 

Deal?

Natacha, Johan en hun dochter komen persoonlijk afscheid nemen wanneer we vertrekken richting Provence. 

Als tussenstop tikken we Domaine de la Fouquette in. Het ligt op de Route de Gonfaron in Les Mayons. Een huisnummer staat niet vermeld in de Guide Hachette, maar dat komt wel meer voor in Frankrijk. 

De verhakkelde vrouwenstem met een spraakgebrek gidst me naar de Route de Gonfaron. Het domein is echter niet te vinden. Na een tiental kilometer kom ik uit in Gonfaron zelf, maar ik ben ondertussen het domein niet tegen gekomen. Ook de andere auto's wiens gps hen blijkbaar naar een andere plek heeft geleid, zijn nog steeds niet ter plaatse. 

Plots valt mijn oog op een wegwijzer naar het domein. En ook iets verder kom ik er een tegen. Ik besluit de wegwijzers dan maar te volgen, ook al wijzen zij naar een compleet andere richting dan de Route de Gonfaron. 

Deze streek is prachtig om door te rijden, zelfs wanneer je frustratie steeds groter wordt omdat je het adres niet vindt dat je zoekt. Ik heb ondertussen in Frankrijk al menig uur verloren door een gebrek aan precieze adressen. Begin hier maar eens als nieuwe facteur je post te sorteren op een nieuwe route. Niet moeilijk dat die mannen hier allemaal met autootjes rondrijden tijdens hun queeste naar de juiste brievenbus. Het kost La Poste jaarlijks een kleine oliestaat aan brandstof denk ik om die paar brieven rond te dragen die in dit e-mailtijdperk nog ergens in een bus gedropt moeten worden.

Tien kilometer lang is er geen bordje meer te zien van het domein. Het voelt zeer onwennig aan niet te weten waar je uiteindelijk zult uitkomen en of je überhaupt nog wel op de juiste baan zit. Ik passeer een schildpaddenboerderij en enkele andere wijndomeinen en zie plots een enorm bord van het domein opduiken, inclusief enkele emblemen die aangeven dat de wijn van De La Fouquette ook in de Guide Hachette staat. De gps geeft echter een compleet andere naam aan dan Route de Gonfaron.

Bon, we zijn er. Dat is het belangrijkste. Het domein maakt biowijn, zoals dat steeds meer in de regio begint te gebeuren. Hierdoor krijg je soms enorm grote smaakverschillen tussen verschillende wijnjaren omdat ze nog enorm evolueren in de fles, en niet altijd in de goede richting. Uiteindelijk neem ik geen rode wijn mee omdat je niet weet wat je zult krijgen als je hem iemand presenteert. Ik ga wel voor een verfrissende rosé met een lichte pompelmoestoets die deze zomer op het terras zeker in de smaak zal vallen. Vanaf volgend jaar staat ook deze rosé in de Guide Hachette, weet de proefdame ons te vertellen.

Onze volgende stop is Avignon, de pausenstad. Na 170 kilometer parkeren we de auto onder het grote plein vlak voor het Palais des Papes

Het plein trekt heel wat toeristen aan, zelfs in deze iets kalmere toeristische periode. De lokale straatartiesten vinden er dan ook een zeer gewillig en aandachtig publiek. Vanop het terras waar we lunchen, pikken we het optreden van een sopraan mee die met enkele minder bekende aria's het volledige plein inpakt, ondersteund door een begeleiding op iPod. Elke artiest heeft blijkbaar een tijdslot. Na een half uur zit de volgende ongeduldig te wachten aan de rand van het plein om het van haar over te nemen.

Het paleis doen we niet. Er moet immers nog wijn geproefd worden en de uren die je bij de paus verliest, ben je onherroepelijk kwijt. We lopen nog wel even langs de Pont d'Avignon die vooral bekend is van de oorworm die je eraan overhoudt als het nummer ook maar een keer geneuried wordt. Voor de rest stelt de brug niets voor, je kunt ze zelfs niet gebruiken om de andere oever te bereiken.

Voor we naar de gite keren, willen we nog even langs het domein van Christophe Coste in Saze. Het domein ligt er verlaten bij: paletten met lege wijnflessen, metalen kratten vol oude wijnranken, grote citerns met weet ik wat voor goedje in, rolluiken die halfstok hangen. Het ziet er niet direct feestelijk uit, ondanks de lovende woorden van de wijngids. Er lijkt op het eerste zicht geen levende ziel te bekennen, tot we uiteindelijk de man des huizes zien. Sinds kort kan er niet meer geproefd worden op het domein, maar in een soort Maison des Vins verderop.

Een Maison des Vins dat we met zijn routebeschrijving niet vinden en ook de mevrouw van de gps kan geen hulp bieden omdat de locatie nog niet opgenomen is in haar favorietenlijst.

Mijn instinct brengt me echter al gauw naar het Maison des Vins in de buurt van Laudun, waar we voor het eerst onze Frankrijkvakantie doorbrachten en verliefd zijn geworden op het land.

Na al die jaren staat nog steeds dezelfde bonhomme in de zaak die niet liever doet dan zijn klanten te entertainen en het beste van de regio wil laten proeven. 

We krijgen verschillende witte wijnen, rosés en rode wijnen voorgeschoteld, telkens uit een ander glas. De ene wijn is nog niet ingeschonken of hij is al bezig met de volgende topper klaar te maken voor degustatie. Niet om ons snel buiten te krijgen, integendeel, wel om snel referentiepunten te hebben om de smaak van de klanten correct in te schatten en nog enkele andere flessen open te trekken. Ondanks het ver gevorderde aankomstuur maakt hij ruimschoots tijd voor ons en begint hij al gauw (en hier mogen we ondertussen van een traditie spreken) over de politiek in Europa, de verkiezingen van vorig weekend, het rare land dat België heet en nog andere thema's waar hij statements over lanceert om reacties uit te lokken tijdens het proeven. Het is eens iets anders dan een eindeloze beschrijving te krijgen van heuvelruggen waar wijnranken tegen staan die zoveel dagen zon hebben gekregen, wijnen die zijn samengesteld uit zoveel procent van die druif en zoveel procent van een andere en andere weetjes die waarschijnlijk wél interessant zijn voor mensen die ons liefhebbersniveau overstijgen.

Naast verdeler van lokale wijnen, is de man ook verkoper van lokale producten zoals saucisson en hesp, tapenades, honing, mosterd en ander lekkers. We kiezen alvast wat vlees uit het ruime aanbod om straks als knabbeltje te dienen bij een goed glas wijn. 

Terwijl de man onze bestelling klaar zet, valt mijn oog op twee bibes van hetzelfde domein waar ik net witte wijn van geproefd en besteld heb. De wijn is niet identiek, maar is volgens hem prijs/kwaliteitgewijs echt zeer goed: 17 euro per vaatje van 5 liter. 

'Leg ze maar bij op de kar', zegt de man.

Bij het afrekenen, telt hij de vaatjes niet mee. Cadeautje van de zaak. Ook de fingerfood van vanavond wordt niet in rekening gebracht. In totaal een attentie van 60 euro.

Nadat we de auto van Swa hebben volgeladen, snijden we op de parking op een van de decoratieve wijntonnen de hesp aan om alvast even voor te proeven. Nog geen minuut nadat het mes zich voor het eerst in het vlees heeft geplant, gaat de schuifdeur van de winkel open. 

Willen jullie geen flesje wijn erbij? Wacht, ik haal iets!

(Zalige man)

We slalommen richting Mont Ventoux en moeten onderweg geregeld uitkijken voor wielertoeristen en andere gekken die op een groot uitgevallen skateboard de binnenbochten nemen bij het afdalen. Levensgevaarlijk! Sport, bedoel ik dan.

L’Acacia en Provence, het huis waar we overnachten ligt in La Roque-Alric, een prachtig klein dorpje. We krijgen de volledige eerste verdieping voor ons vieren: twee volledig uitgeruste appartementen met elk een eigen keuken, aparte slaapplaatsen. In elk appartement twee aparte douches en een wc, volledig ingericht in lokale stijl met een stevige scheut nostalgie zonder dat de term 'rustiek' van toepassing is. De lavabo in mijn appartement is een oude, lange voederbak in natuursteen die afloopt naar een kant en het water doet uitkomen in de douche die op zich zeer basic is, maar perfect past in het geheel.

De eigenares van al dit fraais is de Nederlandse Joanna. In een vorig leven was ze journalist en restaurantuitbater. 

We schuiven met plezier onze voeten onder tafel op het terras met een prachtig zicht op de groene heuvelruggen die een afwisseling zijn van wijngaarden, bossen en lage struiken. 

Joanna bereidt in een wip een heerlijke driegangenmaaltijd met lokale producten, begeleid met wijnen uit de buurt. De borden zijn voorverwarmd, over de schikking is duidelijk nagedacht en de kleuren en smaken spatten van het bord. Deze dame weet indruk te maken in alle eenvoud.

We sluiten af in het appartement van Jef en Wim met fingerfood, ook al hebben we niet direct honger, en met wijn, want we hebben wel dorst.

19:03 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

04-06-14

Di 27 mei 2014 - Wijn bunkeren bij Val de Gilly

DSC_6076.JPG

Wanneer de elektrische rolluiken 's ochtends omhoog rollen, valt fel zonlicht de kamer binnen. In geen tijd wordt het volledige interieur door de ambitieuze zon meegetrokken die duidelijk plannen heeft vandaag. Terwijl ik mijn tanden stond te poetsen, heeft ze reeds alle wolken weggebrand, behalve een kleintje net boven een heuvelrug. Waarschijnlijk als stille suggestie dat haar werkdag al eerder was begonnen dan die van mij.

Na een verkwikkende douche verschijn ik fluks op het ontbijt dat op het zonneterras wordt bediend. Ook Wim is stipt van de partij. Van de twee anderen geen spoor. Volgens Wim zijn ze nog enkele uurtjes verder gegaan met het proeven en herproeven van de Sanglière die Swa gisteren had ingekocht. Dat zijn natuurlijk enorm verzachtende omstandigheden in een gezelschap van amateur-oenologen.

Even later verschijnen ze ten tonele en beginnen we aan het ontbijt. Het aantal liters koffie dat genuttigd wordt, moet niet gek veel onderdoen voor de liters rode liquiden waar gisteren de avond mee werd afgesloten. Blijkbaar hadden de heren nog een tweede vaatje geproefd en herproefd nadat de jongsten van het gezelschap de dag hadden afgesloten. Gewoon om zeker te zijn. 

Een uitgebreid buffetje staat ons binnen op te wachten: verschillende soorten brood, allerhande beleg, vers gesneden fruit, yoghurt en alles waar je thuis niet direct de tijd voor vindt in de week om de dag goed mee te starten. Toch niet om er rustig van te genieten wanneer je van nachtstand overgaat in dagstand.

Op het zonneterras kan dat uiteraard wel. Johan komt als volleerde gastheer geregeld langs aan tafel met koffie, fruitsap en vers gebakken roerei met spek. Ondertussen zuigen we de atmosfeer van de azuurkust op. Het zicht is even weids maar toch anders dan gisterenavond. De baai lijkt professioneel belicht zoals de gemiddelde Miss België tijdens een of andere badpakkenspecial in even azuurblauw water. 

Op het etiketje van de placemat staat het merk gedrukt: 'Tout simplement". Inderdaad, beter kan ik het niet verwoorden.

Tijdens de rit naar Fréjus zijn De Strangers weer van de partij en ook zij zitten vanmorgen in Zuid-Franse modus. Zonder iets aan de volgorde van de nummers op de cd te doen, klinken er wel 8 liedjes waarvan het origineel van Franse makelij is. De nummers op de verzamelcd's staan in chronologische volgorde wat aangeeft dat in de jaren 70 en 80 het Franse chanson ook op onze zenders veel prominenter aanwezig was. Op af en toe wat Arno en natuurlijk de onvermijdbare Stromae lijkt het Frans voorgoed geschrapt van de hedendaagse playlists.

Het bisschoppelijk paleis van Fréjus poseert gewillig voor de straalblauwe lucht waardoor de oranjekleurige stenen van het veertiende-eeuwse gebouw fel contrasteren met de achtergrond.

Het paleis is tegenwoordig ook zonder gids te bezichtigen waardoor je tempo kunt maken en niet hoeft te wachten tot de heer of dame in kwestie uitgeouwehoerd is over een of ander postuurke. Je hoeft ook niet te wachten tot alle bezoekers slaafs achter de gids een hoekje om zijn gegaan om een foto te trekken waar geen Japanners op staan met een veel te grote zonnebril, fluo sportpak, obligate zonnepet of paraplu.

Rust, daar gaat het om. 

Het paleis stond in vroeger tijden ook al gedeeltelijk open voor de stedelingen. Zij vergaapten zich sinds de veertiende eeuw ongetwijfeld ook aan de honderden veelkleurige tafereeltjes die op de larikshouten balken waren geschilderd en tot op de dag van vandaag redelijk goed bewaard zijn gebleven. Naast religieuze taferelen werden vooral bestialiteiten geschilderd: vreemdsoortige wezens met lange nekken, nonnetjes met wieltjes, kopvoeters, enz. 

De rest van het paleis is minder indrukwekkend, al krijgen we toch ook even een licht bisschoppelijk gevoel als we in een klein kamertje het raam aan de kant van het plein openzwieren en lichtpauselijk zedig handschuddend onze zegen uitspreken over de stad en de wereld.

Na een dubbele espresso op het plein voor het paleis, rijden we richting Grimaud. Als je een aantal keer in de Var bent geweest, weet je dat het bijna heel de dag bumperkleven is van Sainte Maxime tot St.-Tropez. Dat is ook vandaag niet anders. Sterker nog: de gps geeft zelfs al zware vertragingen aan voor Sainte Maxime.

We kiezen daarom voor de tolweg en eens de afrit genomen, slalommen we door het Massif des Maures. Deze regio ken ik ondertussen zeer goed. In 2010 waren we met het gezin in Le Plan de la Tour op vakantie in een gehucht met zicht op de enorme heuvels en twee jaar geleden was ik hier opnieuw tijdens de eerste wijntrip.

In de Déjà Vu (hoe toepasselijk), een bistro op het pleintje voor het gemeentehuis van Le Plan de la Tour zoeken we de schaduw op onder een van de enorme platanen die samen met een klatterend fonteintje en de gekleurde huisjes met houten luikjes het pleintje uit elk fotoboek doen springen. 

Twee jaar geleden aten we al een keer op het terras van deze zaak. Een enorme côte de boeuf was toen het diner waar we met steeds weer vocht opwekkende speekselklieren aan terug dachten in de dagen die erop volgden. Perfect gebakken vlees met een zelfbereide roquefortsaus, maar ook met champignon- en pepersaus. 

Deze keer gaan we voor boeuf met foie gras en truffel, met een prima truffelsaus als glijmiddel.

Het eerste wijndomein dat we aandoen is dat van Val de Gilly in Grimaud. Een domein dat ik sinds 2010 iedereen aanraad die in de regio op vakantie gaat. 

We worden ontvangen door een frisse jonge verschijning die nog maar enkele maanden de proeverijen in goede banen leidt, want hoe afgelegen het domein ook moge liggen, het is een af- en aanrijden van toeristen en lokale liefhebbers om de godendrank te komen degusteren. Een min of meer vaste kracht in de degustatieruimte is dus geen overbodige luxe, wil je niet voortdurend van je wijnbouwwerk gehouden worden, want wijn moet nu eenmaal ook gemaakt worden.

De prijzen zijn lichtjes mee geëvolueerd sinds onze eerste wijntrip maar zijn nog steeds te laag voor de kwaliteit in de fles. Zoals steeds proeven we alles wat er te proeven valt, een redelijk evidente proeftechniek voor iemand die in het leven staat met de idee dat het leven niet 'of ... of ...' is maar 'en ... en ...'. 

Als je wit, rosé en rood proeft, doe je dat steevast in deze volgorde. Meestal gaat bij het proeven per type naast de kwaliteit ook de prijs omhoog. Toch is het cruciaal om vooral je eigen smaak te laten primeren en niet te gaan voor wat 'duurder is en dus beter'. Zo heeft Val de Gilly als duurste rode wijn (9,6 euro, sic) eentje die maandenlang eiken vat heeft gezien. Op zich best wel lekker, maar de wijn er net onder is niet alleen 2,5 euro goedkoper, hij heeft in mijn ogen nog meer groeipotentieel, wat door de proefdame niet werd tegengesproken.

Omdat we nog iets of wat van festiviteiten van plan zijn het komende jaar bestel ik 22 dozen en ook de anderen bestellen ruim voldoende. De achterbank van de Audi gaat plat en een eerste volledige laag wordt ingeladen. 

Om het degusteren van de wijn nog iets meer lokaal cachet te geven, koop ik ook 6 wijnglazen die naar verluidt onbreekbaar zijn. Gezien mijn bestelling, krijg ik een extra doosje glazen cadeau en voor vanavond schenkt de eigenares, die ondertussen mee is komen inladen, nog drie flesjes rosé van het huis. 

Wil je ze graag in een doosje?

Graag.

Even later komt ze terug met een karton van zes omdat ze haar plakbandroller nergens kan vinden. 

Je krijgt ze alle zes cadeau.

Op naar St.-Tropez. De mondaine badplaats kun je bezwaarlijk een stad noemen. 'Stadje' is eigenlijk ook nog iets te ruim bemeten qua typering. St.-Tropez is een dorp, een heel rijk dorp waar iedereen gezien wil worden.

Als je de haven van op afstand bekijkt, valt een flink stuk van de in verval geraakte huizen weg, omdat een of andere meerdewaardezoeker er zijn sloep voor heeft geparkeerd. Huizen die elk toch wel enkele etages tellen. De jachten liggen er bakboord tegen stuurboord, de ene nog opzichtiger dan de andere en allemaal ingeschreven in de Kaaimaneilanden, een van de bekendste belastingparadijzen. De grotere jongens hebben een hele equipe aan personeel mee om met het ding te varen, de keuken een keer te gebruiken en ook dat zwembad aan boord proper te houden als de eigenaars er even geen zin in hebben. 

Eigenaars van dergelijke drijvende eilanden leven in hun eigen ecosysteem en hebben zelden uitstaans met de rest van de wereld. Heel sporadisch komen ze eens van boord om met een scooter wat rond te toeren op de dijk terwijl ze genieten van de vele ogen die hen vanop de naar de dijk gekeerde zeteltjes aankijken. 

Hebben we het gemaakt of niet?

Na The Sky is the Limit, de decadente realityreeks op Vier over rijke stinkerds, verwachten we minstens Harry en Olga voorbij te zien lopen vanop een van de terrasjes. Tevergeefs. 

We concentreren ons dan maar op de espresso waarvan elke drup 1 oude Belgische frank kost. Belachelijk duur, maar uiteindelijk kost een dagje Planckendael ook al gauw enkele tientallen euro's en daar kun je op zo'n korte tijd onmogelijk zoveel te zwaar uitgedoste, bronstige, kokette en andere rare diersoorten aanschouwen.

Bij het voorbereiden van de wijntrip heb ik ook enkele wijndomeinen geselecteerd in de buurt van St.-Tropez. We toetsen het eerste domein in en de gps geeft een dikke 10 kilometer aan. Hoppa, wij weg.

Toch voor een meter of 50, want net buiten het parkeerplein staat alles muurvast. Vijf minuten lang is er zelfs geen beweging merkbaar zover je kunt kijken in de file langs de azuurblauwe kustlijn. Alternatieve routes geven aan dat we minstens de eerste 5 kilometer de colonne moeten volgen en dan via haarspeldbochten landinwaarts wel een kans zouden maken. Alleen tikt de klok op dat moment vier keer sneller dan normaal. De tijd verglijdt en de geplande aankomsttijd nadert 18 uur, het heilige uur waarop de meeste wijnboeren het laten degusteren voor bekeken houden en zich samen met hun madamme voor de tv gooien om naar de Franse Jeroen Meus te kijken.

Het tweede domein valt sowieso af, dat is duidelijk. Even later zien we ook onze laatste hoop op een lekkere proeverij bij het eerste domein wegvallen. 

Onbegrijpelijk dat een badplaats die zich zó wil profileren als the place to be, zo slecht bereikbaar is. Dat gasten omwille van de drukte niet aan hun noodzakelijke proefsessie toekomen, is ronduit misdadig. Maar daar trekken ze zich in St.-Tropez natuurlijk niks van aan. Zij komen per boot en sturen hun hulpje wel per scooter om een aantal flesjes rosé. 

Gelukkig hou ik aan St.-Tropez nog een nieuwe hoed over die perfect past en beter mistral-proof is dan de andere. 

Met deze gedachte en een karton Val de Gilly, komen we de avond wel door nadat we eerst opnieuw voortreffelijk hebben gegeten in Mer du Mer.

18:23 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

Ma 26 mei 2014 - The day after

DSC_6022.JPG

26 mei. De dag na de moeder der verkiezingen. N-VA haalt een monsterscore, het VB krijgt een mokerslag en de rest blijft min of meer status quo. 

Traditioneel evalueert elke partijvoorzitter de uitslag positief zelfs al valt er verlies op te tekenen. Ook deze keer is dat niet anders. "Als we enkele maanden geleden de peilingen mochten geloven, dan hadden we nu een veel slechter resultaat gehad", klinken de traditionele partijen unisono.

Omdat gisteren op drie niveaus gekozen werd, was er bovendien ook voor elke partij wel een mogelijkheid om de mindere prestaties op een bepaald niveau te 'vergeten' en de betere resultaten op een ander in de verf te zetten.

De Wever staat ondanks zijn electorale tsunami voor een zeer moeilijke opdracht. Hij zal partijen naar zijn regeringen moeten lokken die enerzijds staan te trappelen om mee te doen, maar hem het licht in de ogen niet zullen gunnen om te scoren. De voorbereiding van de volgende verkiezingen begint immers steeds de dag na de vorige.

De kiesstrijd zelf is grotendeels aan me voorbij gegaan en ook de verkiezingsdag zelf verloopt anders dan gebruikelijk. Vroeger ging de tv aan rond de middag en keek ik mee uit naar de eerste uitslagen van een of ander Oost-Vlaams gehucht om geleidelijk aan de 'eerste tendenzen' te ontwaren en politicologen en andere orakels voorspellingen te horen maken. Ik genoot van de loslippige mindere politieke goden die, ondanks uitdrukkelijke partij-instructies, instinctief het te veel aan zendtijd volpraatten op basis van drie getelde kantons. Ook de intocht van de partijkopstukken op aangepaste muziek, de over elkaar struikelende journalisten (meestal een tiental van de VRT zelf) op zoek naar die ene quote en het kopstukkendebat waar slechte verliezers niet altijd blijk geven ooit mediatraining te hebben gevolgd, waren telkens dingen om naar uit te kijken.

Omdat de namiddag integraal werd doorgebracht op een zonovergoten communiefeest en de avond op een lekker terras bij vrienden na de dagelijkse wandeling komt er van tv kijken maar weinig in huis en dat is maar goed ook. 

Na een redelijk korte nacht draai ik om half 9 de auto in gang. De gps geeft 1200 kilometer aan. 

Het is ongelofelijk kalm op de weg. Quasi nergens is het aanschuiven. Moet België nog bekomen van gisteren?

De enige keer dat ik in België de auto uit cruise control moet halen, ben ik al bijna aan de Luxemburgse grens. Kilometers lang is de weg afgezet met fluo kegels en moet alle verkeer op één baanvak omdat er welgeteld ėėn, evenzeer in fluo uitgedoste wegenwerker met een platte schup en een dampende emmer asfalt de putten in de Waalse wegen aan het herstellen is. Zou dat bedoeld worden met een 'herstelregering'? Dan laat Bart de Wever er inderdaad geen gras over groeien. 

Ook in Frankrijk werd gisteren gestemd voor het Europees parlement. Het Front National haalde er een monsterscore van 25%. Dochter Le Pen hoor ik op de radio pleiten voor het ontslag van de regering Hollande en nieuwe verkiezingen. 

Omdat er ook de voorbije weken door onze politici al genoeg vitriool werd geschonken in plaats van lekkere wijn, besluit ik de radio en alle onheilstijdingen uit te zetten. 

Het alternatief wordt een trip down memory lane: de volledige cd-collectie van De Strangers in chronologische volgorde. 

De Strangers hebben geschiedenis geschreven, letterlijk. Hun bewerkingen van populaire liedjes beschrijven faits divers, maar ook nationale en internationale gebeurtenissen en situaties zodat je enkele cd's verder al twee decennia geschiedenisles achter de rug hebt, vlot cruisend over bij tijden lege Franse wegen. 

De gemakkelijke rijmelarij van de beginjaren maakt al snel plaats voor pareltjes als Egmont-disco, een disconummer over de politieke krachtverhoudingen en de rol van de partijvoorzitters ten tijden van het Egmont-pact. Ook De Strangers hebben dus iets met politiek. In de jaren 60 hebben De Strangers nog pro-CVP-liedjes gemaakt voor de gemeenteraadsverkiezingen in Antwerpen. Begin jaren 90 traden ze een keer op tijdens een Vlaams feest dat achteraf georganiseerd bleek door het Vlaams Blok. Ze kregen de volledige pers en de Vlaamse cordon sanitaire-partijen over zich heen. Ėėn optreden en hun carrière was zo goed als afgelopen. Eén van de Strangorianen is een aantal jaren later nog opgekomen voor de pas ontstane N-VA. 

De cirkel lijkt rond, muzikaal alleszins.

Het is al bij al jammer dat groepen als De Strangers niet meer bestaan. Als ze al laconiek waren over de aanleg van de premetro in Antwerpen of van de Kennedytunnel, wat zouden ze nu niet kunnen doen met de Oosterweel, het overkappen van de ring, de kracht van verandering, Elio en zijn vrienden, enz.?

Iets voor zeven duikt de Middellandse Zee op, terwijl een door De Strangers bewerkt Frans chanson speelt. Toeval bestaat niet.

Om 7 uur rij ik de oprit op van Mer du Mer.

Jef en Wim, twee van mijn reisgenoten, zijn reeds een uurtje eerder toegekomen. Ze waren vanmorgen in alle vroegte vertrokken. Swa, die gisteren al was afgereisd, is nog niet te bespeuren. Hij ging nog even buurten bij een goede vriend in Bormes-les-Mimosas.

We trekken alvast een flesje bubbels open om onze aankomst te vieren en te klinken op een zalige week. Het terras heeft een uniek zicht op de baai tussen Fréjus en Sainte-Maxime en de zon is nog steeds stevig van de partij.

Mer du Mer wordt gerund door Belgen. Natacha en Johan verkochten elk hun zaak en trokken een jaar geleden naar het zuiden van Frankrijk, samen met hun dochter die in Cannes verder toerisme wil studeren. Ze komen al 35 jaar in deze regio met vakantie en zijn dus niet over een nacht ijs gegaan. 

Zelf wonen ze op de eerste verdieping met een zo mogelijk nog weidser zicht op de omgeving dan het zicht op de hemel dat we vanuit onze hotelkamers hebben. Vanavond eten we in hun eetkamer. 

We laten ons de verschillende gangen welgevallen, terwijl les meilleures chansons françaises door de speakers klinken. Natacha verzorgt een prima table d'hôte met verse lokale producten en aangepaste wijnen.

Afsluiten doen we op het terras, waar het nog steeds zeer aangenaam vertoeven is. Een vaatje rood wordt aangestoken.

Rond 12 uur sluit ik de dag af met het besef dat de vakantie nu echt begonnen is.

00:15 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

22-04-14

Vr 11 april 2014 - Kom van dat dak af in Barcelona

reisverslagen

Met Barcelona als laatste halte sluiten we onze vaart op het mediterranese sop af op een hoogtepunt. 

Exact 10 jaar geleden ontdekten we de pracht van de stad van Gaudí, toen nog zonder kinderen, al reisde rune al clandestien mee. 

Barcelona in de zon is als de eerste rosé op een terras na een veel te koude winter: je wilt er niet meer weg en voor alles wat de setting maakt, wil je gerust blootsvoets op bedevaart naar Santiago de Compostela. 

Over wandelen gesproken. De voorbije dagen maakten we er een sport van om steeds met de trap etages te doen op de boot, ook naar boven en ook na de meest uitgebreide diners voor alle duidelijkheid. Enerzijds omdat ondanks het hoge aantal liften op de Splendida de gemiddelde wachttijd voor een vrije lift al gauw overeenkomt met een rit Massenhoven-Antwerpen in volle ochtendspits, anderzijds omdat we de buffet- en cocktailkilo's wilden compenseren. Met succes overigens. Uiteindelijk zullen we geen gram bijgekomen zijn na de cruise.

Een shuttlebus brengt ons tot vlak bij de Ramblas, de artistieke aorta van het oude Barcelona. Elk rechtgeaard artiest is een nachtvogel die in het beste geval thuiskomt wanneer eerste zonnegloed boven zee verschijnt. Dat we op dit vroege uur maar weinig straatkunstenaars tegenkomen, is dus niet vreemd. De commerçanten zijn, geheel volgens hun levensstijl, wel actief. 

De overdekte markt lijkt wel een kinderschilderij door al het verse fruit. Het kleurenpalet is dat van de basisset Bruynzeel-potloden: geen pastel en andere Debbie Travis-kleuren, wel het friste groen dat je ooit hebt gezien in combinatie met het vurigste tomatenrood en het meest tropische ananasgeel. Verder nog heel wat geschraagd vlees dat zich uitstekend leent om tapas van te snijden, smakelijke kazen en inktvis in alle mogelijke hoedanigheden. Geen wonder dat de gemiddelde Barceloniër er geen vreugde in schept om 's morgens een streep choco te trekken op een korst oud brood, maar liever de zuiderse keuken en animositeit van de markt opzoekt. Tapas als ontbijt. Het kan en het oogt alvast bijzonder lekker.

Onze kilo's en het nog maar pas aan de vertering begonnen ontbijt indachtig, ontzeggen we ons al dit fraais, al kost het wel aardig wat moeite. 

Toen we tien jaar geleden voor het eerst het Middellandse Zeewater becruiseten, was internet uiteraard al wel gemeengoed in het bedrijfsleven en thuis, maar mobiel en zeker op vakantie was het een curiosum. Het was de tijd voor de iPhones toen iedereen met een 3310 van Nokia rondliep en geen WiFi of 3G nodig had. Ondertussen zijn de tijden veranderd. We swipen ons een weg door het leven en ook op reis is een deftige verbinding stilaan even evident geworden als water en elektriciteit. 

Op de Splendida kun je 'niet gegarandeerd' en 'tegen betaling' gebruik maken van het netwerk van het schip. Van het eerste ben je dus niet zeker, van het tweede wel. Het kost je maar liefst 160 euro om een week onbeperkt op de WiFi van het schip te kunnen. Door de woeste baren en andere drogredenen kan de sterkte van het signaal en ook het signaal zelf niet gegarandeerd worden. Rekenen op de WiFi van MSC is dus een beetje als naar een waarzegster gaan: je geld ben je kwijt, de rest valt af te wachten.

Omdat we de reis nul-komma-nul hebben voorbereid kunnen we ons wel een weg banen door de straten die we vorige keer hebben gedaan, tenminste daar waar ons geheugen ons niet in de steek laat. Met twee kinders die voorlopig nog flink meestappen kun je dit casinogewijs wandelen echter niet blijven volhouden. Barcelona is immers geen kleine stad.

De toeristische dienst bevindt zich op de eerste verdieping van een telecomwinkel. Terwijl ik ga aanschuiven voor een kaartje verkneukelen Els en de kinderen zich aan de toonzaalmodellen van de nieuwste types smartphones. In geen tijd zit Els op haar Spaanse facebookprofiel, heeft Finn een spelletje gedownload en heeft de Rune de wekkers van een aantal toestellen ingesteld op 12 uur vanmiddag zodat tegelijk de helft van de winkel zal gaan rinkelen. 

Ondertussen loopt het aanschuiven voor geen meter, letterlijk dan. 10 minuten en slechts twee mensen voor mij worden door de weer talrijk opgekomen toeristische medewerkers gedecimeerd. Plots valt mijn oog op het bordje 'Free WiFi'. De Barceloniaanse hemel klaart plots open, gedaan met het geplooi van die onhandige kaartjes. Zeker nu mijn andere oog valt op een aantal QR-codes op de muur waarmee je toeristische apps van de stad kunt downloaden: Barcelona met Gaudí, middeleeuws Barcelona en officieel Barcelona (wat 'officieus Barcelona' is, interesseert me eigenlijk nog meer).

In geen tijd trekt de hemel echter dicht met grijze wolken vol bits en bytes. De connectie is zeer traag en valt geregeld weg. De apps vallen simpelweg niet te downloaden. Ook niet op de andere plekken in de zaak die ik probeer, waardoor ik mijn plaats in de wachtrij kwijt raak. Op een gigantisch scherm voor mij flikkert in koeien van letters 'We connect the world'. In your dreams, prutsers!

Redelijk gefrustreerd verlaten we nog eens twintig minuten later de toeristische dienst met een plannetje dat een detailniveau van straatnamen heeft, vergelijkbaar met dat van Parijs waarop alleen de Champs-Élysées met naam op vermeld staat. De reclame op de rand van het kaartje is uiteraard wel goed leesbaar.

Het is dus kruispunten tellen op weg naar de Sagrada Familia, en kruispunten, daaraan is geen gebrek in deze toeristische trekpleister. Onmiddellijk valt ook op dat de schaal van het prutskaartje niet compatibel is met onze wandelplannen. Onze ambitie om even naar Parc Güell te wandelen, valt redelijk snel in duigen wanneer we merken dat een centimeter op de kaart veel meer dan 100 meter is. 

Uiteindelijk bereiken we via twee Gaudí-woningen en tientallen kruispunten de Sagrada Familia, de enige kerk ter wereld die meer bekend is door de torenkranen die errond staan dan door de kerk zelf. Gaudí is er in zijn leven niet in geslaagd de kerk te laten bouwen. Volgens de meest optimistische inschattingen zal het meesterwerk pas in 2026 klaar zijn, de siësta's van de arbeiders meegerekend. 

Dankzij de Bongo-bons en de promo's van Weekenddesk lijkt iedereen Barcelona ontdekt te hebben. Het moet van de dood van Boudewijn geleden zijn dat er nog zoveel mensen stonden aan te schuiven om ergens binnen te geraken. We volgen de mensenmassa tot de onfortuinlijkste van de bende die als laatste was aangesloten in de rij, helemaal aan de andere kant van de kerk. Omdat de wachtende mensenrij even snel opschiet als de toeristen in de toeristische dienst wachtend op een stadsplan, beslissen we al snel een bezoekje uit te stellen. Een gouden tip voor de Bongo-bonners: reserveer je entreetickets via internet en doe dit vooral thuis. Dan kun je de short cut nemen aan de kerk.

"We komen wel terug als het af is", roepen we in ons beste Spaans en duiken fluks de metro in, waarbij we in een keer ons goede voornemen begraven om de dag al wandelend door te brengen.

Het is ondertussen een stuk na de middag en een hongertje begint zich meester te maken over de kinderen afgaande op hun vioolachtige gezeur.

Vlakbij Parc Güell trakteren we ons op een bord tapas en enkele glaasjes rosé. De zon schittert op het terras terwijl er ook verfrissende druppeltjes uit de nagenoeg blauwe hemel vallen.

Parc Güell was bij ons vorig bezoek nog gratis. Sinds kort betaal je inkom. 

Omdat de bemozaïekte banken met salamander-figuren voor kinderen echt wel de moeite zijn, betalen we met graagte de entree. Aan de balie is het onduidelijkheid troef: iedereen staat blijkbaar op de verkeerde plek aan te schuiven (wij dus ook), de tarieven blijken niet direct helder en ook dat je pas uren na het kopen van je toegangsticket effectief binnen kunt, staat nergens aangegeven. Het is net twee uur geweest als we aan de beurt zijn. Willen we het park binnen, dan kan dat pas om 16 uur. Reken een dik half uur bezoek, een wandeltocht van een even dik kwartier naar het dichtstbijzijnde metrostation en nog een metrorit en de planning wordt plots heel krap om op tijd terug aan de shuttle te zijn voor de laatste rit naar de haven. 

Bon, dus ook geen bezoek aan Parc Güell. Het bezoek aan Barcelona hadden we ons net iets anders voorgesteld. We hebben veel zin om gewoon terug naar de boot te gaan en onze ergernis op deck 14 te doen smelten met de dance moves van een of andere Japanner, tot we enkele mensen naast de kassa het park in zien gaan. Habitués, denken we.

We besluiten hen te volgen. Het grootste deel van het park is nog steeds vrij toegankelijk, zo blijkt. Alleen voor het deel met de mozaïekjes moet je betalen.

Het park wordt ingenomen door de ondertussen wakker geschoten straatartiesten. Gigabellenblazers, levende standbeelden zonder hoofd, solisten, maar ook heuse muziekgroepen die een pak zuiderse ambiance brengen. Samen met de prachtige stenen constructies van Gaudí, is dit het echte Barcelona. De mozaïekbankjes zien we van op afstand. Ze worden bewaakt als ware het de kroonjuwelen van het Britse koningshuis. Wat een onzin, allemaal.

Als laatste stop willen we nog een bezoekje brengen aan het Picasso-museum. Ook dat valt in het water omdat we het simpelweg niet vinden. Het toeristische kaartje blijkt even nauwkeurig met zijn plaatsaanduidingen als een trefzekere blinde voor een schietkraam. Ook de schaal van de kaart helpt niet echt. Het is België zoeken op een kaart van het melkwegstelsel.

In onze zoektocht naar het museum botsen we op de oude kathedraal van Barcelona. Het plein ervoor ligt bezaaid met zonnebadende toeristen. De terrassen zitten overvol zoals bij de Romeo's. In heel Barcelona lijkt geen terrasstoel nog vrij.

Zes euro kost een bezoekje aan de kathedraal. Kinderen mogen gratis binnen, waarschijnlijk om hun jonge ongeschonden zieltjes te winnen. Omdat we nog even tijd hebben, gaan Rune en ik de kerk binnen. Els en Finn doen een rommelmarktje op het plein voor de kathedraal. 

De onverwachte stop in de majestueuze kerk blijkt de perfecte afsluiter van onze aaneenrijging van citytrips. Het interieur en de kloostergang zijn indrukwekkend en rustgevend tegelijkertijd. Toch is het een eenvoudig bordje dat van het kerkbezoek letterlijk het hoogtepunt van de dag (en volgens Rune zelfs van de reis) maakt: het bordje 'ascensor'.

Deze kathedraal heeft een lift of wat?

Goed verstopt achter een hoekje in de zijbeuk staat een dame de bezoekers te tellen. Maximum 8 personen tegelijk mogen de lift nemen tot op het dak.

Het dak van de kathedraal wordt momenteel gerenoveerd. Overal in de kerk vind je oproepen tot het doneren van alles wat je kwijt kunt om het kerkdak in haar volle glorie te herstellen. Mensen de lift laten nemen en hen de unieke ervaring geven op het dak te wandelen en de pracht van de kathedraal en de stad tot zich te nemen, moet een idee van Broeder Marketing geweest zijn.

Het zicht is inderdaad adembenemend. We zien onze boot liggen, wat onze wandeltocht naar de shuttlebus ineens een stuk korter maakt. Het stratenplan van Barcelona wordt dan ook ritueel opgefrommeld met een luide 'amen' als conclusie.

Wanneer we Barcelona uitvaren laat de entertainment-crew een serieuze steek vallen door de soundtrack aan boord niet aan te passen aan dit wondere moment. 'Barcelona' van Freddie Mercury en Montserrat Cabale zou de ideale slotnoot zijn van onze cruise. Voldoende tragiek, energie, zeemzoeterigheid en kitsch in één nummer om de volledige 'best of' van ABBA in het niets te doen verdwijnen.

De camp vinden we gelukkig in het theater vanavond tijdens een wervelende show die zonder complexen het label 'burlesk' verdient.

 

De reis zit er op.

Een laatste keer een reisverslag schrijven bij livemuziek met een goed glas wijn en wat knabbeltjes. Afscheid nemen van Luc, Ilse en Alec. 

Morgen gaan we om 9.15 van boord om 's avonds rond 19.30 in Halle aan te komen en even later de Johannespassion mee te maken in Amuz.

Het zal toch wennen worden ...

... trappen die vanaf nu terug dienen om van verdieping te veranderen in plaats van als fotodecor

... de ABBA's die niet om de drie nummers door de boxen klinken

... zelf weer die wijnkelder in moeten omdat er niemand Sangiovesi komt brengen terwijl je naar een fijn streepje pianomuziek zit te luisteren.

...

00:39 Gepost in Algemeen | Commentaren (1) | Tags: reisverslagen |  Facebook

19-04-14

Do 10 april 2014 - De naweeën van het bubbelbad

reisverslagen

Gisteren werd het kreeftenseizoen open verklaard. Twee keer bijna een uur in het bubbelbad onder een helderblauwe hemel met een verfrissend windje maakt dat alles wat gisteren boven de pruttelende waterlijn zat, nu rood aanloopt zonder dat er rode wijn mee gemoeid is.

Zelfs de hydraterende Niveamelk wordt geabsorbeerd als het blauwe (?) water destijds in de eerste Vania-reclames met veenmos. Als beeld werd toen een uitgestrekt meer gebruikt om de zuigkracht van veenmos aan te tonen. Dat de fabrikanten van dompelpompen daarna nog iets verkocht hebben, begrijp ik nog steeds niet. Wie heeft er nu een pomp nodig als je met een pakje Vania hetzelfde bereikt?

De zin ontbreekt me in elk geval om nog in de buurt van het bubbelbad te komen, tenzij dan om aan de bar een cocktail te bestellen.

De entertainment-crew is vandaag zeer vroeg uit de veren om de menigte in beweging te krijgen. Het valt me al een week op hoe weinig ervoor nodig is om onze medereizigers uit hun ligzetel te krijgen. Dat je kans maakt op een MSC-cd-houdermapje in dit Spotify- tijdperk, is blijkbaar al voldoende om je voor honderd toeschouwers onsterfelijk belachelijk te maken met pruiken, zotte hoedjes, stoelendans-wedstrijden en andere gênante acts waarvan je liever hebt dat er geen beelden van overblijven.

Zoals in elke aflevering van 'Komen Eten' zorgt ook de op zich getalenteerde crew ervoor dat ze telkens enkele typetjes op het podium hebben.
Een mooie, liefst blonde, net volwassen meid (voor de testosteronbommen aan boord).
Een moedertype, liefst een soort Mama Miracoli (voor de vele Italiaanse gasten).
Een jonge, liefst fijn bebaarde twintiger (voor de vele jonge meiden, maar ook voor de mama's op zoek naar een ideale schoonzoon).
En, last but nog least: een oude, schattige Japanner (voor iedereen die eens goed wil lachen).

Het laatste typetje is by far het belangrijkste in deze Commedia dell'arte. Oude, schattige Japanners hebben alles om zelfs in FC de Kampioenen als karakter mee te blijven draaien: de taal is onverstaanbaar (dus misverstanden à volonté), ze zijn klein (dus je kunt een krukje of een stoel laten aanrukken als ze iets op 'normale' mensenmaat moeten doen) en ze lijken wat wereldvreemd (dus het wordt alleen maar lolliger als ze met hun veel te grote schoenen en hun compleet niet compatibele kleding moeten dansen op moderne Zuid-Amerikaanse songs).

De Japanner van vanmiddag zou de oosterse tweelingbroer van Jan Peumans kunnen zijn, zelfs zonder de persiflage van Jonas van Geel veruit de meest amusante hedendaagse politieker. Beeld je die Jan Peumans in die voor een keer zijn kimono thuis heeft gelaten en in een soort safari-pak met veel te grote schoenen overtuigd maar onbewust compleet uit de maat danst op Danza Kuduro en omwille van zijn hoge aaibaarheidsfactor door de crew eruit wordt gepikt voor een hoedenspelletje waarbij Peumans zijn hoedje op het hoofd moet zetten van een jonge, fijn bebaarde twintiger die een kleine meter langer is. Hilariteit alom.

Alec, Rune en Finn zijn ondertussen druk in de weer om elkaar te entertainen met waterspelletjes, verstoppertje voor gevorderden en talrijke bubbelbadsessies.
Die mannen gaan elkaar zeker nog zien na de reis, dat is duidelijk.

Op de soundtrack van de Splendida (van ABBA over Psy en The Beatles tot zelfs The Baseballs) verken ik het schip. Het valt me op dat er overal volk zit, maar dat het nergens echt druk is. Nochtans is de boot volgeboekt.

Overal waar je komt zijn medewerkers in de weer om het schip spic & span te houden en de gasten te vermaken. Overal weerklinkt muziek, die meestal live wordt gespeeld. Overal kun je eten en drinken.

Een cruise is een groot bedrijf dat strak gerund wordt en waar op elk moment van de medewerkers verwacht wordt dat ze er zijn voor de reizigers. Een front office van meer dan 1000 personeelsleden die letterlijk 24 uur op 24 met de glimlach klaar moeten staan en elke dag, elke week opnieuw met de gasten moeten meeleven alsof het hun eerste cruisetrip is.

Godsonmogelijk, en toch doen ze het.

12:40 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

18-04-14

Wo 9 april 2014 - The taxi cab war (naar een van de beste afleveringen van The A-Team)

reisverslagen

Om 8 uur meren we aan in La Goulette, de haven nabij Tunis. Tunis en Carthago bezochten we reeds een tiental jaar geleden tijdens een reis van een week doorheen Tunesië.

Vooral de soeks en de musea zijn bijgebleven van toen. Omdat we al om 13.30 terug vertrekken richting Barcelona is de tijd beperkt. Eigenlijk te beperkt om veel te doen.

De opdringerigheid van de verkopers in de kraampjes is niet direct iets waar we naar uit kijken. Anderzijds hoort het natuurlijk bij de couleur locale.

We zijn nog maar net van het schip of het zich opdringen start al. Of we niet even op een kameel willen zitten voor een foto? Of de kinderen geen roofvogel willen vasthouden voor een foto? Al een geluk dat die sopraan van gisteravond niet bij ons was anders waren de beesten nu waarschijnlijk wees van door de aarde opgeslokte fotografen.

Even verder op de kade zien we de kletsnatte showtrap-fotograaf opnieuw aan land klimmen. (dit laatste is mogelijk niet helemaal echt gebeurd, nvdr.)

Het aandringen blijft duren. Wanneer we de douane en het namaak toeristenmarktje voorbij zijn, kleurt de wereld geel. New Yorkse toestanden in La Goulette. Er staan meer yellow cabs te draaien, wachtend op toeristen, dan er in Manhattan rond bollen.

Plotseling zijn we ieders 'goede vriend'. Hoe verder we gaan hoe opdringeriger de taxichauffeurs worden. Eentje achtervolgt ons zelfs te voet met de boodschap dat hij de meest betrouwbare is. Een hele geruststelling. Hoe verder we gaan, hoe goedkoper we ook naar Tunis kunnen, tenminste als we de heren mogen geloven.

Er zijn twee soorten taxichauffeurs in La Goulette: chauffeurs die braaf in een rij gaan staan en netjes hun beurt afwachten tot er weer nieuwe kandidaten opduiken en chauffeurs die je per auto proberen te verleiden om in te stappen. De eerste soort staat in een door militairen bewaakte toeristenzone vlakbij de terminal. De tweede soort die aan omgekeerde straathoererij doet en klanten oppikt langs de weg, is ongecontroleerd en straalt niet bepaald vertrouwen uit.

We worden achtervolgd tot we bijna 2 kilometer van de terminal zijn en verbeteren daarmee ons vorige record 'straal negeren'.

La Goulette trekt jaarlijks tienduizenden cruisetoeristen aan, tenminste als af- en opstaphaven met de bedoeling Tunis te bezoeken. In het dorpje zelf is er niets te zien. Voor de kinderen is het zelfs de eerste indruk die ze krijgen van de Noord-Afrikaanse cultuur. Uiteindelijk gezien niet zo gelukkig omdat nu het beeld blijft hangen van vuiligheid op de stranden, verloedering van gebouwen en straten, lamlendigheid en doelloosheid.

Niet dat je van La Goulette een grootse trekpleister moet of zelfs kunt maken, maar iet of wat nette stranden met een aantal gezellige terrasjes aan de eindeloze kustlijn zouden al wonderen kunnen doen. Voor het soort cruises dat er aanmeert, is het de enige bestemming in een week waar je rustig een dagje strand en zee zou kunnen plannen, tenminste als je je geen weg moet banen tussen groot en klein afval en niet overal het gevoel hebt dat je alles moet beschermen wat los en vast zit.

Onze dorpswandeling is dan ook van korte duur. Tunis doen we nog wel eens met de kinderen als we meer tijd hebben.

We gaan luilekkeren voor de komende anderhalve dag, want ook morgen zitten we een hele dag op zee.

De scrabblewoorden voor deze 36 uren zijn: bubbelbad, ligzetel, straalblauw, mojito en pina colada.

17:35 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

17-04-14

Di 8 april - Geschiedenis opsnuiven in Messina

reisverslagen

Van Messina op Sicilië hebben we geen verwachtingen, behalve dan dat we het stadje snel gezien zullen hebben. Volgens de reisinfo van MSC is een van de belangrijkste bezienswaardigheden een 4 kilometer lange hoogspanningskabel tussen Sicilië en het vasteland. Als daar geen massatoerisme op afkomt, weten we het ook niet meer.

Het twaalfde-eeuwse annunciatiekerkje van de Catalanen is het eerste waar we tegenaan botsen als we het schip verlaten. Het ligt ietwat verzonken onder het straatniveau waardoor iedereen er voorbij loopt.

Als het op het bezoeken van kerken aankomt, ben ik redelijk autistisch. Hoe groot, of in dit geval, hoe klein de kerk ook moge zijn, ik ga eerst naar het begin van de middenbeuk om interieur in me op te nemen. Er is altijd wel iets dat opvalt, iets dat het gebouw typeert.

Deze keer is het een gigantisch kruis achter het altaar met daarop een fijn gestileerde Christusfiguur. Ook Finn heeft in de mot dat het kruis de proporties van het kleine kerkje overstijgt en begint vragen te stellen over Jezus en wat er met de man gebeurd is.

Onze kinderen volgen zedenleer, omdat we hen niet van begin af in een club willen inschrijven waar ze uiteindelijk mogelijk geen zin in hebben. Dat we niet getrouwd zijn en onze kinderen niet hebben laten dopen, was niet geheel naar de zin van mijn moeder, en dat is zacht uitgedrukt. Mijn vader stond er destijds iets meer nuchtig tegenover en zei me ooit sussend 'Laat die kinderen nu gewoon dopen, dan zijn ze met alles in orde.' Alsof een doop hetzelfde is als een reispas gaan halen. Geloven moet je met goesting en overtuiging doen. Het volste respect heb ik voor iedereen die zijn geloof ergens uit put, zolang ik maar niet verplicht of zelfs maar gestimuleerd wordt om hetzelfde te doen.

Als uiteindelijk Rune of Finn zich bij een godsdienst willen aansluiten, zal ik er evenveel spijt van hebben als dat ze bij een sportclub beginnen, maar ik zal hun keuze respecteren, net zoals ook mijn ouders dat hebben gedaan.

Door zedenleer te volgen, missen ze natuurlijk wel de setting die wij destijds hebben meegekregen over het leven en de dood van Christus, noodzakelijke info om ook de westerse religieuze kunst te begrijpen. Het vragenvuur van Finn lijkt dan ook meer op een 'kruisverhoor', excusez le mot.

De vragen beginnen spectaculair ('Hoe hangt Jezus eigenlijk vast op het kruis') maar komen al snel uit op enkele al dan niet pertinente waarom-vragen als 'Waarom hebben ze Jezus eigenlijk aan een kruis gehangen?' en 'Waarom heet Jezus eigenlijk Je-zus? Jezus is toch een jongen? Moet hij dan niet 'Je-broer' heten?'

Meer heeft Rune dan weer niet nodig om redelijk absurdistisch verder te borduren op deze voor een 7-jarige logische vraag. In geen tijd belanden we in de 'Wat als'-sketch over de babysit. 'Je-moeder is de babysit!'

Even later vallen we de toeristische dienst binnen. Het aantal aanwezige ambtenaren per vierkante meter doet ons de angst bekruipen dat we weer in Napolitaanse toestanden terecht gekomen zijn. Of ze een kaartje van Messina hebben, wil ik weten. 'Een kaartje van Messina, een kaartje van Messina ...' De toeristische medewerker lijkt overdonderd door de vraag naar een simpel kaartje. De andere aanwezige ambtenaren leggen spontaan hun soortelijk gewicht in de schaal en instrueren ons aanspreekpunt om eens goed te kijken in een van de kasten achter de balie, want daar moet zeker nog een kaartje liggen. Even wanen we ons 25 jaar terug toen Mark Uytterhoeven en Wouter Vandenhaute in elke aflevering van 'Het huis van wantrouwen' op zoek moesten naar een videocassette.

Breed glimlachend legt de brave man een kaartje van de stad opengevouwen voor ons en begint enthousiast in zijn beste schoolengels uit te leggen wat de highlights zijn van Messina. Zelfs de lokale economie wil hij steunen door Els te wijzen op de shoppingstraat.

Enkele straten verder valt ons oog op een mooi binnenplein waarvan we maar een stukje kunnen zien van op straat. Een groot doek aan de inkom van de palazzo doet vermoeden dat het een museum moet zijn waar een of andere kunstenaar artist in residence is. De naam van de schilder, Maurizio Gemelli, zegt ons niets en we besluiten verder te wandelen, tot een sympathieke vijftiger ons aanspreekt. Of we geen zin hebben om de tentoonstelling te bezoeken? De inkom is gratis. De man is niet het type gladde verkoper dat je Theofiel Boemerang-gewijs uiteindelijk heel wat geld kost. Die zullen we morgen in Tunis nog genoeg tegenkomen.

We volgen hem naar binnen.

Het gebouw nodigt uit, de binnenplaats ziet er idyllisch uit. Op de achtergrond klinkt rustige gitaarmuziek.

De kunstenaar blijkt een lokale schilder te zijn die duidelijk een fascinatie heeft voor games, fantasy en vrouwelijk naakt in redelijk foute gedaanten. De taferelen spreken in elk geval tot de verbeelding van Rune en Finn. Een vuurspuwende draak die het schild van een arme ridder verhit met kokend braaksel gaat er immers beter in dan de zoveelste opstelling van illustere bijbelfiguren.

De brave man kan het niet laten ons persoonlijk wat extra informatie te geven over sommige werken, niet opdringerig, maar oprecht. Wanneer hij ziet dat we ons het bezoek laten welgevallen, vraagt hij of we een woordje in het gastenboek willen schrijven.

We wandelen richting de binnenplaats en zien plots een gitarist in een gedeelte van de achterbouw zitten. De gitaarmuziek die we heel de tijd hoorden, blijkt live gespeeld. Geen potje of ingedeukte hoed voor hem, geen vraag om aandacht of geld. De man geniet, net als wij, van de akoestiek van het gebouw.

Uiteindelijk komen we er ook toe het binnenplein met de Monte di Pieta uit 1616
te bezoeken. De oude trap en het sobere plein stralen een magistrale eenvoud en rust uit in het drukke Italiaanse stadsleven. Toch is het dat niet wat blijft plakken.

Net wanneer we door willen gaan, spreekt de man ons opnieuw aan. Hij vertelt honderduit over het gebouw en zijn verleden en komt zo naadloos bij 28 december 1908. De avond van de totale verwoesting.

Enkele dagen voor Kerstmis waren duizenden Sicilianen op bezoek bij hun familie in de kustregio. Het was iets na etenstijd toen een enorme aardbeving de regio trof. De inwoners van Messina ontvluchtten de stad en trokken naar de kustlijn uit vrees bedolven te worden onder de brokstukken. Ze zagen de zee plots wegtrekken. Even later werd de stad en zijn inwoners het slachtoffer van een alles verwoestende tsunami. Meer dan 70.000 slachtoffers waren er te betreuren.

Op enkele historische gebouwen na die zwaar beschadigd waren, moest de volledige stad heropgebouwd worden. Dat gebeurde met respect voor het verleden. Het Messina van vandaag is een stad met brede, moderne straten, maar in een oude bouwstijl.

We klimmen tot een van de hoogste punten van de stad, de kathedraal van Christus, vanwaar je een oneindig zicht op de omgeving hebt. Onderweg valt het op dat buiten de toeristisch interessante plekken ook Messina een oord van graffiti en zwerfvuil is. Doodjammer is het. Het had veel sympathieker geweest de Messinaianen alleen maar als rebelse foutparkeerders te typeren. De op zich al kleine Fiatjes worden meestal dwars in de parkeerplekken gezet om snelheid te winnen bij het parkeren. Anderen zetten hun auto weliswaar in de rijrichting, maar wel vlak achter de geparkeerde Italiaanse sapcentrifuges. Na een tijd kan niemand nog een straat in of uit met een eindeloos getoeter tot gevolg. Claxonneren is zo vanzelfsprekend in Messina dat je er na een tijd niet meer op let. Levensgevaarlijk, want de Messinaesiërs gebruiken hun toeter als alternatief voor zowel hun richtingaanwijzer als hun rempedaal.

Net voor de middag troept een menigte samen voor de kathedraal met de statige klokkentoren. Sinds 1933 dansen om 12 uur 's middags mechanische met bladgoud bedekte figuren in de toren nadat luid leeuwengegrom en hanengekraai door de luidsprekers is gegaan. Geen live beiaard dus, maar alles op tape: het Ave Maria om precies te zijn.
Waarschijnlijk afgekeken van de moslims die ook al lang niet meer hun minaret beklimmen op vaste momenten, maar een cd'tje laten starten met een of ander gebed. Trappen doen en geloven, het is in deze tijd geen vanzelfsprekende combinatie meer.

De goede raad van onze vriend van de toeristische dienst indachtig wandelen we nog even door de winkelstraat op zoek naar een nieuwe handtas voor Els. En ja hoor, de shoppinggoden geven gevolg aan Els' existentiële gebeden. We vieren de succesvolle netzak-queeste en een zeer fijn stadsbezoek op een zonnig terrasje met proseccootje.

De namiddag verloopt slurpend op het zonneterras. De kinderen gaan basketten, maar blijken een maatje te kleine voor de blanke Michael Jordans op het veld. Als troost duiken ze dan maar het bubbelbad in, tot ze er als vijfennegentigjarige uitkomen, toch als we de jaarringen op hun vingers mogen geloven.

Veel schoon volk vanavond op de Splendida. Het is formal night, en deze keer 'voor echt'. Het goud in de centrale hall is nog eens goed opgeblonken en de led-lichtjes schijnen nog meer te schitteren dan voorheen.

Het is drummen geblazen op de glazen trappen. Iedereen wil een glitter & glamourfoto voor het nageslacht. Professionele fotografen zijn zeer druk in de weer. Per trap een camera, dat maakt dat niemand kan ontkomen aan het geflits van de avond. Ze trekken iedereen die een beetje moeite gedaan heeft de trap op.

Later op de avond zie ik de sopraan die net enkele sublieme stukjes ten berde heeft gebracht ook voorbij de trap lopen. Een overijverige fotograaf neemt haar bij de arm om haar op de digitale plaat vast te leggen. Het enige wat ze vervolgens doet is met haar wijsvinger op het MSC-naamplaatje van de fotograaf tikken. Zonder iets te zeggen doet ze dek 5 onder de man openscheuren waardoor hij roemloos verdrinkt in de Middellandse zee. Ik ben ook van MSC, knaapje. Ik ben hier élke dag, maar dat zul je waarschijnlijk nog niet opgemerkt hebben omdat je nooit verder kijkt dan je camera, loser! Haar ogen zijn vernietigend net voor hij door de zee wordt verzwolgen.

Heerlijk, zo'n lichaamstaal.

20:01 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

16-04-14

Ma 7 april - Napels in coma

reisverslagen

Vandaag meren we pas om 13 uur aan in Napels.

Op zee zijn de temperaturen minder Italiaans dan op het vasteland. Toch weerhoudt dat Els en de kinderen niet om al in de voormiddag het bubbelbad in te duiken. Ook de waterglijbaan en het voetbalveld worden grondig uitgetest door de kinderen, terwijl we een glas bubbels nuttigen op deck 14.

Na een gezonde lunch willen we de Vesuvius aandoen. Een gebrek aan voorbereiding, het ontbreken van een deftige toeristische dienst en een falende 3G zorgen ervoor dat we niet het minste idee hebben hoe we tot de vulkaan moeten geraken. We proberen in de binnenstad aanknopingspunten te vinden om alvast vervoer te regelen, maar tevergeefs.

Tien jaar geleden waren we ook al eens in Napels, zonder de kinderen uiteraard. Op dat moment staakten de vuilnismannen voor de derde week op rij. Napels stonk dat het een vuile lust was. Het afval lag letterlijk in sommige straten en steegjes een verdieping hoog opgestapeld.

Vandaag is er geen sprake van een staking, maar of Napels er nu beter uitziet dan 10 jaar geleden? Overal zie je graffiti, staan vuilnisbakken midden op straat, is er een overaanbod aan straathonden en duiven, geuren de straten naar urine en rijden carabinieri's af en aan met veel getoeter maar zonder enig resultaat. Napels heeft prachtige historische gebouwen en er valt zeker iets met de stad te doen, maar dan moeten de Napolitanen dringend een stamp onder hun kont krijgen. Zelden hebben we een volkje meegemaakt dat zo weinig eer en trots over zijn stad heeft. Zelfs straatmuzikanten die doorgaans voor de couleur locale zorgen en moeten leven van hun enthousiasme, spelen er op automatische piloot op violen die in geen jaren werden gestemd.

Napels zien en sterven, zo luidt de leuze. Wel, in Napels lijkt iedereen in een honderdjarige slaap verloren.

Dat wordt eens te meer duidelijk bij een bezoek aan het Castel Nuovo, de prachtige burcht die je reeds van ver verwelkomt in Napels, maar compleet aan haar lot is overgelaten. De burcht huisvest naast een pak lokaal ongeïnspireerd overheidspersoneel heel wat Napolitaanse 'kunstschatten'.

Met vieren zitten ze te vegeteren wanneer we onze ticketjes kopen: een oudere man die instaat voor de toegangskaartjes en drie anderen die niet eens opkijken als we binnen komen. Aan de muren hangen vergeelde affiches van activiteiten die al maanden geleden plaatsvonden.

Vier ambtenaren om een tiental toegangskaartjes per uur uit te reiken, in combinatie met een overpopulatie aan zaalwachters die malafide bezoekers op andere ideeën moeten brengen wanneer die hun frustratie over hun museumbezoek willen botvieren op de schilderwerken, zorgen ervoor dat het museum niet anders dan verlieslatend kan zijn.

Qua kunst stelt het museum niets voor. Gisteren op de rommelmarkt van Genua lagen er veel interessantere werkjes dan wat er hier tegen de muren hangt. Toch zie je overal tv-schermen met bewakingsbeelden. Waarom toch? Flikker al die kaders er gewoon uit en geef het museum een andere bestemming.

In een van de zalen wordt er ook modern geklieder tentoon gesteld. Een ingedommelde  zaalwachtster op een plooistoel merkt de komst van 4 speciaal uit Zoersel over gekomen bezoekers niet op. De schilderwerkjes hangen tegen gyproc-muurtjes die meer gaten dan kaas zijn. Alle bevestigingsgaatjes van de kaders van vorige tentoonstellingen zijn nog aanwezig, grote beschadigingen zijn zorgvuldig met afplaktape gecamoufleerd.

Op een andere plek zie je een vergrote foto van een timpaan met rode en groene vlekken. Er vlak voor staat een statiefje waaraan een kartonnen (!) 3D-brilletje met een metalen (!) ketting is vastgemaakt. Mocht de zaal voldoende verlicht zijn, dan zou je het timpaan dat zich aan de buitenkant van het kasteel boven de toegangspoort bevindt in 3D kunnen bekijken. Door het gebrekkige licht zie je er echter niets van en waarom zou je iets met een 3D-bril willen bekijken als het origineel aan de buitenkant van het kasteel in 3D hangt? Compleet nutteloos dus.

Jongens, stop er gewoon mee.

Zelfs de kamerjongens op de cruise die voortdurend met een Nilfisk in de weer zijn, of op de meest onmogelijke uren met poetsdoeken de trapleuningen een beurt geven, halen meer arbeidsvreugde uit hun job.

Napels laat je dus best aan je voorbij gaan als je de komende jaren nog eens een citytripje Italië plant.

In navolging van mijn drie dierbaarsten duik ik ter ontspanning het bubbelbad in. De temperatuur is ondertussen vlot richting 25 graden geklommen. De volgende reeks cocktails van de kaart doen het Napolitaanse onheil al snel vergeten.

14:01 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

15-04-14

Zo 6 april 2014 - Genieten van Genua

reisverslagen

Genua ligt als een pastelkleurig deken op de heuvelrug die het land scheidt van de zee.

De kapitein heeft z'n iPod aangesloten op de geluidsinstallatie en laat Stevie Wonder, Lorde en uiteraard ABBA door de luidsprekers klinken, terwijl we op het zonnedek genieten van een zondags ontbijtje. De dubbele espresso kleurt de ochtend Italiaans.

Genua is een roemrijke havenstad die al eeuwenlang een cruciale rol speelt in Europa en de wereld. Columbus was waarschijnlijk zelfs de bekendste inwoner van de stad. Genua is nog steeds de grootste havenstad van Italië en na Marseille zelfs de grootste van de Middellandse Zee.

Volgens Shorebee.com heeft het geen zin om een bezoek aan Genua voor te bereiden of met een plannetje op pad te gaan, want in de stad zit geen systeem. Je kunt beter de wegwijzers volgen die de toeristische attracties aangeven want de steegjes kronkelen meer dan Pascal Smet in een onderwijsdebat in het Vlaams parlement.

De eerste aanblik van Genua oogt troosteloos: een rommelige haven, een overaanbod aan weinig betrouwbare zonnebrillenverkopers en vooral een drukke ringweg die de stad wurgt. Herinner je je de ijzeren brug aan de Rooseveltplaats in Antwerpen die enkele jaren geleden tegen de vlakte werd gebracht omdat het een stadskanker was in de Koekenstad? In Genua loopt een dergelijk viaduct, de Aldo Moro, langs de volledige kustlijn op tien meter hoge pilaren. De eens zo fotogenieke kustlijn met grootse palazzi en herenhuizen werd in 1965 genadeloos uitgewist door een autostrade door de stad. Ineens kregen de bewoners van de vierde en vijfde verdieping zicht op voorbij scheurende trucks in plaats van de azuurblauwe zee. De hoge heren die dit soort keuzes maken die elke vorm van stadsontwikkeling aan de kustlijn hypothekeren voor de komende decennia verdienen een enkele reis en verblijf Guantánamo samen met alle projectontwikkelaars van bovengrondse parkeergarages. Met een groene gordel tussen de kustlijn en de rijkelijke huizen zou Genua een van de mooiste Italiaanse kuststeden zijn. Poot er hier en daar nog een fontein neer en het plaatje is compleet.

Het verschil met het authentieke karakter van de binnenstad is groot. De straten en pleinen lijken het decor van een historische film, toch op die plaatsen waar de auto niet gewenst is.
De meeste palazzi zijn toegankelijk zodat je ook de binnenpleinen kunt bezoeken.

Het is zondag in het nog gelovige Italië dat op elke straathoek een kerk heeft staan. Overal waar we binnenstappen is er een misviering bezig. In tegenstelling tot andere landen mag je tijdens de dienst wel de kerk bezoeken, maar fotograferen mag niet. Logisch ook, je zou per toeval maar eens een Maria-mirakel op de gevoelige plaat vastleggen. Dan is heel de mystiek weg.

De Italiaanse kerkbouwkunst van de zestiende en zeventiende eeuw is overladen. Geen millimeter plafond of ornament hebben de Italianen destijds onbenut gelaten. Overal pastelkleurige fresco's, goud en marmer, veel goud en marmer. Mochten er niet zoveel kruisbeelden en heiligenfiguren aanwezig zijn, je zou je op een cruise wanen.

Persoonlijk hou ik meer van sobere kerkinterieurs. Niets mooiers en rustgevenders dan een klein romaans kerkje of een door zonlicht ingenomen gotisch kathedraalinterieur zonder veel franjes. De kathedraal van Laon in Frankrijk is er zo eentje.
Ondanks de overladenheid van de Basilica della Annunziata ben ik aardig onder de indruk van haar schoonheid. Het exterieur is sober, maar het met goud bedekte interieur schittert in het ochtendlijke zonlicht dat binnenvalt.

Om 11 uur 's ochtends is het al 22 graden. En dat hoort zo in Italië.

Genua leeft, zelfs in deze ochtendlijke uren. Muziek weerklinkt in de straten, levende standbeelden fleuren de boel op en een rommelmarktje op een van de centrale pleinen zorgt voor de nodige couleur locale.

Via de oude haven wandelen we terug naar de cruiseterminal. Een bezoekje aan het aquarium van Genua laten we voor wat het is. 84 euro voor 4 personen is toch net iets te veel om naar vis te gaan kijken.

De namiddag glijdt voorbij aan de rand van het zwembad. Vanop een ligzetel ziet de wereld er een stuk meer ontspannen uit. We besluiten de cocktailkaart uit te testen en beginnen alvast met de eerste van de lijst: de pina colada. Tegen het einde van de week moet het lukken om ze allemaal een keer uitgeprobeerd te hebben.

De entertainment crew geeft ondertussen serieus van jan. Zuid-Amerikaanse discodeuntjes verhitten het vakantievolkje rond het zwembad moeiteloos. Zelfs Els gaat overstag en passeert al polonaisend met een glas bubbels in de hand.

Na het diner sluiten we af in de bar met thee, een dubbele espresso en warme chocolademelk voor de kinderen. Dat laatste hadden we beter niet gedaan. Finn voelt zich plots onpasselijk en besluit met volle aandacht zijn avondeten opnieuw te inspecteren. In geconsumeerde vorm weliswaar.

De ode aan Pavarotti moet hij dus helaas aan zich voorbij laten gaan. Rune en Alec volgen de show in het theater wel met volle aandacht. Een spaghettiwestern-Italiaan wisselt enkele klassieke aria's af met evergreens. Vooral de fragmenten uit opera's doen bij tijden aandoenlijk aan. Overacting is eigen aan opera, maar overacting in een dergelijke muzikale cocktail is zeer bevreemdend. Het Echt Antwaarps Teater Goes Classic, zeg maar. Wat de uit Cirque du Soleil weggelopen touwenacrobaat precies in een ode aan Pavarotti kwam doen, weten we nog steeds niet, maar hij wist de kinderen in elk geval het meest te boeien.

16:52 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

14-04-14

Za 5 april 2014 - ABBA all over the place

 

reisverslagen

 

Volgens de GPS zijn er nog 5 uren die ons scheiden van Marseille. Tenminste als alles goed gaat.

Zo'n boot met meer dan 5000 mensen aan boord gaat heus niet wachten op een viertal uit Zoersel dat niet tijdig uit zijn nest geraakt. Op tijd op pad dus en de cruise control op 170. Tot aan Lyon is het heerlijk glijden over het Franse tarmac. Daarna verstoren trajectcontroles het rijplezier drastisch.

Net zoals gisteren zijn er meer Belgen dan Fransen op de Franse wegen. Toch is het nergens druk. Zelfs Lyon passeren we zonder enige vertraging.

Uiteindelijk stoppen we twee keer onderweg omdat we er de tijd voor hebben. Tijdens onze tweede stop botsen we toevallig op Régine en Christophe, de uitbaters van de gite in de Bourgogne waar we vorig jaar een fantastische tijd doorbrachten. Hoe klein kan de wereld zijn?

Ruim drie uur voor de afvaart parkeren we de auto vlakbij de terminal. Rune en Finn zijn danig onder de indruk van de MSC Splendida, onze woonst voor de komende week.

De Splendida is een van de grootste cruiseschepen van MSC. De boot is 333 meter lang en 38 meter breed. Verdeeld over de 18 verdiepingen kunnen 4360 passagiers en 1313 bemanningsleden mee.

We doen een Middellandse Zeecruise, een aaneenrijging van citytrips op de meest comfortabele manier die je je kunt indenken. 's Ochtends meer je aan in een stad waar je heel de dag je ding kunt doen, je ontbijt uitgebreid en trekt de stad in tenzij je besluit aan boord te blijven natuurlijk. In tegenstelling tot de gemiddelde all inclusive waar je vast zit in een uit beton opgespoten resort, kun je dus ook nog eens iets van de wereld zien.
Het enige waar je op moet letten, is dat je 's avonds tijdig terug aan boord bent. De enige stressfactor van de dag.

Wie aan cruises denkt, ziet Nicole en Hugo al 'Goeiemorgen morgen' zingend opduiken vanachter een zuil wanneer je voor de eerste keer aan boord gaat. Een brede tandpasta-lach doet je onmiddellijk grijpen naar je zonnebril die enkele honderden UV-waarden te kort blijkt om al dat namaakgeluk te kunnen uitdrijven. Zo wil toch het cliché. Cruises zijn echter al lang het Love Boat-niveau voorbij.

Anderzijds ken ik weinig plekken, met uitzondering van een schlagerfestival of de Mask'ara in Borsbeek waar 'goed fout' zo aanwezig is als op een cruise. Niet Nicole en Hugo verwelkomen ons, wel klinkt een topschijf van ABBA. De volledige 'best of' aan uptempo ABBA-songs zal deze reis de muzikale rode draad vormen. Mamma Mia!

De centrale hall glittert door het vele goud, de led-lichtjes en de duizenden nepsteentjes. Glazen liften doen overuren. Een vleugelpiano staat klaar voor het betere werk. Enkele plastic palmbomen en tientallen vierkanten meters nepmarmer zetten de kers op de kitsch.

Een verplicht nummertje sinds Jack en Rose ten onder gingen in de ijszee, is de veiligheidsdrill bij de start van de cruise. Alle nieuwe reizigers worden samen getroept op een centrale plek op het schip voor de nodige veiligheidsinstructies, mocht het een keer misgaan. Waar vind je je reddingsvest, hoe doe je het ding aan en wat kun je er zoal mee doen? Voor zij die niet goed opgelet hebben tijdens de drill zijn dit de winnende antwoorden: 'in de kleerkast van je kajuit', 'met velcro' en 'fluiten/reflecteren/licht geven'. Vergelijk de drill met de Macareniaanse taferelen van het cabinepersoneel waar geen hond nog op let vlak voor je de lucht in gaat, met als enig verschil dat een veiligheidsdrill in een groot theater van een cruiseschip zeer leuke foto's oplevert als iedereen er in fel oranje vesten opgeblazen staat te wezen.

Gelukkig duurt zo'n drill niet te lang, want we beginnen stilaan een hongertje te krijgen. Vlak voor we voor het eerst naar het buffetrestaurant trekken, moeten we nog even met onze persoonlijke veiligheidshulp naar de plek waar ons dek moet verzamelen als we een ijsberg of zo zouden tegenkomen tussen Sicilië en Tunesië: het casino. Yep, het casino! De enige plek op de boot waar je mag roken, waar geld verspeeld wordt dat het een lieve lust is, waar je 's nachts de meest laveloze types tegenkomt ... daar moeten we samen troepen als het misloopt. Kunnen we vlak voor we het ruime sop tot ons nemen, nog even onze laatste centen erdoor jassen. Een geruststellende gedachte, niet?

Enfin, genoeg sarcasme voor vandaag. Het buffetrestaurant moet verkend worden. Wie de moeite doet om de plattegrond van de boot even in stilte te bekijken, merkt al snel dat ongeveer de helft van het verdiep ingenomen wordt door het buffetrestaurant. Amerikaanse medepassagiers, die altijd iets ambitieuzer zijn dan de rest, geraken maar aan halte 2 van het buffet en hun bord ligt al vol. Er wachten dan nog minstens 8 haltes met ondermeer de Italiaanse keuken, de specialiteiten van de dag, een vegetarisch buffet, een fastfoodafdeling, desserts en nog meer van dat. Ook al zijn de borden van een groot uitgerekt formaat, ze slagen er niet in om het einde van het buffet te halen. Vol is vol. Gelukkig kunnen ze zoveel terug gaan als ze willen. Het buffet start in het midden van het schip, loopt door tot op het einde van de boot en keert dan perfect gespiegeld terug tot in de helft van het schip. 300 meter buffet.

Decadent zeg je? Inderdaad, als je met Amerikanen te maken hebt wel. Ze laden hun borden overvol en prikken er daarna hier en daar iets uit dat ze lusten. De rest wordt daarna onverbiddelijk weg gekieperd. Omdat dit onze derde cruise is, kennen we de gevaren van iets te liederlijk bootje varen en beperken we ons tot een bord dat zelfs voedzaam genoemd kan worden.

Ondertussen moet er natuurlijk ook gehydrateerd worden. We hebben gekozen voor de Allegrissimo-formule bij de boeking. Noem het een all inclusive op alle soorten dranken. Je gaat naar de bar of vraagt een ober aan je tafel en geeft het kaartje af waar je ook je kajuit mee open krijgt. Je bestelling wordt genoteerd, er wordt een bonnetje geprint met de prijs van de dranken waarop onmiddellijk hetzelfde bedrag wordt gecrediteerd, je krijgt zelf nog een ander geprint bonnetje in je handen voor je persoonlijk archief. De barman of ober duwt je een balpen in je handen om het eerste bonnetje te tekenen en tegelijk gaat iemand anders aan de slag om je drankje in te schenken. Je moet dan ook nog van iemand je kaartje terug krijgen anders geraak je daarna je kajuit niet meer in. Verschrikkelijk tijdrovend en inefficiënt dus. Voor mij het bewijs dat het cruisetoerisme er niet op vooruit gegaan is de voorbije jaren. Tijdens onze eerste cruise, meer dan 10 jaar geleden, kregen we ook een badge waarmee we onze kajuit binnen konden en die tegelijk als betaalkaart aan boord diende. Op je tv-toestel kon je destijds al checken hoe zwaar je de dag ervoor in de cocktails was gevlogen. Toen werd er echter niet gehannest met geprinte bonnetjes, handtekeningen en dat soort onzin. Gewoon scannen en klaar. Waarom er nu per cruise een bos aan bonnetjes verkwist moet worden, ontgaat me compleet.

We brengen de namiddag door aan een van de vele zwembaden op dek 14 en zetten geregeld een handtekening om uitdroging te voorkomen.

Voor we het goed en wel beseffen, is het even voor half 7. Het moment waarop we verwacht worden in het restaurant voor een zoveel-gangen-je-maar-wil-menu.

Van vorige cruises weten we dat er geregeld galadiners zijn. De eerste keer was dat concept ons compleet onbekend en moesten we nog ergens een das kopen om eten te krijgen, want op een galadiner wordt er ook gepaste kledij verwacht. Deze keer zijn we voorbereid. Els heeft zelfs een vest en een geklede broek mee voor mij, dus tenen we netjes opgekleed richting restaurant.

Compleet overdressed zo blijkt, want met uitzondering van enkele Japanners en chique senioren die waarschijnlijk nooit een andere dresscode hanteren, zijn we de enige stervelingen die weggelopen lijken van een trouwfeest.

Wanneer de maître ons tot bij onze tafel brengt, kijken Luc, Ilse en Alec, onze tafelgenoten, ons vreemd aan. Het casual koppel met kind blijkt bovendien een Vlaamse tongval te roeren. Ze wonen in Schoten, of all places en Ilse blijkt van oorsprong van Zoersel te zijn, Halle-Zoersel om precies te zijn. Hoe klein kan de wereld zijn?

Alec, de zoon des huizes is 8 en matcht dus ook wonderwel met onze jongens. Een sterrencombinatie is geboren en onze bestelling moet nog opgenomen worden.

We krijgen een uitgebreide menukaart met verschrikkelijk veel gangen in handen. Niet dat een gang meer of minder ons afschrikt, maar de wetenschap dat je eenzelfde gang nog eens bij mag bestellen als je hem lekker vond en de ervaring dat je doorgaans lekker eet in dit soort restaurants, dwingt ons opnieuw tot culinaire ascese. We gaan niet voor elke gang en bestellen maar een keer. Onze Amerikaanse vrienden, enkele tafels verder, laten de garçons wel kilometers afleggen.

Na het diner passeren we langs de inkomhal waar de tweelingbroer van Boogie Boy een Jerry Lewis uit zijn vingers tovert op de vleugelpiano tot groot jolijt van iedereen die erop staat te kijken. Even verder zingt een soort van Italiaanse Christophe klassiekers in zijn thuistaal. Zelfs 'Marina' passeert de revue. Met heel het tafelgezelschap duiken we daarna het theater in voor een Franse avond met chansons maar ook met Moulin Rouge-achtige taferelen, inclusief pluimen en de French cancan. De avond sluit ik af in de bar met een dubbele espresso terwijl een geweldige sopraan enkele fraaie klassiekers de inkomhal doet innemen, begeleid door een violiste en een pianist.

Yep, de vakantie is begonnen.

17:56 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

13-04-14

Vr 4 april 2014 - Proloog: Tijd om af te ronden!

dag 1.png

Een vakantie dichterbij zien komen, geeft me altijd een dubbel gevoel. Het vooruitzicht op een jolige week (of langer) waarin zon, vrienden en familie, cultuur, wijn en lekker eten de basisbehoeften meer dan inlossen. Maar ook het chronisch gebrek aan tijd vlak ervoor om alles nog gedaan te krijgen wat je voor ogen hebt, zodat je min of meer relaxed op reis kan.

Dit voorjaar was er eentje om in te kaderen qua werk en uitdagingen. De educatieve sector zit in een zeer snel evoluerende modus. De tijd dat er alleen maar boekjes geschreven werden met een mooi kaftje errond is verleden tijd. Schoolboeken bestaan niet meer, het zijn 'methodes' geworden: totaalpakketten met alles erop en eraan.

Nog maar een week geleden stond ik mee aan de wieg van Scoodle: de 'all inclusive'-formule wat educatieve leermiddelen betreft. De voorbereiding ervan heeft jaren geduurd, en zeker de voorbije maanden waren slopend. Voortdurend het gevoel hebben dat je deelneemt aan een pittige paintball-battle met snel van positie wijzigende targets laat je letterlijk alle hoeken van de kamer zien, daagt je continu uit, maar vreet ook op den duur. Je wordt al snel door de realiteit verplicht om keuzes te maken.

Dat je je met een hele grote groep medewerkers en auteurs op onzeker en, voor de meesten, onbekend terrein begeeft, maakt het er niet eenvoudiger op. Momenten van twijfel, frustratie, enthousiasme en adrenalineboosts wisselen elkaar razendsnel af zodat je 's avonds af en toe zelf in de touwen hangt.

De zin om dan de tsunami aan mails te verwerken die overdag je arme laptop heeft mismeesterd, ontbreekt dan ook compleet.

Eergisteren stond de teller op 1939 ongelezen mails. Hitler is voor minder Polen binnen gevallen.

Een sms van Els haalt me uit werkmodus. "Tijd om af te ronden!" Meer staat er niet. Vooral het uitdrukkelijk aanwezige uitroepteken laat niets aan de verbeelding over.

De auto inladen duurt welgeteld 5 minuten. Els heeft alles perfect voorbereid. Koffer dicht, kinderen op de achterbank en weg!

We hopen vanavond ergens in de Bourgogne te stranden. De trip naar Marseille waar onze cruise ligt te wachten, willen we immers niet in een keer doen. Frankrijk is te mooi om 's nachts door te rijden.

Zowat de volledige populatie van drie Vlaamse provincies moet hetzelfde gedacht hebben. Frankrijk lijkt overspoeld door Belgen, bijna allemaal met een doodskist van Thule op het dak.
Het verschil met een doordeweekse lijkgraver is de snelheid waarmee de Alpen georiënteerde Belgen Frankrijk doorsnijden. De coyote die we op elk dashboard opmerken wanneer er weer een corbillard voorbij scheurt, heeft er ongetwijfeld iets mee te maken.

Toch moeten ook zij nederig in het asfalt bijten als er door een auto op de pechstrook in de tegenovergestelde richting een kijkfile op zijn Belgisch ontstaat. Ramptoerisme op de weg. Dodelijk inefficiënt en levensgevaarlijk voor wie de bende kijklustigen niet onmiddellijk opmerkt en ertegenaan knalt. Daar blijven we gelukkig van gespaard, maar het tijdverlies is zo'n zonde.

Het eeuwige rijden en stoppen werkt duidelijk ook op het gastro-intestinaal systeem van Finn die besluit de köttbullar van de Ikea terug te geven aan de mensheid. Gelukkig duwt Els hem snel een zakje in zijn handen. Een zurige geur verspreidt zich in de auto. Tegelijk zwelt een flauwe sirene aan. Het zakje blijkt van Rune te zijn die elke mogelijke herbestemming ervan even waarschijnlijk schijnt te vinden als de halvering van de Belgische staatsschuld in de volgende legislatuur.

De daaropvolgende uren maken we snelheid, dankzij onze coyote. Iets over half 11 bereiken we Dijon.

Vooraf wilden we ons niet vastprikken op een hotelletje onderweg. Als het verkeer een beetje meezit, zit je bijna in Lyon tegen 23 uur en ben je gefrustreerd dat je al vroeger moet stoppen met cruisen over de heerlijke Franse wegen omdat je hotelbed nu eenmaal beslapen moet worden. Zit het tegen, dan zit je 's avonds nog vast ter hoogte van de Ikea in Aarlen en moet je nog honderden kilometers ploegen door de donkerste holten van de hel om halfzweterig in je hotelbed te belanden.

Toch blijkt een hotelkamer voor 4 vinden in Dijon op een vrijdagavond geen eenvoudige zaak.
Zeven hotels doen we aan. Geen kamer voor 4 te vinden, en ook geen twee kamers voor twee. Finn offert zich alvast op om in de koffer te slapen.

Uiteindelijk vinden we alsnog een slaapplek. Twee kamers naast elkaar met een tussendeur. Beter kan haast niet.

De tijdelijke frustratie van het zoeken van een slaapplek en het overaanbod aan verkeerd afgestelde verkeerslichten in Dijon Centre verdwijnt al snel met de gedachte dat we morgenvroeg onze vakantie echt kunnen inzetten vanuit een van de meest goddelijke plekken ter wereld: de Bourgogne.

22:45 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

12-11-13

Vr 1 nov 2013 - Voelt iedereen zich veilig? Aaaaaaj!

reisverslagen

Vandaag poging nr 2 om Magic Park Land te bezoeken. Na het ontbijt bel ik vanop ons zonovergoten terras om te informeren of het park vandaag wel open is. Ik ga niet opnieuw een uur rijden om voor een gesloten hek te eindigen. 5 keer krijg ik een onbeduidend muziekje als ontvangst. Geen voice-over met 'Er zijn nog 3 wachtenden voor u' en zelfs geen 'Welkom bij Magic Park Land'. Voor hetzelfde geld sta je een of andere hulplijn voor oorlogsslachtoffers te bellen of loopt de teller ondertussen rustig door omdat je op een sekslijn terecht bent gekomen.

Pas bij de zesde poging krijg ik eindelijk een vrouwenstem aan de andere kant van de lijn met de verlossende woorden dat het park vandaag wel open is. De kinderen springen in het gat in de lucht dat de zon zonet open heeft gebrand. Ook al wil de temperatuur op de thermometer nog niet mee, het lijkt zomer als je in de zon zit. Het maagdelijke wit ruimt snel baan voor voluntaristisch blauw.

De wereld ziet er anders uit als het weer mee zit. Het architecturale niemandsland ter hoogte van Fos en Martigues ziet er net als de industriële sites en het havengebied minder suïcidaal uit dan ik gisteren heb beschreven. De vergelijking met het mistroostige Berlijn van vlak na de Val van de Muur was er misschien wat over. Het Ruhrgebied zou treffender geweest zijn als typering.

De te kleine parking van Magic Park Land staat al bijna vol als we aankomen. Geen parkeervakken, geen pijlen om een circulatie te stimuleren en al helemaal geen parkeernicht in fel fluo om de boel een beetje ordentelijk te laten verlopen. We parkeren ons dan maar op de eerste de beste plek onder een dikke naaldboom.

Als je in De Panne de autostrade afrijdt, vraag je je af waarom ze het dorp nog steeds De Panne noemen en niet gewoon Plopsa. Alles ademt en ruikt Studio 100. Daar zijn professionals aan het werk geweest om een eigen leefwereld te creëren, een soort van Tomorrowland voor wie nog met zijn ouders weg gaat. Plop en Samson staan je op te wachten op de rotondes die je tegenkomt. Je hoeft geen seconde te zoeken naar een parkeerplek en wordt tot op de millimeter precies in je parkeervak begeleid. Het park ga je binnen via een enorme deur, een poort naar een andere wereld en al bij het binnenkomen staan figuurtjes je kinderen op te wachten om met hen op de foto te gaan.

Je eerste indruk van iets of iemand is belangrijk. Sollicitanten met een slap begroetingshandje zijn onzeker of weinig stabiel. De zoveelste nieuwe vriend van je zoon of dochter die op zijn eerste avond in jouw salon een fout woord laat vallen om het ijs te breken of er niets aan doet om datzelfde ijs te breken, kan maar beter onmiddellijk zijn boeltje pakken. Restaurants die er sjofel uitzien of bulken van het kunstlicht loop je voorbij. Hetzelfde gaat op voor pretparken.

Het eerste aanzicht van Magic Park Land is eerder aandoenlijk. De naam van het park is in regenboogkleuren geschilderd op drie metalen koterijen. Een ervan is de kassa, dat kun je afleiden van de troep mensen die ervoor staat te drummen. Het concept 'rij' is duidelijk nog niet doorgedrongen is deze streek van Frankrijk. Niemand lijkt er een probleem mee te hebben dat het wachten in complete chaos verloopt, niet in het minst de uitbaters. Anders hadden ze op een regenachtige donderdag wel enkele paaltjes de grond in geheid met een lint ertussen.

Na twintig minuten ter plaatse trappelen, ben ik het wachten meer dan zat. Ik ga naar de verwelkte ticketscheurster die ik al een tijdje in de mot houdt. Af en toe laat ze mensen binnen zonder dat ze langs de kassa moeten passeren. Ik toon haar, net als deze fortuinlijken, het geprinte betaalbewijs in de hoop ook onmiddellijk binnen te kunnen, want op dat moment zijn er nog 20, nee 30, of toch ... enfin veel wachtenden voor mij.

'Oui,' zegt ze, 'u mag directement naar binnen gaan.' En ze wijst naar de kassa. 'Moet ik nu nog langs de kassa gaan of mag ik direct binnen?' vraag ik voor de zekerheid. 'Non, monsieur u moet naar de kassa gaan', antwoordt ze alsof elke lettergreep haar moeite kost.

'Dus niks te directement,' zeg ik kort, 'gewoon aanschuiven.'

Nog net iets meer gefrustreerd dan voor mijn 'wachtend op Godot'-gesprek met de muurbloem in de herfst van haar leven, ga ik terug bij mijn gezin staan. Hier en daar staan enkele kinderen geschminkt aan te schuiven in de hoop op een verrassing, zoals op de website beloofd was tijdens de Halloween-dagen, maar ze komen er allen bekaaid en weer met een illusie rijker vanaf.

Het begrip 'Halloween-dagen' mag overigens niet verkeerd geïnterpreteerd worden. Het is niet zo dat het park dan volledig is opgeleukt met pompoenen, spinnenwebben en andere themaprullen die de rest van het jaar staan te verkommeren in een schuurtje, nee, het betekent gewoon dat je verkleed mag komen als bezoeker. In heel het park is er, met uitzondering van een plastic spinnetje boven de groene startknop van de achtbaan, niets dat doet vermoeden dat in deze periode kinderen in heel het westelijk halfrond Halloween vieren.

Eindelijk is het aan ons. Ik geef mijn betalingsbewijs af dat ik bij de inschrijving van Magic Park Land heb gekregen. Achter het glas gaat een papier met een QR-code de lucht in. Of ik niet zo'n papier heb, want dàt zijn de tickets. Uiteraard zijn dat tickets, dat zie ik ook wel, maar ik heb van Magic Park Land niets in die zin ontvangen. Alleen een betalingsbewijs. De vrouw kijkt zeer bedenkelijk, maar ziet aan mijn gezicht dat ik niet van plan ben ook maar een voet te verzetten tot ik mijn tickets heb, met in dat geval waarschijnlijk rellen achter mij tot gevolg omwille van de nog langere wachttijden.

Dik tegen haar zin omdat ze moet werken op een feestdag, maar vooral omdat ze een Belg zijn gelijk moet geven om een Heizeldrama onder de naaldbomen te vermijden, schrijft ze een korte boodschap op het briefje voor de verwelkte ticketscheurster.

Even later staan we binnen.

Onze eerste indruk wordt bevestigd. Ondanks het relatief druk opgekomen publiek oogt het park doods. Het cowboydorp is verlaten, nergens is er animatie. Het park staat vol met gerecupereerd attractiemateriaal van pretparken, kermissen, speeltuinen en volgens mij zelfs warenhuizen. Kleine draaimolentjes met verschraalde figuren, twee wiebelpaarden die pas wiebelen als je ze een euro te vreten geeft en grijpmachines die met muziek uit kapot gespeelde luidsprekers het jonge volkje willen lokken.

Daarnaast zijn er enkele grote attracties: een achtbaan, een vliegende Hollander, boomstammetjes, een zeer snelle draaimolen en een supersnel reuzenrad.

Ook deze attracties lijken hun houdbaarheidsdatum al lang voorbij. Alles oogt een beetje zoals Bobbejaanland of Bellewaerde in de jaren 80, toen alles nog moest beginnen en Joe Alcatraz zich nog liet vastketenen aan achtbanen. Maar zelfs deze Belgische pretparken stonden op dat moment qua veiligheid en professionalisme al lichtjaren verder dan wat men hier in Martigues aanbiedt.

Wat zou je ervan zeggen dat je als veiligheidsmaatregel in de achtbaan samen met je buur met een grote klittenband vastgemaakt wordt? Of dat het volledige metalen staketsel van de achtbaan davert als er een karretje met slechts vier personen over rijdt. Of het supersnelle reuzenrad dat onderhevig is aan enorme horizontale en verticale krachten, maar rust op enkele verweekte of op sommige plaatsen zelfs vergane stukken betonplaat tussen het metaal van de attractie en de betonnen fundering.

Het doet me denken aan De Pretparkprutsers, een strip van Urbanus, waarin Urbanus zijn eigen pretpark krijgt dat op geen enkele manier aan de veiligheidsvoorschriften voldoet.

Een andere gelijkenis met de strip is dat het pretpark werd uitgebaat door de familie van Urbanus. Eufrasie en César houden er met wisselend succes attracties open.

Hoe meer we door het park lopen, hoe meer ik de indruk krijg dat dit park de uit de hand gelopen hobby is van een familieman die in een vorig leven een kermiskraam van het ene dorp naar het andere dorp trok en onderweg het nomadische bestaan beu is geraakt. De familie die vroeger al eens sporadisch insprong om bonnetjes te verkopen heeft nu een losvaste baan in het park gekregen en op topdagen wordt ook de rest van de familie, mits een kleine vergoeding, mee aangetrokken. Je herkent ze omdat ze geen polo of hemd van Magic Park Land dragen.

De ietwat seniele schoonmoeder zit de hele dag bij een van de verkleurde draaimolentjes. Een nogal excentrieke tante laat de kleintjes eendjes vissen. Nog een andere tante met hoge stoffen laarzen zit verveeld te wachten op klanten in haar ballenkraam en ondertussen sleutelt haar man, Nonkel Jean, die door de week een kleine garage uitbaat, aan een van de Honda-motoren van de botsboten terwijl hij een zelfgerold sigaretje opsteekt.

Iets voor twaalf uur zitten we op een bankje naar de kinderen te kijken wanneer ze bokkensprongen maken in de snelle draaimolen en hun maaginhoud onderwerpen aan zware middelpuntvliedende krachten. In onze andere ooghoek zien we Nonkel Léon het poortje van de boomstammetjes sluiten. Op het moment dat Rune en Finn er naartoe spurten, rijdt de man doodleuk weg met een aftands wagentje. Gedaan voor vandaag? Dat kan toch niet …

Ik neem de parkbrochure erbij. Op een slecht gekopieerd papiertje dat in de brochure is gestoken, staat het dagprogramma. “Pause déjeuner des attractions” staat er tussen 12 en 13 uur. Of in het schoon Vlaams: “Tussen 12 en 1 eet iedereen.”

De familie wordt opgetrommeld om de eetstandjes open te houden en de attracties gaan voor een dik uur dicht. Ik dacht dat ik echt wel alles gezien had in dit park, maar dit overtreft toch wel mijn stoutste absurdistische verwachtingen.

Iets over een, horen we het autootje terug de helling oprijden. De wachtrij aan de boomstammetjes is ondertussen aan haar tweede shift begonnen met Rune en Finn helemaal vooraan om de bende ongeduldige kinders aan te voeren. Nonkel Léon parkeert zijn wagentje achter de attractie, steekt een sigaret op en verdwijnt dan compleet uit beeld. Vragende blikken turen ons aan. Hebben we voor niets gewacht? Gaat de attractie vandaag dan niet meer open?

Tot ineens met een luid gepruttel en geratel een roetzwarte wolk achter de attractie vandaan komt. Ze zou niet misstaan als deel van het avontuur want ze bedekt in enkele tellen de attractie achter de boomstammetjes volledig.

De kinderen laten de wanorganisatie en de gebrekkige veiligheid niet aan hun hart komen en amuseren zich rot in alles wat snelheid haalt en stinkt naar uitlaatgassen. Top Gear-gewijs flitst de namiddag voorbij, terwijl de temperaturen het steeds beter beginnen te doen.

We besluiten dan ook de rust en de laatste geuten zon mee te pikken op het nabij gelegen strand. De Plage de Rouet is een steenstrand met hier en daar ook zandpartijen. De temperaturen gaan vlot richting 25 graden en dat is voor een eerste november lang niet mis.

Het zeewater is nog aangenaam warm en het duurt dus niet lang voor onze twee waterkiekens het ruime sop kiezen. Het water is er zo zuiver dat je bij elke golf die tegen het zandstrand botst een heel stuk van de zeebodem kunt zien. De golven zijn wel minder indrukwekkend dan in Saintes-Maries-de-la-Mer. Ze slagen er niet in om de zandkastelen van Rune en Finn stuk te slaan. De kilo’s stenen waarmee ze hun forten hebben verstevigd zitten er waarschijnlijk voor iets tussen.

Het einde van de reis is in zicht.

Bij ‘Chez Tony’ zetten we met een uitgebreid menu een punt achter, opnieuw, een fantastische vakantie in Frankrijk.

01:33 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

09-11-13

Do 31 okt 2013 - Halloween, een nachtmerrie in de Provence

reisverslagen

De dag voor Allerheiligen. Halloween.

Sinds een aantal jaren heeft het Amerikaanse 'trick or treat'-feest vaste grond over de plas gevonden. In navolging van Valentijn hebben middenstanders met het feest nu ook een prima overbrugging van het doodse (excusez le mot) tussenseizoen tussen de start van het schooljaar en de komst van de goedheiligman.

Ook de Halloweenwandeling van de ouderraad van Pierenbos was vorige week weer een groot succes. Meer dan 300, veelal geschminkte, deelnemers wandelden door het griezelbos in het gemeentepark. De kostuums en de schmink van de Halloweenwandeling hebben we mee in de bagage gestopt, niet om de Saint-Gillers de stuipen mee op het lijf te jagen tijdens de markt, maar omdat we vandaag naar Magic Park Land gaan, een pretpark in  Martigues. Het is in de vakantie van Toussaint open en in de dagen voor 1 november zijn er speciale Halloweendagen. Wie dan verkleed komt, krijgt een verrassing.

Els is dan ook druk in de weer vanochtend met het prepareren van een lunchpakket (het betere werk: omelet met champignons en ui tussen boterhammen) en het schminken van de jongens. De vampier en de zombie poseren nog even op het terras voor we vertrekken. Het weer is somber, de ochtendzon is broos. Op zich niet erg. Vandaag is het de beste dag van de vakantie voor wat miezeriger weer. Halloween onder een stralende zon is zoals Kerst vieren in het zuidelijk halfrond. Met een kerstpak op de surfplank. Veel idioter moet het niet worden.

Magic Park Land ligt op de A55 Fos-Martigues afrit Carry le Rouet. Verder staan er geen adresspecificaties op de website. Vreemd maar niet uitzonderlijk, want wie ervaring heeft met wijnproeven in Frankrijk weet dat wijnhuizen vaak alleen met de straat of met de naam van het gehucht staan aangeduid in de Guide Hachette. Dat ook pretparken op die manier te zoeken zijn, is nieuw voor me.

De gps vindt Magic Park Land niet als reisbestemming wanneer we willen vertrekken, dus gaan we voor 'Martigues'. We zien het ginder wel.

De weg naar het park is somber. De eerste regen van de vakantie spettert op de voorruit, terwijl we door troosteloze gebieden rijden. Actieve en vervallen industrie- en havengebieden wisselen sociale woningblokken af. Op de radio alleen maar gemekker van presentatiegeiten en vlotte rammelaars.

Martigues blijkt eindeloos groot als je op zoek bent naar een welbepaalde afrit. Maar ook aan Martigues komt uiteindelijk een eind. Nog steeds geen afrit Carry le Rouet.

Het pretpark bellen dan maar? Of in de gps zoeken naar de naam van de afrit zelf? We besluiten aan de kant te gaan, tot de gps ineens Carry le Rouet als volgende afrit aangeeft.

Enfin, goed, we hebben het gevonden. We nemen de afslag en staan quasi onmiddellijk voor een splitsing. In de meeste Ketnet-reeksen als 'De kleine Einsteins' of 'Mickey Mouse Clubhuis' vraagt op zo'n moment een van de figuurtjes luidop aan de jonge kijkers welke weg ze best kunnen volgen: de rode (en dan klinkt een somber deuntje en verschijnt allerlei onheil in beeld) of de blauwe (en dan klinkt een prachtig stukje Vivaldi of zo en staat er net geen pijl met de boodschap 'deze weg moet je hebben'). De jonge kijkertjes weten er wel hun weg mee en zelfs al weigeren ze manifest enig constructief gedrag, dan nog roept zo'n figuurtje nadien euforisch: goed gedaan! Waarschijnlijk hebben De kleine Einsteins Finn op die manier bevestigd in het dwars liggen. De wetenschap zal hier later duidelijkheid in brengen.

Wij komen er minder makkelijk vanaf. Geen pijlen, geen borden, geen Vivaldi en geen irritant stemmetje. Zelfs de gps-mevrouw blijft nu opvallend stil. Anders had ze al lang gezegd dat we links of rechts moesten 'drijden'. Onze gps-mevrouw heeft namelijk een spraakgebrek.

Op goed geluk volgen we bij de splitsing de juiste weg, want iets verderop zien we een eerste bord dat gewag maakt van het bestaan van het park, een existentieel bord dus. We zitten goed, dat is het belangrijkst.

Aan de overkant van de weg zien we een verlaten kinderpark met veelkleurige attracties, maar dat kan het niet zijn, want we hebben de tickets op voorhand besteld en dubbel gecheckt dat het park wel effectief open is. Op die manier zijn we immers ook te weten gekomen dat de kinderen best verkleed konden komen.

Ver kan het echter niet meer zijn. De volgende afrit geeft 'Magic Park Land' aan en leidt ons in een beweging over de autoweg heen tot vlak voor de gesloten deur van het verlaten kinderpark dat we net voorbij reden.

Een uur rijden door het meest mistroostige gebied sinds het Berlijn dat ik tijdens de laatste schooluitstap met Sint-Jan in 1994 aantrof toen het nog in hoofdzaak bestond uit donkergrijs beton. Een uur, en dan voor een gesloten poort staan.

In heel het park geen beweging te zien. Helemaal niets. Het is Nagasaki, the day after. Alleen in een rode familiewagen die ook op de brede oprijlaan staat, zien we op de achterbank beweging. Twee geschminkte kinderen stellen er ongetwijfeld exact dezelfde vragen aan hun ouders, zoals Rune en Finn ons aan een goedbedoeld kruisverhoor onderwerpen: Is het pretpark niet open? Waarom is het niet open? Is het straks ook nog gesloten? Wat gaan we dan nu doen?

Evenveel vragen in de rode auto als bij ons. Toch kun je niet kwaad zijn op de kinderen want ze zitten er opgeschilderd net zo heel aandoenlijk bij. Alleen een streepje dramatische Mozart ontbreekt bij het beeld om de setting echt compleet te maken.

Gelukkig heb ik het nummer van het pretpark genoteerd om een antwoord te krijgen op de vele vragen van de achterbank. Een vrouw neemt op.

Dat we voor de deur staan. Désolé, monsieur, maar door het regenweer is het park niet open vandaag. (Regen? Welke regen? Er valt geen drup!)
Dat het toch niet kan dat door een beetje regen een park dichtblijft. Toch wel, monsieur, dat zijn de instructies van le président. (In de veronderstelling dat ze niet Hollande bedoelt, maar wel de eigenaar van het park, kan ik hem alleen maar een gesprek met ene Gert Verhulst aanraden die zijn parken in het midden van onze Siberische winters open houdt samen met de volledige Ketnet-ploeg.)
Dat we een uur hebben gereden. Dat is zeer jammer. Vanwaar bent u gekomen? (Alsof dat iets uitmaakt!)
Dat we de tickets vooraf gekocht hebben en nu dus wel serieus gechareld zijn. Nee hoor, monsieur, u kunt morgen opnieuw langskomen. (En overmorgen, en zaterdag en waarom niet de komende 200 dagen tot het weer iets of wat zomer is!)
Dat we wel zullen bellen om de rit uit te sparen, mocht er weer toevalligerwijs een reden zijn om het park niet te openen. Een gevallen blad op de schuif af of zo. Stel je voor.
En dat we, indien een bezoek morgen niet kan doorgaan, erop staan dat ons geld wordt terugbetaald. Mais, monsieur, dat is helemaal niet het beleid van le président. (Hij weer. Luister effe dametje, als het zijn beleid niet is, zal het zijn beleid worden.)

Het park is dicht en blijft dicht. En morgen bellen we vooraf. Dat zijn zowat de enige zekerheden na het gesprek.

Tijdens de terugtocht is de sfeer in de auto ver te zoeken. Tv'tjes aan met de Pink Panther en voor de rest een zwijgrit naar... Ja, naar waar?

De attracties van de gps leren ons dat er een bowlingbaan in Arles is. Wij daar naartoe. De bowling van Arles ligt op een groot bedrijventerrein met de bekende grote ketens.

Ondanks het spraakgebrek is de gps-dame duidelijk in haar instructies. Toch is er geen bowling te vinden wanneer de boodschap 'U heeft uw bestemming bereikt' klinkt. Wel een joekel van een Intermarché, die, zo later blijkt, de bowling heeft opgeslokt.

Desillusie nummer twee. Geen bowling. De opties raken stilaan uitgeput.

Na het bezoek aan Magic Park Land zouden we een fastfoodstop houden in een of andere M of Q. Om het verlies van potentiële pret te compenseren, schuiven we reeds voor de lunch bij een hamburgerketen aan. Met een vampier en een zombie informeren naar Big Mac, is best wel geestig. Zonder er zich van bewust te zijn, hebben de kids vandaag toch enkele mensen laten schrikken.

Regen zien we de rest van de dag niet meer. Het wordt zelfs aangenamer dan gisteren. 18 graden en een stuk minder wind.

We besluiten de Abdij van Montmajour te bezoeken, en voor je zegt dat dat toch geen alternatief is voor een pretpark, I know. Maar zoals gezegd, de opties raken uitgeput.

Thuis ontschminken we de kinderen wel eerst want in een oord waar geloof ooit zo belangrijk was, gluurt bijgeloof om de hoek. We zouden niet willen dat iemand een 'attakske'
zou krijgen wanneer ineens Rune de zombie voor zijn neus staat.

De abdij die meermaals door Van Gogh op doek werd vereeuwigd, is de moeite waard om te bezoeken. Van op de toren heb je een weids zicht op Arles en omgeving. Momenteel is de abdij niet meer in gebruik door geestelijken. Er vinden tentoonstellingen plaats en ook wij hadden het geluk om het vlijtig gefreubel van een glasblazer te mogen aanschouwen. Hoezee, hoezee! Snel vergeten, die onzin, en nu over naar reclame.

Vlak voor zonsondergang stoppen we bij de Molen van Daudet, opnieuw een van de sites die Van Gogh heeft vereeuwigd. De molen staat ietwat verlaten, maar is nog steeds charmant, zeker in het oranjegele licht van de ondergaande zon.

In de gite is het tapas-tijd. Al het heerlijks dat we op marktjes hebben gekocht, gecombineerd met de betere witte wijn uit de regio. Daar doen we het voor. Een geslaagd einde van een dag die voor de rest redelijk tenenkrullend verliep. We kijken alvast uit naar morgen wanneer we met een joekel van een lookgeur in Magic Park Land zullen rondlopen.

20:02 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

08-11-13

Wo 30 okt 2013 - Een mijnencomplex als museum

reisverslagen

Het is duidelijk: we zijn nog lang niet klaar om genaturaliseerd te worden als Fransen. We eten vanmorgen immers het extra Franse brood op dat we gisteravond hebben gekocht. Geen gesocialiseer dus met de lokale Saint-Gillers.

Anderzijds zijn we hierdoor wel vroeger dan gebruikelijk op pad. Waar het op ons terras nog aangenaam genieten was van een zonnig ontbijt, lijkt het 20 meter verder aan de andere kant van de gite wel hoogwinter. Een koude mistral schuurt over de weiden rond de boerderij en herinnert ons eraan dat het bijna november is, ook hier in het volgens de perceptie steeds zonnige zuiden. Een lange broek, een hemd met lange mouwen en een fleece zijn net genoeg om de guurte buiten de houden.

Onze eerste stop zijn de mijnen van Val d'Enfer nabij Les-Baux-de-Provence. De mijnen waren al in de tweede eeuw voor Christus in gebruik. Grote Romeinse en middeleeuwse sites als Glanum en Les-Baux-de-Provence zijn gebouwd met de zachte steen die uit de mijn werd ontgonnen. Het uitzagen van grote stukken steen gebeurde met lange puntige zagen die telkens door één man bediend werden. Sinds de jaren 30 van de vorige eeuw zijn ze in onbruik geraakt, maar zijn ze wel beschermd als site.

Vandaag staan de mijnen ook bekend als de 'Carrières de lumières', meteen de reden van ons bezoek.

Geheel volgens de trend van het moment is het mijnencomplex volgestouwd met projectoren. Vergeet Gent als lichtstad of de straffe projecties op de kathedraal van Reims van deze zomer. De projecties in de Carrières de lumières zijn echt megalomaan, de grootste lichtshow die we tot nu toe gezien hebben. Op de acht meter hoge muren en zuilen worden kunstwerken geprojecteerd over de volledige lengte van het gangencomplex. Geen stukje blijft onbelicht. Zelfs de vloer wordt op ingenieuze wijze benut zonder dat de bezoekers zelf lange schaduwen gooien op het geprojecteerde beeld.

Bekend en minder bekend werk van Provençaalse meesters als Vernet, Monet, Renoir, Signac, Matisse, Dufy en Chagall komen in een vloeiende montage tot leven, afgewisseld met filmbeelden van het leven in het begin van de vorige eeuw en animaties die verder bouwen op elementen uit de schilderijen. Indrukwekkend. Je voelt je Alice in Wonderland, maar dan zonder ADHD-konijn met een klok. Je wordt echt in een andere wereld binnen getrokken, de wereld van de schilderkunst die in die periode enorm is geëvolueerd. 

Verder in het mijnencomplex wordt ook  'Le testament d'Orphée' geprojecteerd, een film van Jean Cocteau uit 1959. De film werd destijds opgenomen op de site en op de plek waar de film tot een hoogtepunt komt, kun je nu als toeschouwer heden en verleden, feit en fictie in elkaar laten overvloeien. Echt de moeite dus, maar je moet wel snel zijn want de lichtinstallaties kun je slechts tot januari 2014 bezoeken. 

In Saint-Rémy-de-Provence pikken we onze tweede Provençaalse markt mee en die van Saint-Rémy, die weten echt wel hoe ze de weinige toeristen moeten verblijden. De kramen met kruiden, olijven, groenten, knoflook en wijn zijn net postkaarten. Het marktaanbod evolueert ook mee met de seizoenen. In verschillende kramen gaan de paddestoelen vlot van de hand, kastanjes worden gepoft en het aanbod aan foie gras overstijgt duidelijk de vraag. Vlakbij staat een chanteuse Franse klassiekers te zingen. De terrassen zitten vol met pastis slurpende Saint-Rémy'ers en ook de toeristen doen met graagte mee. 

Veel meer vakantiegevoel kun je uit een dorp niet uitpersen terwijl het in de ban is van een serieuze mistral.

Ook in Salon-de-Provence is het al mistral wat de klok slaat. In plaats van lekker buiten in het zonnetje te zitten, schurkt iedereen gezellig tegen elkaar aan onder een afgedekt terras of nog beter: binnen. Zelfs wij die toch wel redelijk wat gewoon zijn in België besluiten warmer oorden op te zoeken in brasserie 'Au bureau'. De zaak is volledig ingericht in een retrostijl die ondersteund wordt door allerhande curiosa aan de muur. Toch ontkomen we ook in deze setting niet aan de felle flatscreens waar een of andere muziekzender bubblebutts op ons loslaat. Het is weliswaar goed voor de eetlust, maar je blijft wel in elke mogelijke zin op je honger zitten, zeker als de bediening op zich laat wachten.

De oude binnenstad verkennen we met een fotozoektocht voor kinderen. Aan de hand van foto's van details van gebouwen, beelden en fonteinen vinden we onze weg. Bij elke foto hoort ook een vraag. Het is eens iets anders dan de uitgestippelde routes doorheen een stadscentrum waarbij je gewoon de tekens op de grond moet volgen. De kinderen vinden het in elk geval een topconcept. 

Salon-de-Provence profileert zich als kunststad. Verspreid over de binnenstad vind je tientallen beelden en opstellingen die er best mogen zijn. De meest opvallende zijn de grote rode schijven van Felice Varini. Zijn werk "Double disc hollowed out by the roofs" kun je het best bewonderen van op het Château de l'Emperi. Met een rode aluminiumlaag bedekte de kunstenaar delen van gebouwen en bezienswaardigheden. Van op het uitzichtpunt op het kasteel vormen de rode vlakken twee grote rode schijven. Zelfs de oude klokkentoren is deels rood gekleurd. Meer dan 120 eigenaars moesten hun toestemming geven voor dit kunstwerk. In Vlaanderen zou dit onmogelijk zijn om te realiseren. Het nimby-gevoel is daarvoor jammer genoeg te groot.

Salon is ook de stad van Nostradamus. Deze apotheker leefde een dikke 400 jaar geleden lange tijd in de stad. Hij is vooral bekend van zijn visioenen die hem ertoe aanzetten voorspellingen (of profetieën) te doen. Ze waren meestal zo vaag geformuleerd dat ze eender wat kunnen betekenen, een beetje zoals de horoscopen. Toch zijn er ook enkele profetieën waarin hij redelijk concreet is. Zo voorspelt hij de naam Hitler en het onheil dat de man teweeg brengt. Nostradamus zat er slechts een letter naast en noemde hem 'Hister'. Rune, altijd open voor een goed verhaal, luistert gefascineerd en gaat er al volledig in op.

Wanneer we terug aan de toeristische dienst aankomen, geven we onze antwoorden af, de jongeman kijkt gespeeld streng en geeft daarna de verlossende woorden dat we alles juist hebben. Een euforisch gevoel dat een combinatie is van een goede oude 'Habemus papam' en de jaarlijks terugkerende boodschap 'dat er ook dit jaar geen stoute kinderen zijn' maakt zich meester van de kinderen. Ze krijgen van de jongeman elk een zakje met postkaarten van de stad, een speld en een zakje snoep. Net zoals bij de goedheiligman is het niet belangrijk wat ze krijgen, wel dat ze iets krijgen. Ze zijn allebei zeer tevreden en wij dus ook. 

Voor we 's avonds aan de fondue beginnen, oefent Rune nog wat op zijn accordeon. De keuze voor het instrument ligt al een hele tijd vast. Hij wist al voor hij aan het eerste jaar notenleer begon dat het de accordeon zou worden. Wie zich zo overtuigd smijt tijdens zo'n jaar muzikaal droogzwemmen, en nadien nog steeds wil gaan voor de accordeon, een instrument met een redelijk steile leercurve, is een bijter. Toch hebben we hem de kans gegeven om ook iets anders te proberen. Het enige alternatief waar hij mee kwam, was de contrabas. Dat hebben we hem met muzikale ('Een contrabas is een groepsinstrument, met een accordeon kun je zowel solo als in groep spelen.') als logistieke redenen ('Een contrabas neem je niet zo maar eventjes mee en past niet in onze auto's') uit zijn hoofd weten te praten. Nu ja, de accordeonkist neemt ook best wat plaats in, zo'n drie wijnkartons. Maar goed.  Ondertussen is hij na de initiatie knoppenwerk toe aan de eerste melodietjes. Nog even en hij krijgt een vaste stek op 'Halle zingt'.

12:50 Gepost in Algemeen | Commentaren (1) | Tags: reisverslagen |  Facebook

07-11-13

Di 29 okt 2013 - De Camargue by boat

reisverslagen

Dat de Fransen baguettes hebben in plaats van een groot wit gesneden in een broodzak heeft alles te maken met hun nood aan sociale contacten. Baguettes zijn bedoeld voor directe consumptie en worden beenhard nadat je ze hebt aangesneden. En dat is volgens mij een bewuste keuze. Als je hier maar eens in de drie dagen om een nieuw brood zou gaan, zou je niet alleen letterlijk je tanden stukbijten op dag 2 en 3, maar zou je zeker ook als paria worden aanzien. Je moet dus je kot uit, elke dag, ook al woon je in het gat van Pluto. De helft van Saint-Gilles staat vanmorgen dan ook gezellig te keuvelen in de Intermarché met een baguette onder de arm. De supermarkt, de plek voor brood, beleg en buurtbabbels.

Ik doe er inkopen voor enkele herfstachtige avonden in de gite. Dankzij het weerbericht op de tv van 'Chez Tony' weten we immers dat het tweede deel van de week kouder zal verlopen. Het fonduevlees en de raclettekaas zullen dus van pas komen. Het is eens iets anders dan barbecuen en tapas eten.

Toch zijn de temperaturen ook vandaag best ok. Wanneer ik terug naar de gite rij, zitten we al op 17 graden. Met de zon op ons terras erbij is het best aangenaam om buiten te ontbijten. De rest van de dag zal het kwik niet onder de 20 graden vallen. De gevoelstemperatuur is echter een stuk lager door de soms gure wind. 

Vandaag doen we Aigues Mortes aan, de stad die haar bestaan te danken heeft aan Louis IX die een haven nodig had om op kruistocht te kunnen vertrekken. Aigues Mortes was trouwens de eerste Franse haven aan de Middellandse Zee, in een tijd dat het rijk van de Franse koningen veel meer versnipperd oogde op de kaart van Europa. Pas 200 jaar later, wanneer de Provence ook deel werd van Frankrijk, nam Marseille de rol van belangrijkste haven aan de Mediterrannee over. 

Aigues Mortes is nu vooral bekend van het toerisme en van de zoutwinning.

We beginnen onze verkenning met een wandeling tussen de vestigingsmuren. Het is een uitgestippelde route op een plannetje van de toeristische dienst die op zich weinig bijzondere plaatsen in de kijker zet. Verder dan enkele curiosa komen we niet. Het plannetje staat in een dikke gids van de stad waar ook de adressen van de osteopaten en de zelfstandige vroedvrouwen in staan. Als je dus krom loopt van verbazing tijdens het wandelen of je water breekt op de stoeprand, weet dan dat hulp een telefoontje verwijderd is. Het ding weegt met die halve gele gids aan info te veel om mee te zeulen. Een mens zou voor minder een kraker bellen.

Dan maar naar de toren van Constance, het meest opvallende deel van de omwalling van de stad en het enige overgebleven deel van het kasteel dat Louis er liet bouwen. Waarschijnlijk kregen ze het ding in de loop der jaren moeilijk afgebroken door de 6 meter dikke muren. Al een geluk dat de toren intact is gebleven. Hij bevat verschillende mooie ruimtes waar Roel Dieltiens voor een select gezelschap de volledige cellosuites van Bach zou kunnen spelen.  Vanop de toren heb je een weids zicht op de Camargue, de waterwegen naar de stad en de enorme zoutbergen.

Voor we aan de lunch beginnen, wandelen we over de anderhalve kilometer lange omwalling rond de stad. Ook in de verschillende torens ontdekken we pareltjes van architectuur. Hoe mooi zou het zijn om een muzikale estafette te organiseren van toren naar toren met de geschiedenis van de klassieke muziek? Nu worden ze jammer genoeg deels ingenomen door videoprojecties van een of andere lokale artiest die de stad zo gek heeft gekregen beamers te laten installeren om een waterpartijtje op de grond te laten verschijnen, of een vos op de muur voorbij te laten wandelen. Ze zouden de projectoren beter aan het lokale schooltje doneren.

Finn en Rune zijn vooral gebiologeerd door de wapengaten in de muren en de wc-openingen in de kleine 'huisjes' op de omwalling. 'Spetterpoep' als wapen, zo hadden we het nog niet bekeken. 

Op het centrale plein staat een groot beeld van Louis IX. De man heeft verdacht veel weg van de koning uit Shrek (niet geheel toevallig ook van een stad gelegen naast een moeras). Onder zijn goedkeurend toezicht liggen verschillende terrasjes waar je al het lekkers uit de omgeving kunt proeven. Het is ondertussen voorbij half 2. We laten ons leiden door een menukaart waar de zeevruchten vanaf spatten. 

Ik bestel een royale zeeschotel à la plancha met inktvis, dorade, zeewolf, mosselen, een halve kreeft, gamba's, en de rest wat uit de Middellandse Zee op te vissen valt. De aanduiding '2 pers.' mocht zeker bij op de menukaart staan want 6 uur later heb ik nog geen begin van een hongertje. 

De namiddag laten we het bewegen over aan een boot. Op advies van de toeristische dienst verkennen we de Camargue per boot. 

We gaan ambitieus op het dek zitten, de camera in de aanslag. De verwachtingen zijn hooggespannen bij deze watersafari. Uiteindelijk blijkt onze boot het kanaal op te draaien. 

Nu ja, geografisch gezien varen we effectief door de Camargue, maar de kans om beesten in hun natuurlijk biotoop bezig te zien is even groot als het spotten van reeën ter hoogte van Vilvoorde op de Brusselse ring. De beesten zouden wel gek zijn om geregeld gestoord te worden door het gepruttel van een voorbij drijvende boot met een te luid afgestelde luidspreker. De Camargue is groot genoeg om dit soort ellende te vermijden. En gelijk hebben ze.

Gelukkig hebben we ook bij de start van de boottocht een boekje gekregen met uitleg in het Nederlands. Een Nederlands dat weliswaar beter is dan een strakke vertaling door Google translate maar een taalkundige hoogvlieger is het zeker niet. Het is dan ook lachen met de 'tioletten' die zich achteraan in de boot bevinden, de bruggen die helemaal met de hand 'gereveerd' zijn, de rijstvelden die we kunnen 'waamemen', de 'to' die men is gaan heffen, en nog tientallen andere slordigheden. Zou dat niets zijn? In de zomer gites runnen en in de toeristisch kalmere periodes de brochures en toeristische gidsen van heel Frankrijk aan een Nederlandse taaltoets onderwerpen, uiteraard met een lekkere wijn in de hand.

Een meevaller in de twee uur durende rondvaart is de tussenstop waar we in de verte een kudde stieren zien genieten van de rust. Twee gardians te paard komen in draf de weide op. De stieren weten hoe laat het is en gaan alvast rustig naar de verzamelplek aan de rand van het gebied. De menners brengen ze echter tot vlak bij ons en tonen hoe ze schijnbaar zonder moeite elk individueel dier, maar ook heel de kudde krijgen kunnen waar ze ze hebben willen.

De terugreis naar de steiger verloopt via een iets andere weg. Waarschijnlijk wil de kapitein ons het botenkerkhof niet onthouden. Compleet verroeste, uitgebrande en vermemelde plezierboten, maar ook vrachtschepen liggen er troosteloos bij, op of zelfs in het water. De echte Camargue dus.

Wanneer we terugkeren naar de gite passeren we langs Château Virgile in Vauvert. Het domein krijgt twee terechte sterren in de Guide Hachette voor zijn eenvoudigste rode wijn die geen eik heeft gezien. De 4 euro die je ervoor neertelt, zijn een aalmoes voor de kwaliteit die je ervoor in de plaats krijgt. Ook de fruitige rosé en witte wijn (beiden aan 4 euro) lopen lekker binnen. We slaan 3 kartons in om ons te verzekeren van deftige wijn voor de rest van de vakantie. 

's Avonds wordt de raclettekaas boven gehaald en genieten we op de tonen van de Pink Panther van een onvervalst skihutgevoel. De kinderen lopen nu al twee dagen met het deuntje in hun hoofd dankzij de dvd-afleveringen van het roze beest die ze in de auto bekijken. Morgen toch eens zelf seizoen 2 van The A-Team insteken, denk ik.

21:33 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

05-11-13

Ma 28 okt 2013 - De dapperste Romeinen wonen in Antwerpen, euh, in Nîmes

 reisverslagen

Bij gebrek aan een haan kwaken de tuinkikkers zich schor om de bewoners van de mas uit hun bed te krijgen. Dat schijnt ze nog te lukken ook, want de buren zijn reeds vroeg uit de veren.

Als laatste, nog niet door Romeinen overmand Gallisch plaatsje in een Asterix-strip, blijft onze gite een oase van rust. We starten de werkweek met ons nog eens om te draaien wanneer de kinderen de slaapkamer uit zijn en zich vol overgave op de digitale speeltjes storten.

Ook het ontbijt op het terras heeft weer best veel weg van een brunch. Uiteindelijk komen we pas iets voor twaalven aan in Nîmes.

De dappersten aller Romeinen wonen in Nîmes, dat wordt ons althans diets gemaakt in een 3D-film in het Maison Carré, de best bewaarde Romeinse tempel die nu dus dienst doet als buurtcinema. De Nîmesiers kunnen de tempel en de andere monumenten van de stad gratis bezoeken. Het moet hun ijdelheid aardig strelen voortdurend te horen dat ze de besten zijn en te weten dat elke bezoeker er ook onomkeerbaar van overtuigd wordt na het zien van de film. De Nîmesianen zijn de Antwerpenaren van Frankrijk.

De batterij van de fotocamera is bijna leeg. Vannacht vergeten op te laden. We moeten dus op zoek naar een terras met stopcontact. Elk nadeel, heeft zijn voordeel. Met een glas rosé in de hand genieten we van de drilboren die het amfitheater renoveren. We laten de garçon een extra fooi voor de geleende elektriciteit en zetten onze tocht in volle bewondering voor de Nîmesische suprematie verder.

Het amfitheater van Nîmes, of de 'arena' voor de stervelingen die het verschil tussen een theater en een amfitheater niet kennen, is een van de best bewaarde Romeinse arena's. Met zijn 133 meter lengte en 101 meter breedte is het een imposant stukje architectuur dat de tand des tijds goed heeft doorstaan. In de middeleeuwen deed de site zelfs dienst als versterkte burcht. Het volledige interieur was in die dagen dat van een mini-stad met straten en woningen van verschillende verdiepingen. Tegenwoordig wordt de arena, net als die van Arles vooral gebruikt voor optredens, al dan niet met stieren.

Toch wel onder de indruk van de grandeur besluiten Rune en Finn om op het hoogste punt de volledige ommegang af te stappen.

Het ver gevorderde uur en de ondertussen staalblauwe hemel doen ons besluiten vandaag niet meer naar Aigues Mortes te gaan. Dat is voor een van de komende dagen.

We gaan naar de kust, opnieuw naar Saintes-Maries-de-la-Mer. Geen stierenrennen vandaag, wel good old fashioned strand- en zeeplezier. Hoge golven, surfen en schelpen, wat hebben jonge gasten nog meer nodig?

Ik duik ondertussen de Spar binnen op zoek naar een convenabel flesje witte wijn. Deze herfstvakantie heeft absoluut niet tot doel om net als anders met een serieuze wijnvoorraad terug te keren na vele succesvolle proeverijtjes. Daarom staan er niet direct degustaties op het programma. Toch valt 's avonds het gebrek aan deftig spul me zwaar. Ook de Sancerre van de Spar blijkt maar een mager beestje, ondanks de 8 euro 70 die ik ervoor neertel.

Morgen ga ik toch maar eens met de Guide Hachette op stap, denk ik. Het leven is te kort om slechte wijn te drinken!

17:59 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

04-11-13

Zo 27 okt 2013 - Stieren en paarden in de straten van Saintes-Maries-de-la-Mer

 reisverslagen

Vannacht zijn we overgegaan van zomeruur op winteruur. Een uur langer slapen. Rune denkt daar echter anders over en is al om 4 uur klaarwakker. Gelukkig is er de iPad en een pak boeken om de jongen stil te houden.

Het inslaan van wat eten, wilde gisteravond niet echt lukken, dus trekken we vanochtend opnieuw naar Saint-Gilles. Het is er markt. Tussen twee platanenrijen staan tientallen kraampjes met alles wat een Zoersels vakantiegezin nodig heeft. De markt trekt heel wat volk en is dan ook vooral dé wekelijkse ontmoetingsplek voor de Saint-Gillers.

Het is ondertussen bijna middag. In de grote antieke kast vinden we de uitzet die de voorbije decennia vlijtig bijeen werd gespaard door de eigenaars. Oud keukengerei zoals een weckpot, allerhande potjes en pannetjes met felrode bloemetjesmotieven, te veel gevaatwaste glazen die nu melkglasachtig ogen, purperkleurige glazen (!) borden en botte messen. Toch staat er ook hier en daar wat materiaal tussen van na de Val van de Berlijnse Muur. Het duurt dus even voor de tafel gedekt geraakt en dan nog zijn sommige keukenattributen onvindbaar, zoals een deftig broodmes. Echt wel noodzakelijk als je een baguette op een appetijtelijke manier wil verdelen. Met de botte keukenmessen is er geen beginnen aan, snijden lukt niet, drukken ook niet.

We champagnebrunchen met lokale specialiteiten als geitenkaas, paté van stier en worst met kastanjes op ons terras dat fijn verlicht en verwarmd wordt door laatzomerse zonnestralen. Het enige geluid is het gekwek van enkele watervogels en het gekwaak van de huisdieren van de mas.

De tuin zit vol kikkers, geen lelijke wratterige padden zoals ze bij ons geregeld binnen rond huppen, maar van die mooie groene met een gele rand. De beestjes zijn extreem beweeglijk en springen zonder moeite een halve meter in elke richting. De veralgde zwemkom is hun biotoop. Door een technische panne ligt het zwemparadijs er al een tijd bruingroen bij. Vreemd genoeg vinden Rune en Finn het niet erg dat ze niet kunnen zwemmen, ze zijn te veel gebiologeerd door de unieke fauna in en rond het zwembad en lopen daarom voortdurend met het fototoestel rond als een volleerde Dirk Draulans.

Terwijl de zon de temperatuur vlot richting 25 graden trekt en het zelfs heet wordt op ons terras horen we opeens gerommel in een emmer. De eigenares begint aan de olijvenpluk van de bomen in de tuin. Al snel staan Rune en Finn mee te plukken. In geen tijd heeft ze enkele emmers vol die ze naar de coöperatieve zal brengen. Binnenkort heeft ze weer olijfolie uit eigen streek. Ook met druiven gebeurt hetzelfde in zowat heel Frankrijk. Wie te veel wijnranken heeft staan om de druiven zelf te consumeren in een fruitsla, maar te weinig om zich wijnboer te noemen, brengt zijn druiven naar de coöperatieve die er volleerde wijnmeesters op zet om er lokale godendrank van te maken. In ruil voor de donatie in natura krijgt elke participant een deel van de opbrengst. Veel moeilijker moet het leven eigenlijk niet zijn, toch?

Arles, de stad van Van Gogh, ligt er verlaten bij vanmiddag. Het is er rustig kuieren. Slechts één bus Japanners kruist onze weg ter hoogte van het amfitheater, net op het moment dat ik mijn huisgenoten en geliefde fotomodellen oproep voor een gekkebekkenfoto. Daar gaat bij terugkomst in Fukushima-Oost nog serieus mee gelachen worden denk ik, want iedereen was vlijtig aan het flitsen en filmen.

Rune en Finn zijn ondertussen the worst nightmare van de duiven die ook op een gezapige zondagmiddag ter hoogte van de Saint-Trophime hadden gerekend. Ze spurten als losgeslagen honden achter de vliegende vlooienbakken. Met een korte wandeling langs de Rhône en een glas op een terras proberen we de kids te kalmeren, want even later zullen we een optreden van een 'magicien' bijwonen in het hospitaal waar Van Gogh verbleef nadat hij een stuk van zijn oor had gesneden.

De 'magicien' blijkt uiteindelijk een 'mentaliste' te zijn, een soort van Gili, iemand die het dus vooral van taal en mentale misleiding moet hebben. Een optreden van meer dan een uur in het Frans met weinig visuele afleiding lijkt ons voor de jongens net iets te hoog gegrepen. We passen dus onze plannen aan en rijden door naar de kust.

In Saintes-Maries-de-la-Mer is het relatief druk voor de tijd van het jaar. Er is heel wat volk op het strand, vol in bewondering voor de natuurkracht. De zee beukt zwaar in op de kustlijn, het water staat op sommige plaatsen tot bijna aan de kunstmatig aangelegde rotswand die het plaatsje moet beschermen tegen extreem hoog water.

We wandelen langs de vloedlijn wanneer we in de straten van het dorpje paarden zien galopperen. Er klinkt muziek op de achtergrond. Net vandaag blijkt het dorpje in de ban van de stierenrennen. Onder begeleiding van getrainde ruiters worden stieren door de straten van Saintes-Marie-de-la-Mer gejaagd. Met een rotvaart passeren de beesten. Ze komen vervaarlijk dicht bij de toeschouwers. Een ruiter zet een tandje bij en geeft zijn paard de sporen. Gensters schieten van de hoeven als het metaal het asfalt raakt.

Het is mijn derde keer dat ik het dorpje bezoek en nu pas valt me voor het eerst de moderne arena naast de kustlijn op van waaruit de stieren de menigte in worden gedreven. Een spektakel dat echt een omweg verdient.

Door de wintertijd valt de nacht vroeger dan gebruikelijk. Rond zes uur gaat de straatverlichting aan, maar de restaurants zijn dan nog lang niet open, toch niet voor hongerige toeristen. Om zes uur eet het keukenpersoneel. Wij doen ons te goed aan een bordje tapas op een terras, terwijl we kaartjes schrijven naar het thuisfront.

De voorspelde storm thuis, leidt tot Schadenfreude bij de kinderen. Ze kunnen het niet laten om het er eens goed in te wrijven dat het hier wel lekker weer is. Geniet van de storm!

We eten lekker en spotgoedkoop in een eenvoudig restaurantje in het dorp: Le Camargue. Drie gangen nemen we en we zijn inclusief wijn nog geen 80 euro kwijt. Toch zijn we, naast twee andere tafels de enige gasten. Komt het door de tijd van het jaar of door het overaanbod aan eetgelegenheden in dit hypertoeristische badplaatsje?

Rond half negen rijden we op de tast terug naar ons huisje vlakbij Arles. Dikke pakken mist hebben de Camargue ingenomen. Op sommige plaatsen zien we geen meter voor ons uit. We rijden net op de bodem van een melkzee.

18:00 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook

03-11-13

Za 26 okt 2013 - De Camargue? Je ruikt er niets meer van.

reisverslagen

Met deze week Frankrijk erbij zal ik dit jaar in totaal 31 dagen in mijn geliefde land vertoeven. 1 op 12 maanden. 25 dagen meer dan onze eerste Frankrijkreis vijf jaar geleden.

Ondertussen is er heel wat veranderd. Finn dut niet meer de hele rit naar het zuiden, maar is net als zijn broer de hele tijd paraat. De tv'tjes zijn er nog steeds, maar in plaats van te moeten negotiëren over een derde keer Bumba of dan toch Platvoet op de schermpjes van tante Nadine kunnen ze nu elk hun eigen film bekijken. Rune is ondertussen aan een ander soort films toe en kijkt met enig jolijt Titanic uit. "Whoopie! bommetje!" horen we op het ogenblik dat de cruiseliner wegkolkt en de laatste stervelingen het ruime sop induiken.

De nieuwe A6 heeft naast een mediacenter met een iPhone-aansluiting voor Spotify nog wel andere snufjes. De gps waarschuwt voor fileleed, berekent alternatieve routes en toont alle nuttige plaatsen op een overzichtelijk scherm. Zeer handig, maar er zijn ook tekorten. Zo kan hij niet rijden zonder ingeklikte gordel (zelfs geen halve meter), geeft hij geregeld 'pauzeadvies' (Waar bemoeit die gps zich eigenlijk mee?), terwijl de aanduiding van vaste en mobiele flitscamera's blijkbaar optie is. 

Deze week nog liet premier Di Rupo zich betrappen met een Coyote-bakje op zijn dashboard. Die avond heb ik in de iTunes-store de app van iCoyote gedownload. De app geeft alle vaste en mobiele flitsers aan dankzij de inbreng van een hele community. Op het scherm kun je zien hoeveel stervelingen er in je buurt rondrijden met een Coyote-systeem in hun wagen. Op een bepaald moment zit ik bijna op 100 man in een straal van 3 km.

Toch is zo'n bakje, of in mijn geval zo'n app, niet volledig legaal. In een land als Frankrijk dat zo goed is uitgerust met autostrades is dat jammer. Frankrijk laat je betalen om het asfalt te beroeren, een kleine 60 euro aan péage betaal je voor een trip richting Arles. Voor dat geld zouden ze alle flitscamera's in de verpakking moeten laten zitten op dat traject. Het is het een of het ander. Ofwel leg je autostrades aan à la Belgique met verkeersonveilige punten om de 300 meter zodat je overal camera's moet neerpoten om het gebrek aan infrastructurele visie te compenseren en het geheel toch nog iets of wat verkeersveilig te laten verlopen. Ofwel leg je een zoveelvaksbaan aan naar de zon waar je op een veilige manier toch aan 150 of 160 de gps-inschatting van de aankomsttijd kunt challengen. We komen na 10 uur aan op de vooraf uitgerekende aankomsttijd, maar zijn ondertussen wel twee keer gestopt. 

70 minuten maken we goed onderweg, heerlijk cruisend langs de steeds groener wordende begroeiing naast de weg. In de Ardennen ogen de bomen herfstig met een schitterend geeloranjebruin kleurenpallet, maar vanaf de Bourgogne rijden we een andere wereld binnen, zo eentje waar de seizoenen geen vat op lijken te hebben, opgetrokken uit 50 tinten groen.

We rijden de Camargue binnen. Naast de weg verwelkomen zwarte stieren met grote horens ons bij een ondergaande zon. Veel idyllischer kan het niet worden. De gite ligt blijkbaar bij het begin van het grote natuurgebied, letterlijk in the middle of nowhere. We volgen de verlaten weg. Na zo'n 8 kilometer zien we eindelijk de Mas Saint-Césaire. Het is een enorm gebouw waar naast de eigenaars en de vakantiegasten ook seizoensarbeiders een vaste stek hebben. 

De zoon des huizes geeft ons een korte rondleiding. Het interieur doet rustiek aan, maar is op zich best ok. We hebben zelfs onze eigen open haard, een kinderslaapkamer met twee stapelbedden, een elektrische relaxzetel en een aparte berging met allemaal deurtjes die veel weg hebben van de vitrines uit De Juiste Prijs. Wat zit er achter vitrine nummer 2, Pierre? Wel, vanaf morgen de vuile was, Jan. Bedankt om er even naar te informeren.

Ondertussen is het even over zeven en moeten we dringend op zoek naar proviand. De jongeman wijst ons richting Saint-Gilles, een dorpje vlakbij. De lokale Intermarché, Lidl en Contact blijken echter al dicht wanneer we de parking oprijden.

'Chez Tony' ziet er het minst marginale eetadresje uit tijdens onze wandeling langs de uitgestorven lokale horeca die overwegend bestaat uit door neonlichten opgelichte pita-, kebab- en pizzatenten waar de gezelligheid en de vetresten broederlijk samen van de muren druipen, terwijl een lokale hitzender voor de bijpassende beats zorgt.

Bij onze vriend Tony zijn de tafels gedekt, dat is alvast een pluspunt. De man heeft zelfs een investering gedaan door een container leisteen te laten verzagen als onderlegger. Toch wordt Tony's tent ook ontsierd door allerhande elektronica die uit hun natuurlijke biotoop zijn geplukt. Hoe verklaar je anders de grote ijskist met 'vers' schepijs die nog zoveel jaar in een ijsbar had moeten staan, of nog erger, de schijnbaar ondertussen obligatoir geworden flatscreen die voor bewegend beeld moet zorgen tijdens het eten. Als je date toch niet de spetter blijkt die je in gedachte had, kun je nog steeds even opkijken van je disgenoot en het weer checken, lachen met een soort van Funnymals of alvast inspiratie opdoen voor de feestdagen op een of ander shopkanaal. Wij hadden minder geluk: in beeld kwamen alleen enkele uitgeprocedeerde ziekenhuispatiënten met allerhande exotische ziektes die je spijsvertering op hol brengen tijdens een gezellig etentje.

Dat heeft zo'n zaak toch niet nodig. Het eten is er immers best ok: de grote gevarieerde pizza's en de tagliatelle met zeevruchten vallen zeker in de smaak. Met een beetje begeleiding zou dit een topzaak in zijn genre kunnen worden. 

Wanneer we opnieuw de gite binnenkomen, mept de Febrèze ons wakker. Overal staan er luchtverfrissers, maar geen enkele helpt de wereld er echt op vooruit. Meer dan de onderliggende duffe geuren maskeren doet zo'n product niet en wat je er van geurtje voor in de plaats krijgt, is zo dominant aanwezig dat je gerust mag spreken van een overdosis Febrèze. De geurbakjes die we kunnen uitzetten, zetten we uit, de andere zetten we buiten. We zijn ons bewust van de mogelijke impact op de lokale fauna en krijgen door de geuren visioenen van duizenden flamingo's die de andere kant van de Middellandse Zee opzoeken, paarden die op hol slaan en stieren die uit hun omheining willen beuken. 

Afsluiten doen we op het terras. Het is nog steeds 20 graden. De zwoele zeewind nemen we erbij.

 

13:48 Gepost in Algemeen | Commentaren (0) | Tags: reisverslagen |  Facebook