18-09-06

Straffe Strangers

In de rubriek ‘Wie ben ik’ leer je me beter kennen aan de hand van anekdotes, korte tekstjes en verhaaltjes.

 

De muziek van de Strangers heb ik al vroeg leren appreciëren. In de platenkast van mijn ouders zaten naast een paar kerst-elpees, een verzamelalbum van Benny Neyman en wat instrumentale platen ook enkele schijfjes van de Strangers. ‘Den dopper’ en vooral ‘De broek van grootmoemoe’ stonden dan ook geregeld op omwille van de geestige teksten en de leuke kwinkslagen.

 

Toen de Strangers begin jaren 90 een keer voor het Blok optraden heb ik ze een aantal jaren niet meer beluisterd. De persaandacht voor deze uitschuiver was dan ook enorm. Ze werden verguisd en ik deed hieraan (onbewust) mee.

 

Pas enkele jaren later, toen de storm was gaan liggen en de leden van de groep de kans kregen om hun versie van de feiten te geven, werd ik opnieuw gecharmeerd door hun teksten en kon ik een en ander beter kaderen. Alle leden van de groep geven nu trouwens duidelijk te kennen dat ze geen aanhanger zijn van het ideeëngoed van het Blok: Nest komt op voor de N-VA, John steunt in Antwerpen de campagne van Patrick Janssens, enz.

 

Toen alle liedjes van de Strangers uitkwamen in een prachtige collector’s box, was ik een van de eersten die een bestelling plaatste. Naast de echte klassiekers heb ik er enkele pareltjes in gevonden die ik nog nooit eerder had gehoord. Alle tracks staan in chronologische volgorde en vormen op die manier een muzikale reis door onze recente vaderlandse geschiedenis.

Surf alvast naar
www.destrangers.org voor de songteksten van ‘Was me dat e feestje’ en ‘t Pelse beremutske’.

Verslaafd aan ‘The A-team’

In de rubriek ‘Wie ben ik’ leer je me beter kennen aan de hand van anekdotes, korte tekstjes en verhaaltjes.

 

 

Ik was een jaar of 8, een leeftijd waarop de meeste jongens gek zijn van auto’s, vliegtuigen, kranen en ander fijn tuig. Op een herfstavond kwam al dat lekkers in minder dan één minuut op het scherm: het begon met een helikopter waar soldaten uit sprongen, daarna volgden auto’s die gebouwen binnenreden, enorme bouwkranen en een jeep die over de kop ging. Het was de intro van … The A-Team.

 

Vanaf die dag was ik gebeten door de ‘The A-team’-microbe. Ik heb elke aflevering ondertussen al minstens vier keer gezien en blijf er tot op de dag van vandaag aan verslaafd.

 

Toen ik in het derde leerjaar van de basisschool zat, vertelde meester De Koninck op een ouderavond aan mijn ouders dat ik toch wel érg opging in het programma. Als voorbeeld haalde hij het carnavalsfeest aan: iedereen was verkleed als cowboy of indiaan, ik ging die dag door het leven als ‘Hannibal van The A-Team’, compleet met grijs geverfd haar, een nepsigaar en een persoonlijk tot mitrailleur omgebouwde siliconenspuit. Het was voor hem reden genoeg om mijn ouders de les te spellen. Gevolg: ik mocht niet meer naar ‘The A-team’ kijken!

 

Misschien is het daar misgelopen. Misschien komt het door het verbod om te kijken, dat ik er nog meer aan verslingerd ben geraakt. Ik ben immers stiekem blijven kijken (bij de buren, bij speelkameraadjes), en niet alleen naar de versie die op de TROS werd uitgezonden; ook de in het Frans gedubde versie op TF1 met een gezongen (!) intro kreeg mijn onvoorwaardelijke aandacht.

 

Dat ‘The A-team’ me is blijven achtervolgen, blijkt uit onderstaand onvolledig overzicht:

- ik was een van de eerste Vlamingen met een dvd-recorder met harde schijf, alleen maar om één programma voor het nageslacht te kunnen vereeuwigen.

- ik ben een tijd projectleider geweest in een ICT-bedrijf, in navolging van Hannibal Smith, de leider van … die bij velen nog steeds bekend staat van de uitspraak ‘I love it when a plan comes together’

- toen ik in een vorig leven een nieuwe ‘cluster’ moest oprichten in een bedrijf was het volgens de logica van het bedrijf logisch dat deze het volgnummer 18 zou krijgen aangezien er al 17 andere clusters waren. Ik ben het bij de directie gaan bepleiten om niet te spreken over ‘Cluster 18’ (de zoveelste op rij), maar wel over ‘Cluster A’ (de start van een nieuwe wending voor het bedrijf). De A komt van …  

- de ringtone op mijn gsm is nog steeds die van …

06-09-06

Dertig hete zomers geleden

In de rubriek ‘Wie ben ik’ leer je me beter kennen aan de hand van anekdotes, korte tekstjes, verhaaltjes en bedenkingen.

1976. Zo maken ze geen zomers meer. Bloedheet en geen druppel regen van mei tot september. Ergens middenin die hitte pufte mijn moeder zich op 30 juni een weg naar het ziekenhuis om mij deskundig op de wereld te zetten. Op een kleine transistor klonk Music van John Miles. Het was de tijd van de muziek die men later 'fout' is gaan noemen.